Liefde zaaien waar haat groeit

De verschrikkingen in Irak rollen dagelijks over mijn televisiescherm. Soms pink ik een traan weg, het zal jou niet anders vergaan. Het is moeilijk om erover na te denken. Vrienden aan de telefoon zeggen “verschrikkelijk”, en op de site van Kerk in Actie staat de roep om voorbeden. Ligt het aan mij dat ik dit allemaal wel erg goedkoop vind klinken? “Verschrikkelijk” en “we zullen het voorleggen aan God”. Zo blijft het iets wat niet met ons, of met mij te maken heeft.

Ik denk terug aan de gesprekken die ik voerde met twee jonge mannen uit Afghanistan. Zogeheten geloofsgesprekken, waarvan een rapport wordt gemaakt, omdat de IND niet overtuigd is van het feit dat ze zich hebben bekeerd tot het christendom.

Bizarre verhalen


Eén van de mannen zei: “Ik ben in een Afghaans moslimgezin geboren in een moslimland. Omdat wij in een dorpje woonden was men erg streng. Wij moesten de islam praktiseren, er was sociale controle en fanatieke mensen die controleerden of wij ons wel aan alle regels hielden. Ik ging ook naar de moskee, maar daar werd Arabisch gesproken dus ik begreep er weinig van. Ook mijn kennis van Farsi en Dari is gebrekkig. Ik ging ook naar bijeenkomsten waar werd gezegd dat je naar de jihad moest.  Als je zeven sjiieten vermoordt, dan kom je in het paradijs. Ook door het vermoorden van één heiden kom je in het paradijs;  het vermoorden van een heiden staat gelijk aan het bekeren van 600 mensen.  Ik hoorde meer bizarre verhalen, maar in die tijd waren ze niet bizar, maar gewoon“.

Angst
Verder bleek uit zijn verhaal dat hij in angst opgroeide: angst voor de taliban, die zijn vader vermoorden, angst voor Allah die elke fout zou wreken. En hij vertelde over zijn verbazing toen hij in een kerk in Nederland hoorde dat er voor andere landen en voor andere geloven werd gebeden terwijl hij  was gewend dat christelijke landen werden vervloekt.
Als de verschrikkingen van IS over mijn scherm rollen denk ik aan al die kinderen die opgroeien te midden van oorlogsgeweld. Harten van kinderen waarin misschien haat wordt gezaaid. Ook in christelijke stammen in Afrika. En ook, nog maar kort geleden, in Srebrenica.

Liefde zaaien
Mijn Afghaanse gesprekspartner hield van het bijbelgedeelte over de overspelige vrouw. Het verhaal dat niemand de vrouw kon stenigen, omdat niemand zonder zonde was. Misschien heeft dat met ons te maken: dat wij in IS zien hoezeer onze menselijke trekken uit de hand kunnen lopen. Dan is het niet meer ver weg, maar (potentieel) deel van ons eigen mens-zijn. Dan zijn we er slechts voor behoed om zelf als de mensen van IS te zijn. Dan krijgt ons gebed een diepere laag en moeten we vragen hoe wij liefde kunnen zaaien op plekken waar haat groeit. Ook de strijders van IS zijn onze broeders, (en zusters) niet in geloof, maar wel in mens-zijn, geschapen naar Zijn beeld.

Foto: Evan Leeson