Gelovigen, pas een beetje op met je kinderen!

 

Afgelopen zondag belandde ik door 70% toeval en 30% beroepsdeformatie bij de ‘Mars voor Jezus’ in Rotterdam. Voor een twitterverslag. In dat uur ontmoette ik medemensen met een zorgelijk verstoord wereldbeeld. De organisator verkondigde per megafoon dat je je heil niet bij dokters of psychiaters moest zoeken, maar bij Jezus. Een vrouw gaf aan dat God haar had verteld dat de eindtijd in september zou beginnen, omdat ‘de paus dan iets belangrijks in Amerika gaat doen’.

Pijnlijk hieraan was voor mij dat ik veel van dat absurde jargon nog goed herkende van mijn tienerjaren. In die periode was ik in staat geweest om niet-ironisch aan deze optocht deel te nemen. Maar ik, als puber, had (de illusie van) een vrije keuze. De kindjes die ik tussen dit handjevol mensen zag marsen waren jonger dan 10…

marsvoorjezus

Wereldvreemd

Dat is wat je doet als je gelooft dat de wereld naar de hel gaat tenzij we ons allemaal snel tot Jezus bekeren: je sleurt je zoontje mee. Je geeft hem een Jezus Leeft shirt, een spandoek en christelijke foldertjes die hij zelf nog amper kan lezen. Je rekruteert hem zo gauw hij kan lopen en praten voor het Leger van de Heer.

Op maandagochtend vraagt de juf aan de kleuters wat zij met hun weekend hebben gedaan. Tussen de zwembaden, dierentuinen en verjaardagen wacht één knulletje op het: ‘En jij, Danny?’. Welnu, Danny heeft twee keer rond de Blaak gelopen en willekeurige voorbijgangers verkondigd dat hun huidige levensstijl zal leiden tot een hels hiernamaals. Ik heb te doen met Danny. Ik vind dit kindermishandeling.

Zij weten nog niet wat ze doen

Danny heeft zondag groteske, soms angstaanjagend wereldvreemde uitingen gedaan. Danny liep mee in een sektarisch scanderend groepje mensen met sjofars. Behalve zijn eerste mediaverschijning was dit ook een vroege herinnering, met een extremistische geloofsinhoud die zijn psyche onvermijdelijk diep en blijvend zal doortrekken.

Met het risico mij nu op andermans vakgebied te begeven: concepten die je in de jongste jaren in het hoofdje van een kind plant, zijn het meest hardnekkig. Vanuit die kern vormen zij hun wereldbeeld wanneer ze opgroeien. Daarnaast is de beslissingsbekwaamheid, het kunnen overzien van de gevolgen van je daden, een hersenfunctie die pas rond je 25ste schijnt te zijn volgroeid. Simpel gezegd: Danny’s zondagmiddag komt volledig op het conto van zijn ouders. De vaderen aten onrijpe druiven en de kinderen hadden stroeve tanden.

Voorzichtig met je kroost!

Ik vrees voor Danny, zijn zussen en hun lotgenoten. Kunnen zij straks functioneren in de ‘boze wereld’, op school, in de dating- en arbeidsmarkt, of zitten de ongekozen denkbeelden uit hun opvoeding dan fundamenteel in de weg? Als zij deze Jezus ooit zouden willen verlaten, krijgen zij hem dan echt uit hun denkwereld of wordt de Messias hun levenslange psychische worsteling?

Natuurlijk liggen dezelfde risico’s op de loer bij kinderen van Feyenoord-hooligans of ouders met radicale politieke ideeën. Maar dit is mijn subcultuur, dit was mijn zondag, en ik gun de Danny’s van deze wereld bescherming. Ouders met min of meer extreme opvattingen, geef je kind de ruimte. Zodat het later voor zichzelf angst en hoop, ellende en verlossing kan ontdekken. Hoe contra-intuïtief dit ook is, want je wilt het beste voor je kind. Maar geloof me: wat het beste is voor jou is, is niet per definitie het beste voor de hele mensheid – of je eigen zoontje.