‘Ik weet of je deugt of niet’

We plakken stickers op ons eten. Want dan weten we tenminste wat erin zit, en of we het nog kunnen eten. Zo wordt het ons geleerd. Gewetensvol bekijken we de verpakking: verwerkt in een fabriek waar ook noten verwerkt worden.  ‘Nee, te riskant, de kleine zou maar in shock raken.’ Zo speuren wij de koelkast af. ‘Deze ham, kunnen we die nog eten? Nee, houdbaar tot 20-8-2014, weg ermee.’ De stickers vertellen ons wat we kunnen vertrouwen. De gevolgen laten zich raden. Hoe sterker we leunen op stickers, hoe meer onze zintuigen naar de achtergrond verdwijnen. Geen neus meer in het pak melk, geen blik meer op de groene randen van de vleeswaren. De stickers weten het vast beter, de data zeggen hoe het werkelijk zit. En zo zijn we veilig. Zo zijn we zeker.

Troep die ik kan vertrouwen
Maar op een dag sta je met een handvol beduimelde bankbiljetten op de markt in Bangkok, overweldigd door de hitte, de kleuren en geluiden, en boven alles: de stank. Vlees hangt aan karkassen, dubieus ongedierte krioelt in smerige bakken, onbekende groenten liggen slordig uitgestald. Niemand kent de woorden om jou gerust te stellen. Wat het precies is, hoe je het moet eten en of het wel veilig is. De Thai doen niet aan stickers. De eerste dag vlucht ik naar de McDonald’s. Die hebben ze hier ook. Hoewel ik ook hier de woorden niet kan lezen, koester ik de vertrouwenwekkende geel-rode lelijkheid van het logo. En ik eet die dag voor het eerst, omdat ze hier tenminste troep verkopen die ik kan vertrouwen. Zo doe ik dat twee dagen lang en staar ik naar buiten, naar de bedreigende markt.

Ik weet of je deugt
Zo leven wij bij voorkeur met elkaar. Geef mij je sticker en ik weet of je deugt. Zo doen christenen dat onderling: wat vind jij van homo’s, van de bijbel, van dit en van dat? Afhankelijk van het antwoord weten we of we onze neus moeten ophalen of niet. Wel zo veilig. Wel zo zeker. Maar echt proeven doen we niet meer. Maar wat nou als we het gesticker eens zouden vergeten? Wat nou als blijkt dat Samaritaan en Jood beiden mensen zijn die mijn liefde en aandacht verdienen? Wat nou als ik gewoon eens praat en huil en geloof met iemand buiten mijn clan? Wat zou er dan gebeuren? Zei Jezus daar niet iets over, iets met het rijk van God dat dán zou aanbreken?

Nieuw leven
Ik reken af bij de McDonald’s en steek de straat over. De markt is nog in volle gang. Ik begin te wijzen naar wat ik wil hebben. Alleen vers gepeld of vers gekookt, weet ik nog als vuistregel. Maar het voelt zo onveilig, het voelt zo onzeker. Ik kijk, ik voel, ik ruik en ik proef alles wat me voorgezet wordt. Er gaat een wereld voor me open. Ik weet niet wat ik eet. En ik eet met vrees en beven, en geniet. Mijn nieuwe leven is begonnen.

Foto: Killerturnip


Deze blog verscheen al eerder (september 2014) op Zinvloed