Niet alle kerkverlaters zijn slachtoffers

Het is een lange serie romans die telkens over hetzelfde gaan. De bekendste laatste twee waren Knielen op een bed violen van Jan Siebelink en Dorsvloer vol confetti van Franca Treur, allebei ook verfilmd. Vergelijkbare verhalen zie je regelmatig in de media terugkeren: portretten van mensen die zich manhaftig uit hun kerkelijke verleden hebben losgeworsteld, met als interessantste voorbeelden natuurlijk die in kerkelijke kring zelf worden verteld: de interviews van Tijs van den Brink in Adieu God en weblogs als Goedgelovig, en Dwaze Schare.

Veel van deze verhalen volgen het bevrijde-slachtoffer-narratief. Iemand wordt onderdrukt in een beknellende omgeving, ontdekt langzamerhand de wereld daarbuiten en weet zich uiteindelijk te bevrijden. Het verleden blijft nog wel hier en daar achtervolgen, maar het nieuwe leven is geweldig.

Diverse minderheden volgen dit narratief. En er bestaan inderdaad nogal wat slachtoffers, ook van ‘de kerk’. Tegelijk heeft dit bevrijde-slachtoffer-narratief zijn eigen problemen en kan het juist zelf weer onderdrukkend worden. Dit las ik bijvoorbeeld onlangs op een website die zich bevolkt met kerkverlaters. Het gaat om bio van een auteur van enkele blogs daar:

*** is afkomstig uit een (zoals in die kringen gebruikelijk!) groot Gereformeerd Vrijgemaakt gezin, maar mag zich nu met recht ervaringsdeskundige noemen op het gebied van geloofsafval.

Ironisch genoeg was het destijds juist de opstelling van de kerkenraad die onbedoeld de aanzet tot haar uiteindelijke bevrijding zou gaan vormen. Toen ze namelijk op 21-jarige leeftijd in serieuze problemen verkeerde, vormde de starre opstelling van die kerkenraad – allen mannen uiteraard, die hun dogmatisch gelijk boven haar persoonlijk welzijn stelden – aanleiding tot de bezinning die uiteindelijk tot bevrijding uit dit alle humane gevoelens verstikkende milieu zou leiden.

Want zelf nadenken kon ze, zoals *** nu, vijftien jaren later, duidelijk laat zien in het weblog waarop ze haar ervaringen met anderen wil delen. Tot steun en bemoediging van allen die in dezelfde gewetensnood verkeren als zijzelf destijds!

Ik vervang haar naam door *** omdat ik geen behoefte voel iemand persoonlijk te bekritiseren, maar ook omdat het verhaal zo inwisselbaar is. Het volgt een structuur die ik al honderden keren heb gezien. Haar milieu was ‘verstikkend’, met de nodige kleurrijke details, maar gelukkig heeft ze ‘bevrijding’ gevonden en nu is ze een moderne Nederlander. Deze bio zou zo een achterflap van een nieuwe Maarten ‘t Hart kunnen zijn.

De vraag is waarom iemand z’n levensverhaal op deze manier ‘framed’. De feiten van iemands leven zijn vele malen complexer en worden hier nogal ‘aangezet’. Ik kom zelf uit die vrijgemaakte kringen (en ben daar een afvallige uit) en weet bijvoorbeeld dat de gezinnen daar zelden groter dan gemiddeld zijn en dat dit milieu allerminst ‘alle humane gevoelens verstikkend’ is.

In de verhaalanalyse wordt meestal gesteld dat mensen de narratieve modellen gebruiken die in hun cultuur populair zijn. Dat zijn de mallen waarin ze hun ervaringen gieten. Nu zijn er in onze cultuur vele opties, maar het bevrijde-slachtoffer-narratief is een zeer krachtige: het is een van de enige soorten verhalen waartegen nauwelijks verzet mogelijk is. Wie kritiek uit op zo’n verhaal behoort vrijwel automatisch tot het kamp van de daders. Zelfs wie zo’n verhaal alleen maar onderzoekt (zoals ik hier) kan ervan beschuldigd worden het slachtofferschap te verergeren. Dat zou in elk geval een voorspelbare reactie op deze blog zijn.

Weer, dat betekent niet dat er geen slachtofferschap bestaat. Maar mijn zorg is dat dit narratieve model zelf te dwingend is geworden. In de talloze gesprekken die ik met kerkverlaters heb gevoerd (en nogmaals, ik ben er zelf eentje) heb ik gemerkt dat het lastig is om de veelheid van onze ervaringen in een andere versimpeling dan deze te gieten. Dat zag ik ook weer gebeuren in een bundel van ex-vrijgemaakten waar ik aan meewerkte. Daarmee verdwijnt er ruimte voor andere of complexere ervaringen dan bevrijd-worden-uit-slachtofferschap.

Ik hoop daarom dat er andere narratieven toegankelijker worden om te spreken over kerkverlating en om je levensverhaal in te gieten. We moeten worden bevrijd uit het seculiere bevrijdingsverhaal – die overigens, o dubbele ironie, van joods-christelijke oorsprong is.

 

Beeld: Elijah Hail