Tijd voor een nieuw Onze Vader

Tijd voor een nieuw Onze Vader

Het Koninkrijk. Man, dat was me wat. Paarlen poorten, dachten we. Uit edelstenen gehouwen poorten betekende dat. En gouden straten. En voor ons dan een eigen plekje in die stad. In de hemel. En zingen enzo. En blij zijn. Zonder einde. Een wonder in zichzelf dat zingen zonder einde en blij zijn samen zouden kunnen gaan. Het hele idee van die hemel was dan een soort aarde, een plek waar we zouden zijn als alles was vergaan. Met alleen maar gelovigen. De elementen van de aarde waren dan brandend in vuur vergaan. De maan was dan bloedrood uiteengespat, voor eens en altijd onder. De zon veranderd in een zwarte haren zak. Een uiterst smerig beeld voor een puberbrein, maar het serieuze domineesgezicht dat erbij getrokken werd, deed het grinniken dan snel vergaan. De wereld zou uiteenspatten, dat was het idee. Catastrofaal en finaal.

Branden in de hel
Alle oorlogen, atoombommen, doorlekkende ozonlagen – het waren voortekenen van het einde. De gelovigen zouden van de brandende aardschotsen worden gered. De anderen ook – denk ik –  maar dat wist ik niet zeker. In elk geval zouden zij daarna branden in een hel. De locatie daarvan was ook onzeker. Net zo ver van hier als de hemel. Hier was alles weg. Het catastrofale einde van een schepping die zo mooi begon.

Hemelse ideeën worden werkelijkheid
Maar toen waren daar opeens John Howard Yoder, Stanley Hauerwas en uiteindelijk bisschop N. T. Wright. Theologen die mij door hun teksten vroegen of ik zeker wist dat ik de Bijbel had gelezen en niet een of andere middeleeuwse roman. Want mijn ideeën kwamen in de echte Bijbel niet voor. De hemel was het Koninkrijk van de hemel, doceerde bisschop Tom. En ‘van de hemel’ stond er alleen maar omdat een zichzelf respecterende Jood als Mattheus de naam van God niet zou noemen. Dat Koninkrijk gaat niet over een locatie, over een leven na dit leven, maar over een politiek alternatief voor de huidige chaotische, en vaak gewelddadige regering van déze aarde. Het gaat erom dat de ‘hemelse’ ideeën over de aarde werkelijkheid worden, een vereniging van boven en beneden. Een nieuw bestuur.

Politieke aardverschuiving
Mijn oren klapperden en mijn theologische vooronderstellingen ook. De aarde zou niet meer vergaan? En al die ronkende beelden dan en die smerige haren zak? Wel, zo’n haren zak is een metafoor, gaat bisschop Tom voort. Zoals wij kunnen zeggen dat er een aardverschuiving plaats heeft gevonden in Den Haag na een onverwachte verkiezingsuitslag. Dat is niet letterlijk, dat is politiek. De profeten kondigen een politieke omwenteling aan. En een forse. Een catastrofale. En die vindt ook plaats. In 70 na Christus wordt het laatste bolwerk van het gelovige, hoopvolle jodendom met de grond gelijk gemaakt. De tempel wordt volkomen verwoest, de hemel reageert niet en de aarde blijft alleen en donker achter. Dat is een match met de apocalyptische teksten.

Bevochten vrede
En die wederkomst dan? De Heer die ons meeneemt op de wolken en meer van dat soort fijne Amerikanismen? Er wordt niemand meegenomen, lieve gereformeerde theoloog. Er komt iemand terug die dan wordt binnengehaald als de wettige koning, als ooit de terugkeer van de koninklijke familie op 2 augustus 1945. Er is namelijk al vrede bevochten en gewonnen.

Een nieuw Onze Vader
Ik stel dus een nieuw Onze Vader voor. Omdat ‘Uw Koninkrijk Kome’ verouderd is. Het is al begonnen, vanuit de hemel. Het Koninkrijk van Wilhelmina was ook nooit weg in oorlogstijd. Er was alleen sprake van bezetting. En verzet.

Ik heb geen roze bril op als ik zeg dat het Koninkrijk begonnen is. Ik ben op Lesbos geweest. En mede de Vluchtkerk begonnen. Kanker, dood, angst, strijd, wanhoop, depressie, drugs en te veel drank zijn om de hoek in familie en kenniskring. En toch. Dit is mijn voorstel:

Onze Vader, die aan de knoppen zit,

uw naam is eer bewezen

uw Koninkrijk is begonnen,

uw wil heeft plaatsgevonden, zoals dat allang gebeurde in die hemel, nu ook eindelijk op aarde.

Dank voor het dagelijks brood,

en dat onze schuld vergeven is.

U hebt ons bewaard voor de verzoeking

en ons verlost van de almacht van het kwaad

Amen.

 Zeker niet compleet. En nog enorm veel over te zeggen, maar een uiting van geloof en dankbaarheid dat er op aarde iets aan het gebeuren is. Dat er hoop is. Dat Rutger Bregman gelijk heeft als hij ‘goed nieuws’ beschrijft en dat dit niet zomaar is. Er zijn mensen die vrijwillig besluiten het goede te doen, tegen de klippen op, soms in hun eigen nadeel. Omdat ze erin geloven. De een noemt zich christen, de ander gebruikt andere woorden – hun gedrag spreekt van een innerlijke drive en is hoopgevend.

Toosten op de toekomst
Laten we dus vieren. Dat het begonnen is. Brood breken en delen, royaal wijn schenken op zondag en alle dagen van de week. Toosten op de toekomst met die kleine momenten van grote schoonheid, van opoffering, van vredelievendheid en hoop. Op het einde van het donker, het kwaad, de uitzuigerij van multinationals, op het einde van de angst van onszelf voor vreemden, op het einde van de slavernij. En met het neerklappen van het geleegde glas op de tafel elkaar in de ogen kijken en ideeën spuien over wat voor mooie dingen we kunnen doen, gesterkt door het vuur in andermans ogen zelf weer geloof voelen opborrelen. Zie daar, je Koninkrijk op basis van vrijwilligheid. Klein, grassroots en absoluut begonnen.

Bisschop Tom verwijst naar de hemelvaart en de aankondiging daarvan door een van de apocalyptische profeten. Hij citeert uit Daniel 7:

In mijn nachtelijke visioenen zag ik dat er met de wolken van de hemel iemand kwam die eruitzag als een mens. Hij naderde de oude wijze en werd voor hem geleid. Hem werden macht, eer en het koningschap verleend

Waaraan herken je een leider? Aan het feit dat mensen hem of haar volgen. Waaraan herken je het Koninkrijk? Aan hetzelfde. Laten we dus niet blijven bidden om iets dat al begonnen is. Hoogstens om groei. Maar groei kun je ook doen. En vieren. Die kerken horen geen plek van woorden te zijn. Zoals een Schotse mysticus ooit verbitterd schreef: ‘The word made flesh is here made words again.’ Dat is pas blasfemie. Laat ons vieren. En geloven. En beginnen. Er is nog een hoop te doen.

Dit blog werd eerder gepubliceerd op 13 november 2015