Lazarus staat op – de onderbuik heeft altijd gelijk

Lazarus staat op – de onderbuik heeft altijd gelijk

Opstaan met Lazarus: Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

De onderbuik heeft altijd gelijk – PopUpGedachte maandag 20 juni

Het was niet zo lang geleden dat ik bij de kapper zat en ze vertelde over een vriendin die ‘gelovig’ was geworden. Ze vond het verschrikkelijk. Nu zegt ze dat wij naar de hel gaan en zij naar de hemel. Omdat zij toevallig dan wekelijks in de kerk zit zeker? Nou als er een god zou zijn, dan gaat hij mij niet helemaal in die hel kieperen omdat ik toevallig niet ’s zondags in die kerk zit. Of niet dan?’ En ze keek me dwingend aan in de spiegel. Durf daar maar eens iets anders over te zeggen.

Ik zei voorzichtig. Ik weet het niet. Als die God waar zij het over heeft deze aarde in elkaar heeft gezet in de hoop dat wij er iets goeds van zouden maken als mensheid, dan kan ik me niet voorstellen dat bij een afrekening hij tegen iemand van ons zegt: goed gedaan, jongen. Keurig behandeld die planeet, liefdevol, delend, met oog voor de toekomst en royale ruimte voor de ander. Moet je kijken wat een zooi. Met veel toffe kleine initiatieven maar we draaien de boel ook aardig de vernieling in. Dus ik denk niemand. In die zogenaamde hemel’.

Dat vind ik ook goed zei ze. Als een blad aan de boom. Er zit een soort rechtvaardigheidsgevoel in ons, dat iedereen die zich verheft de kop afhakt. We noemen dat Hollands, passief agressief koppen hakken wat boven het maaiveld zich verheft. Maar een zo diepgewortelde neiging heeft ook altijd gelijk. Dat kan niet anders. Ook al voelt dat raar.

In de eerste tekst vanochtend, populisme pur sang. Verzet tegen het pluche.’ U matigt u teveel eer aan, alle leden van de gemeenschap zijn nodig en in hun midden is JHWH waarom verheft u zich dan boven de gemeente? En als Mozes dan de jonge mannen die de opstand leiden bij zich laat roepen, komen ze niet. Classic. Ze twitteren, zeg maar. Ze laten bericht sturen. Ja jij hebt ons weggehaald uit egypte, dat land van melk en honing (je zou toch uit je vel springen. Melk en honing? In dat slavenhuis stierven ze bij bosjes. Fact free politics is ook al oud, zeg) en je hebt ons nou niet echt in een nieuw luilekkerland gebracht. Met je gedrag. En je pretentie’. Om uit je vel te springen van woede. Oneerlijk, na al die inspanning.

Het probleem is echter niet dat ze ongelijk hebben. De onderbuik heeft dat altijd. Op gevoelsniveau. We all fuck up. Paulus schrijft dat de brief aan de Romeinen vanochtend: ‘allen hebben gezondigd en allen zijn verstoken van gods heerlijkheid.’ niemand van ons kan zich laten voorstaan op goede daden. Daarom is zo’n aanval ook onverdedigbaar terwijl je wel denkt je te moeten verdedigen.

En als bij Jezus kinderen langskomen mogen ze altijd meteen doorlopen. Die pretenderen niks maar willen gewoon bij hem zijn. Welkom. Vraagt meteen daarop een rijke jongeman wat hij moet doen om zeker te weten dat hij welkom is in die nieuwe wereld, waar gerechtigheid en vrede heerst, dan somt Jezus de standaardgeboden op: niet doden, niet stelen, etc. Ja zegt hij maar dat doe ik al. En hij voelt aan zijn water dat het niet genoeg is. Hij wil meer zekerheid dat hij het goed doet. Dat hij het recht heeft. Dat hij er wel komt. En dan krijgt hij de opdracht die hij niet wil: verkoop alles wat je hebt, geef het aan de armen en volg mij. Dat gaat helemaal niet om de armen, maar om hem. Rijk geworden als zekerheid in het leven, wil hij presteren als zekerheid voor het spirituele leven en zo werkt het niet. Dat is namelijk overgave. Alles loslaten, hopen, verlangen, gaan.

De kinderen zijn veilig, in dit verhaal. Waarom? Daarin zit een soort rucksichtlos verlangen naar bij die man uit nazareth zijn. Naar welkom zijn, geliefd worden. Met het risico afgewezen te worden, want zeker in die cultuur zouden kinderen nooit zomaar op een rabbi af mogen rennen.

Wie wil is welkom. Wie verlangt heeft gedaan wat hij moet doen. Wie gelooft is gered. En dat is dus geen overtuiging, een weten, dat geloof maar een diepgeworteld verlangen naar een veranderde wereld en een besef dat je eigen handen best wel onhandige instrumenten zijn om die wereld tevoorschijn te brengen. We do fuck up, iets wat te erkennnen is als we kritiek krijgen of ons falen zien, en hoe meer we verlangen hoe ruiterlijker we het toe kunnen geven. Omdat we niets meer pretenderen. Zo’n dag. Zo’n begin van de week.