Lazarus staat op – ‘Geven jullie ze maar te eten’

Lazarus staat op – ‘Geven jullie ze maar te eten’

Opstaan met Lazarus: Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag. 

Geven jullie ze maar te eten – PopUpGedachte 9 juni 2016

Er zwerven vluchtelingenkinderen door Europa. In hun eentje. En dat zijn er veel en veel te veel. Terecht werd er een petitie opgezet en al door 10.000 man ondertekend. Als er 20.000 mensen het ondertekenen wordt er in de kamer over gepraat. En er jeukt iets. 20.000 mensen. Die allemaal vinden dat het niet kan. En door hun gezamenlijke inspanning krijgen we het grote resultaat: het is een agendapunt in de Kamer. Dat is toch geen resultaat? Zoveel mensen, zoveel frustratie en dan ligt het in een parlement dat aan handen en voeten gebonden is door coalitiebelangen, kiezersvoorkeuren en maatschappelijke tendensen. En het onrecht kankert verder.

De Prediker zegt vanochtend: ‘ik vestigde mijn aandacht op alle onderdrukking en zag de tranen van de onderdrukten. Er is niemand die hen bijstaat. De doden zijn gelukkiger te prijzen dan de levenden maar beter af dan beide is degene die nog niet geboren is en nog geen weet heeft van het onrecht dat er wordt begaan onder de zon.’

Dat dus. Exact dit. Als je tussen de tentjes doorloopt achter het prikkeldraad. Als je de filmbeelden ziet van degenen die roepen om melkpoeder voor hun kinderen of een beetje voedzaam eten in de nieuwe fabrieksloodsen waar ze heen gebracht zijn na ontruiming van vluchtelingenkamp Idomeni. En de kapotgeschoten steden in Turkije. De diepe uitzichtloze ellende in Syrie. En dan zijn we eigenlijk nog niet eens echt begonnen met de opsomming. En we roepen dat er politici moeten optreden. Ofzo. Ergens. Toch. De roep klinkt steeds schriller. Maar wat dan?

Geven jullie ze maar te eten. Een quote met een uitdaging, waarop meteen het antwoord komt: dat kunnen we niet. Het is deze situatie:

‘Bij het vallen van de avond kwamen de leerlingen naar Jezus toe – hij had zich wat teruggetrokken uit de steden omdat men hem uit de weg wil ruimen, maar de mensen zijn hem gevolgd in grote getale – en ze zeiden: dit is een afgelegen plaats en het is al laat. Stuur de mensen weg, laat ze naar de dorpen gaan om eten voor zichzelf te kopen. Maar Jezus zei: ze hoeven niet weg. Geven jullie ze maar te eten. Ze antwoorden: we hebben hier niets. Alleen vijf broden en twee vissen. Hij zei: breng ze mij.

Mooi zinnetje: we hebben hier niets. Alleen vijf broden en twee vissen. Niets. Toch iets. En Jezus zegt: breng ze mij. Waarop zich het verhaal nogal wonderlijk ontvouwt. De vijfduizend mensen gaan zitten, Jezus begint het kleine beetje eten te delen en iedereen eet ervan en raakt verzadigd. Ze houden over.

Geven jullie ze maar te eten.

Het is wel logisch en misschien zelfs wel goed dat we een beetje moe worden van online petities aan andermans adres. Want dit is de vraag aan ons: geven julie ze maar te eten. Of onderdak. Of stem. Of nieuwe kleren. Of onderwijs. Of geld. Maar we hebben niets, we kunnen niets. Dat is meteen gezegd. En niet onterecht. Want wat kun je. Wat heb je. Tegenover die enormiteit aan ellende waar de Prediker mee zwaait.

De leerlingen kijken in hun handen. Niets. Vijf broden, twee vissen voor vijfduizend mensen. En het was genoeg. Meer dan genoeg. Wij hebben een huis, veel van ons. Het is niets, voor al die mensen. We hebben een beetje geld, veel van ons. Ook dat is niets voor al die mensen. We hebben maar een aantal uur in de week over. Eigenlijk. Voor al die mensen. Het is niets.

En toch. Geven jullie ze maar te eten. Niet omdat het genoeg is. Maar omdat het genoeg kan worden als we geloven dat het niet van ons kleine beetje afhangt. Zij leggen dat beetje in de handen van een ander. Die begint te delen.

De petitie is wel krachtig. Niet om de oproep aan het parlement om het op de agenda te zetten. Dat ligt helemaal in lijn met: stuur ze naar de winkels, het is al laat. Waarop Jezus antwoordt: stuur het niet van jezelf weg, geef zelf te eten. De petitie is fantastisch omdat ze deze vraag stelt: als je dit ondertekent, wil je dan ook een kind in huis nemen. En dat velen ja zeggen. Ze hebben niets, vijf broden en twee vissen.

Paulus in zijn Galatenbrief vanochtend gelooft niet meer in wetmatigheden, in rekenarij, in logica. Hij probeert ons eraan te herinneren waar geloof en hoop, erkenning van ons onvermogen zonder het op te geven ons heeft gebracht.

En ik vraag me af waar ik heb gezegd dat ik niets kon en niets had. Waar ik dat heb gezegd tegen een uitgestoken hand op straat, tegen vragende ogen vanaf mijn tv-scherm, ten opzichte van de ellende in mijn krant of gewoon tegen die vriend die maar down en depri blijft. Ik kan niets en heb niets. Kijk maar naar dat beetje energie, tijd, ruimte. Het is niets. Tenzij het kleine beetje dat we hebben ruim genoeg zal blijken als we gewoon maar beginnen met de stem in ons achterhoofd: geven jullie ze maar te eten.