Blij met spijt

Blij met spijt

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Blij met spijt – PopUpGedachte vrijdag 22 juli 2016

Spijt, wroeging, die knagende gedachte, letterlijk knagend, alsof er in je hart en in je ziel gebeten wordt waardoor je ineenkrimpt, je niet meer durft te vertonen, niet meer weet waar je het zoeken moet. Het is Judas vanochtend die het overkomt:

Toen Judas die hem had uitgeleverd zag dat Jezus ter dood veroordeeld was, kreeg hij berouw. Hij bracht de dertig zilverstukken naar de hogepriesters en oudsten terug en zei: ‘ ik heb een zone begaan door een onschuldige uit te leveren.’ Maar zij zeiden: ‘ Wat gaat ons dat aan? Zie dat zelf maar op te lossen!’ Toen smeet hij de zilverstukken de tempel in, vluchtte weg en verhing zich.

Geen soelaas, geen rust, geen vergeving, alleen het voelen branden in de hand van de loon van het verraad dus dat weggooien, maar nog geen rust vinden en geen andere uitweg zien dan uit het leven te stappen.

Een theatermaakster zei me ooit: wij moeten in onze kunst een emoties 200% doorgaan zodat ons publiek er 50% in kan stappen. Judas wroeging is die 200%, zodat wij er 50% in kunnen stappen vanochtend. En dat kan ik wel.

De spijt van de verloren liefde, daar had ik niet eens schuld maar het heeft me jarenlang bezig gehouden. Een andere liefde, die niet mocht – omdat het een stiekeme vakantieliefde was met iemand die een relatie had – die wist van niets. De gore spijt. Het mezelf niet meer in de ogen kunnen kijken. Mijzelf haten. Haar ook. Man, man.

Judas ging naar degenen met wie hij het verraad had gepleegd en zoekt daar steun. Hij krijgt niets: ‘Wat gaat ons dat aan?’ Hij denkt er niet eens aan om steun te zoeken bij degene die hij verraden heeft. Terwijl daar meer hoop ligt. Maar dat voelt als een onbegaanbare weg. Geen optie.

Paulus beschrijft vanochtend zijn werk. Hoe hij trots is op wat hij doet. Hij zegt het zelf beter:’ Dat ik trots kan zijn op mijn werk voor God dank ik aan Christus Jezus.’ Mooie combinatie. Ik ben dankbaar dat ik trots kan zijn. Die man heeft me een geschiedenis hoor. Hij was een soort staatspolitie die de vroege Jezusvolgers opspoorde uitleverde en met instemming erbij was als ze ritueel werden doodgegooid met stenen. Primitieve rechtsvoering, Erdogan stijl. En midden in die weg overvalt hem een soort visioen waarbij hij ziet dat hij onschuldig bloed aan zijn handen heeft en de maker van de wereld zelf, de messias, keihard zit tegen te werken. En hij is – heel symbolisch – dagenlang blind, wordt dan genezen en begint een nieuw leven.

De man heeft rust gevonden, afscheid van zijn spijt en is dankbaar dat hij trots kan zijn. Op zijn werk nu.

Waar vind ik rust. Voor mijn spijt? Ik wordt altijd een beetje misselijk van interviews waarin iemand zegt dat hij hoopt dat hij op zijn sterfbed kan zeggen nergens spijt van te hebben gehad. Alles eruit gehaald te hebben. Spijt is juist essentieel en met name wat daarna komt. Met spijt kom je onderin de put terecht, zak je door de bodem, ben je totaal alleen. Daar rust vinden en weg betekent dat je je nooit meer reddeloos verloren zult voelen. Dat wat je ook nog ontdekt aan falen in jezelf dat er grond is onder de pootjes. Ik hoop dat ik op mijn sterfbed kan zeggen dat mijn spijt me gebracht heeft waar ik moet zijn. Dankbaar voor al die momenten van spijt en het inzicht dat ze gaven en de nieuwe weg die ik met dankbare energie in kon slaan. Dankbaar omdat ik zelf mijn eigen stomheid niet in zag toen ik er nog mee bezig was.

Paulus maakt geen grote excuses aan de volgelingen van Jezus van Nazareth. Hij heeft rust gevonden bij de maker zelf. Niet altijd kan degene die je iets hebt aangedaan ook degene zijn die je verlost. Heel duidelijk is dat bij Judas degene met wie je kwaad hebt gedaan je ook zeker niet kan verlossen. Zogenaamde ‘broeders in het kwaad’ of zusters zijn niet degenen die je ziel kunnen reinigen – dan zijn ze opeens geen broeders of zusters meer.

Uiteindelijk vind Paulus het bij de Maker van de wereld zelf. Heeft hij door dat spijt voldoende is om opnieuw te mogen beginnen. Het heeft lang geduurd bij mij voor mijn spijt wat wilde zakken. Sommige zaken zitten me nog dwars. Ik ben opgegroeid in een omgeving van vergeving, de kerk, en prijs me gelukkig dat we het falen serieus namen, gedreven, bewust leven, etcetera maar vergeven worden en dankbaar trots zijn op waar ik nu sta dat moet van ver komen. Al groeit het langzaam.

Paulus was dankbaar, hij wist dat het inzicht in zijn ‘verkeerde weg’ een cadeau was van iemand die genoeg om hem gaf om dit in te laten zien, trots omdat hij de liefde waard was geacht. Een delicaat evenwicht. Maar dankbaar voor je gevoel van spijt, omdat iemand je belangrijk genoeg vond om je verder te helpen, omdat er iemand in je geloofde, dat is wel een mooi idee voor de dag.