Dit is de allerbeste vraag uit de Bijbel (hint: Jozef stelt ‘m)

Dit is de allerbeste vraag uit de Bijbel (hint: Jozef stelt ‘m)

Als je de wereld en jezelf ontdekt, gaat een vriendschap soms om onduidelijke redenen verloren. Rolinka pakte na 16 jaar de draad weer op met een oude vriendin … 

Daar zitten we dan, twee volwassen vrouwen. Beide de 40 net gepasseerd. Na een kleine rekensom kwamen we erachter dat het 16 jaar geleden was dat we elkaar gezien hadden. Zij en ik, twee allerdikste vriendinnen op de middelbare school. Samen rookten we ons eerste sigaretje, samen praatten we over de eerste zoen, ontdekten we nieuwsgierig de wereld van mannen en liefde. Samen gingen we ook naar Leiden om daar te studeren. Zij Arabisch, ik aanvankelijk Engels.

Om onduidelijke redenen zijn we elkaar uit het oog verloren. Zo gaat dat soms als je de wereld ontdekt, jezelf ontdekt, je leven inricht, liefde wint en weer verliest. Nu zitten we tegenover elkaar en herkennen we de meisjes, jonge vrouwen die we vroeger waren.
‘Leven je ouders nog?’, vraag ik. Ze knikt.
‘De jouwe?’ Ik knik ook. Een zucht. Gelukkig.
Aan onze beide ringvingers prijken onze trouwringen als bewijs dat we de liefde nu toch echt gevonden hebben. Foto’s worden getoond (handig toch die telefoons).

17 en 41 op hetzelfde moment

Naarmate de avond vordert, lijken de 16 jaren als 1 dag. We springen van de hak op de tak, verhalen van nu en van toen wisselen elkaar in hoog tempo af. We zijn 17 en 41 op hetzelfde moment.

Of er kinderen zijn. Nee, zij niet. Ik ook niet. Althans, niet van mezelf. Of we dat wilden. Zij niet echt. Ik wel. Maar het leven heeft me anders bedeeld. De ontroering die daarop volgt, is tekenend voor een vriendschap die gevormd is in de cruciale jaren van je leven.

De jaren vallen weg

Zo wonderlijk om te zien hoe de jaren ineens wegvallen. Dat je oppakt, waar je het hebt neergelegd, áls je het al hebt neergelegd. Wonderlijk ook om te zien dat, ondanks de totaal verschillende levenpaden die we zijn bewandeld elkaar weer treffen en herkennen.

Zou het ook zo zijn geweest voor Jozef, de onderkoning van Egypte, die zijn broeders op een dag opeens voor zich zag verschijnen? Hij onherkenbaar, als onderkoning van Egypte. Een waanzinnige carrière gemaakt. Zijn broeders, herders en veehoeders, in hun alledaagse kloffie, herkenbaar aan hun trekken, waarin hun gemeenschappelijke vader Jakob zichtbaar aanwezig was.

Leeft m’n vader nog?

Jozef kon het niet meer houden en onthulde uiteindelijk zijn ware gezicht. De allereerste vraag die hij op zijn broeders afvuurde: ‘Leeft mijn vader nog?’

Dé vraag uit de bijbel, wat mij betreft. De vraag naar afkomst en bestemming, belonging, zoals de Engelsen zo mooi zeggen. Is het er nog, waar ik vandaan kom, bijhoor, mijn stam, mijn bestaansrecht, dat wat mij in leven heeft geroepen. Leeft mijn vader nog?

Bestemming gevonden

Het Jozef-verhaal is een verhaal dat gaat over volwassen worden, tot je bestemming komen, je levensweg ontdekken en kiezen. Om er uiteindelijk achter te komen dat waar je vandaan komt je richting in het leven bepaalt ( je weet tenslotte pas waar je heen wilt, als je weet waar je staat, nietwaar?).

Daar zitten we dan, twee onafscheidelijke vriendinnen. Met vallen en opstaan hebben we onze bestemming gevonden. Het is dan niet de gemeenschappelijke vader die ons bindt. Het is de vriendschap die zich sluimerend ophield in onze beide harten, die wakker gekust werd, waardoor wij in elkaar het zusterschap herkenden, wat ons 16 jaar geleden zo intens met elkaar verbonden heeft. Het is er nog…