Zij redden het wel, maar waar was ik?

Zij redden het wel, maar waar was ik?

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Zij redden het wel, maar waar was ik?

Hoeveel mensen gingen er de straat op in Engeland? Duizenden? Tienduizenden? De nieuwsberichten verschilden nogal in telling, maar opvallend was het sowieso. De door de Brexit toegenomen xenofobie in Engeland maakt blijkbaar de stemmen los van mensen die vinden dat vluchtelingen wél welkom moeten zijn. En ze gingen de straat op.

Het is stil in onze straten en in onze politiek. De verontwaardiging is er wel, maar hoe dik precies? De hulporganisaties doen wat ze kunnen maar een politiek statement zit er niet in. #stayhuman heet de campagne en dat is zover het politieke verzet gaat. Je hebt tenslotte een subsidierelatie waardoor je zoveel goeds kunt doen. Dat is ook echt zo. Maar wanneer is de grens bereikt? Wanneer is he te gortig en moet de subsidierelatie, de baan, de geloofwaardigheid op de tocht gezet worden?

In het boek Ester vind vanochtend een interessant gesprekje plaats tussen de Jood Mordekai en zijn nichtje Ester. Ze zijn met zoveel andere Joden afgevoerd naar een vreemd land waar een vreemde koning op zoek was naar een nieuw liefje en als een blok viel voor de mooie Esther. Zij werd koningin – een van de vele vrouwen die hij tot zijn beschikking had maar toch, wel ook koningin.

Zoals het de Joden vaker vergaat, wil een jaloerse hoge generaal een Endlosung voor het Jodenprobleem in het rijk en ze allemaal doden. De autocraat Ahasveros, de koning, houdt van een opgeruimd land en geeft akkoord. De op handen zijnde vernietiging wordt aangekondigd en Mordekai trekt bij het koninlijk paleis de aandacht van koningin Esther en informeert haar via een bode over de ellende die staat te wachten. Zij antwoordt: wat kan ik doen, zomaar naar de koning gaan wordt mijn dood. Dat mag niet in dit land. Hij heeft al een maand niet naar me gevraagd.

Dan Mordekai: denk maar niet dat je zult ontkomen aan deze moordlust omdat je aan het hof woont.

‘Integendeel, als jij op dit moment blijft zwijgen komt er voor de Joden toch uitkomt en redden van een andere zijde, maar jij gaat dan te gronde, wie weet of je niet voor een moment als dit de koninklijke waardigheid hebt gekregen’.

En Ester vraagt of alle Joden drie dagen willen vasten, zij zal gaan. Kom ik om, dan kom ik om.

Een beroemde uitspraak van Edmund Burke komt in deze crisestijden langs op Facebook: ‘All that is necessary for the triumph of evil is that good men do nothing.’ Mordekai zegt het anders. Hij gelooft niet dat evil will triumph maar wel dat degenen die op konden staan voor het goede maar het niet deden uiteindelijk zullen vergaan. Good man that do nothing will perish, daar zijn politiek filosoof Burke en de Jood Mordekai het over eens.

Evil will not triumph in Europe. Dat betekent dat de politiek van gesloten grenzen, uitsluiting en afweer het niet gaat overleven. De willekeurige verdeling over landen, het niet informeren en laten wachten, het weerhouden van hulp en goede omstandigheden aan mensen in de kampen als afschrikstrategie – evil – en het zal niet standhouden. Een Europa dat zo handelt kán het niet overleven, kan de eigen crises niet overleven. Wanneer is het moment dat de gesubsidieerde instanties moeten zeggen dat ze hun subsidierelatie op het spel moeten zetten omdat die er óók aangat als het huidige strenge vluchtelingenbeleid continueert. Wanneer is het moment dat we tegen vluchtelingenwerk moeten zeggen: of nu een zwaar politiek statement of moeten toezien hoe je verder gekort zult worden op gelden en je invloed op die manier zal verdwijnen.

Is het te gloomy? Het zou kunnen. Ook politici van de harde lijn zijn heel blij dat vluchtelingenwerk goed voor de vluchtelingen met status zorgt. Scheelt een hoop onrust, zegt de cynicus. Maar het scenario is niet uit de lucht gegrepen: Edmund Burke zei eveneens: wanneer politiek leiders ervoor kiezen een bieder te worden op een populariteitsveiling, verworden ze tot vleiers in plaats van wetgevers, worden ze instrumenten in plaats van gidsen voor het volk.

Een pijnlijke quote in het huidige klimaat waar zoveel gidsen nodig zijn maar de populariteitspolls alles en iedereen aan handen lijkt te binden.

Er is geen draagvlak voor meer vluchtelingen zegt Frans Timmermans, punt. En hij sluit een deal met moordzuchtige regimes in Afrika. Misschien kunnen zij de vluchtelingen tegenhouden. Tegen de principes, maar ja, men wil niet, in Europa.

Mag ik als Mordekai ondertussen de Esters aan de mouw trekken? Welke Ester zegt: kom ik om, dan kom ik om? En wat doe ik zelf?

Het is nogal een politieke meditatie vanochtend. Het is Mordekai die me dwingt. En de nood van minderjarigen in ons Europa, en de verwarring en urgentie die ik hoor in de stem van Narda, een popupkerkvriendin die in de kampen van Griekenland aan het bouwen is, zij is niet cynisch of achterdochtig. Maar het kwaad van het beleid ligt er zo dik bovenop dat het moeilijk is om de goede intenties van de politiek nog te ontwaren.

Wat is mijn positie? En is die misschien gegeven om in te grijpen? Wie ken ik? En moet ik die aan hun jasje trekken. Met de vluchtelingen komt het wel goed, het kwaad wint op de lange duur nooit, of Europa dit overleeft is de vraag, maar wat was ik aan het doen in dit krachtenveld, wat zei ik, wat probeerde ik?

 

Dit waren de teksten die Rikko las:

Ester 4:4-17

Handelingen 18:1-11

Lucas 3:1-14