Christen zijn = pacifist zijn

Christen zijn = pacifist zijn

In de Bergrede predikt Jezus geweldloosheid. Maar slaat dat nu op de innerlijke mens of moeten we ook letterlijk alle ‘wapens’ afzweren? Daan denkt dat Jezus het laatste bedoelt en daarom is hij pacifist.

Het exacte moment kan ik me niet meer herinneren, maar op een dag ging de kogel door de kerk. Die kogel was spreekwoordelijk, maar met de kerk had het wel te maken. Ik besloot voortaan pacifist te zijn, voor mij iets wat onlosmakelijk verbonden is met de keuze voor het christelijk geloof.

Vreemd is het niet dat ik me het moment niet meer kan herinneren, want eigenlijk veranderde er niet zoveel. Vechten deed ik toch al nooit en dienstplicht heb ik nooit hoeven weigeren. Ik had geen (oudere) broers, kon op 2-jarige leeftijd al volzinnen formuleren, terwijl het best lang duurde voordat ik begon met lopen. Hiermee was de toon voor mijn leven gezet: ik ben nooit echt van de fysieke inspanning geweest, de taal werd mijn wapen en ik ben er ver mee gekomen.

Ooit werd ik erop gewezen dat ik voor een pacifist nogal wat strijdtaal bezig en gewelddadige metaforen gebruik. Dit om maar even aan te geven dat ik niet wil pretenderen echt geweldloos te zijn. Bovendien ben ik me ervan bewust dat ik makkelijk praten heb omdat ik vanuit een veilige geprivilegieerde context schrijf. Het is een persoonlijke zoektocht waarbij ik ook een zekere schroom heb.

Genegeerde woorden van Jezus

Geen geweld gebruiken is niet hetzelfde als je vijanden liefhebben. En wie zijn vijanden wil liefhebben, moet ze wel eerst hebben natuurlijk. Wees het dus vooral hartgrondig met me oneens…

Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: ‘Een oog voor een oog en een tand voor een tand.’ En ik zeg jullie je niet te verzetten tegen wie kwaad doet, maar wie je op de rechterwang slaat, ook de linkerwang toe te keren.

Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: ‘Je moet je naaste liefhebben en je vijand haten.’ En ik zeg jullie: heb je vijanden lief en bid voor wie jullie vervolgen, alleen dan zijn jullie werkelijk kinderen van je Vader in de hemel. Hij laat zijn zon immers opgaan over goede en slechte mensen en laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen.
Jezus 

 Misschien zijn deze woorden uit de Bergrede in de geschiedenis van het christendom wel de meest genegeerde geboden van Jezus. Tegelijkertijd inspireerden ze mensen buiten de kerk tot actieve geweldloosheid. Denk aan Gandhi in zijn verzet tegen de Britse overheersing. ‘Gandhi was zo f*cking christen dat hij hindoe werd’, zo kopte Amerikaanse komiek Bill Maher in zijn rant tegen hypocrisie onder christenen. Maher concludeert dat hijzelf net zo niet-christelijk is als de meeste christenen, die deze opdrachten uit de Bergrede vrolijk negeren.

Niet meer doden in het leger

Toch is dat niet altijd zo geweest. Er waren wel degelijk christenen die het pacifisme in de Bergrede serieus namen. Theoloog Alan Kreider schrijft in een schokkend boekje met de titel The Change of Conversion and the Origin of Christendom hoe de betekenis van christelijke bekering eeuwen geleden radicaal veranderde. In de Apostolische Traditie uit de 3e eeuw lezen we over hoe toetreding tot de kerk in die tijd verliep: nieuwkomers werden direct kritisch bevraagd over hun beroep, handel en wandel. Mensen die in het leger dienden werd verzocht om voortaan maar niet meer te doden. Pacifisme lijkt over het algemeen heel gangbaar te zijn geweest in de vroege kerk.

Na de bekering van de Romeinse keizer Constantijn in de 4e eeuw veranderde er veel. Toen het christendom staatsgodsdienst werd, leek het tij niet te keren. Hoewel deze wending zeker niet alleen negatieve gevolgen heeft gehad, wordt het weleens de zondeval van de kerk genoemd. Waar er eerder moed vereist was om christen te zijn en mensen bereid waren hun leven ervoor te geven, was er voortaan moed nodig om het niet meer te zijn. Christenen waren zelfs bereid om ervoor te doden.

Dreigen met de hel

Het voorbeeld van de Romeinse aristocraat Volusianus in de 5e eeuw is tekenend. Hij maakte kennis met christelijk geloof en hoewel het hem boeide, waren er tegelijkertijd wat elementen die hem staken. Dat idee van ‘geen kwaad met kwaad vergelden’ bijvoorbeeld. Hij zag niet in hoe dat ooit te combineren viel met de ethiek van de staat. Kerkvader Augustinus stelde hem gerust: de Bergrede gaat over een innerlijke hartsgesteldheid, maar staat zeker niet haaks op het voeren van ‘een rechtvaardige oorlog’. Volusianus was hierdoor nog steeds nog niet overtuigd, maar uiteindelijk op aandringen van zijn nicht Melania (vrouwen hadden over het algemeen wat minder moeite met het christelijk geloof) die waarschuwde voor een brandende hel na de dood en dreigde dat ze melding zou maken bij de keizer van Volusianus’ halsstarrigheid, ging hij overstag. Over geweld gesproken…

Zo is de Bergrede en met name Jezus’ ethiek van geweldloosheid sinds in de kerkgeschiedenis vaak geïnterpreteerd als iets innerlijks, een ethiek voor in je privéleven of als een moraal die schuldgevoel opwekt (omdat je er natuurlijk nooit aan kunt voldoen), zodat je er vervolgens achter komt hoe erg je Gods vergeving en genade nodig hebt.

Vijanden eten en kleren geven

Maar… Wat als Jezus het gewoon echt meende? Die vraag houdt mij bezig. Wat gebeurt er als je op IS reageert met liefde, zoals Sadiq die de moordenaars van zijn goede vriend te eten en te drinken gaf? ‘IS onthoofdt en verbrandt zijn vijanden. Daarom moeten we onze vijanden eten en kleren geven.’ Of zoals theoloog Ron Sider zich afvroeg: ‘Wat zou er gebeuren als mensen zich met dezelfde moed, discipline en zelfopoffering geweldloos zouden inzetten voor vrede als legers dat doen voor oorlog? Hoe zou dat eruit kunnen zien?’

Ruim 2.000 jaren kerkgeschiedenis zitten erop, de tijd van het christendom met de kerk als machtig instituut lijkt voorbij. Toch lijkt het erop dat met het afnemen van de machtspositie van de kerk er ook een soort herontdekking plaatsvindt van de radicale implicaties van het evangelie. De Paus koos niet voor niets ‘geweldloosheid’ als thema van de dag van de vrede. Misschien is het tijd om de dikke lagen stof van de radicale kern van Jezus’ boodschap af te blazen. Ik heb hoop!

Daarom ga ik er de komende tijd in andere blogs nog even op door.