Het is niet meer erg

Het is niet meer erg

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Het is niet meer erg – PopUpGedachte Donderdag 6 Oktober

Het is vroeg, de nachten worden kouder en de ochtenden zijn fris. Met een slaperig hoofd naar buiten stappen, het balkon op van het op drie hoog gelegen appartement, het maakt met een schokje me wakker. Sterren flonkeren hard in de diepte van de nacht. Even zie ik die aardbol zweven door dat heelal en dat mensje op z’n balkon dat een kort gebedje uitspreekt. Zo miniscuul in het grote geheel en door die paar woorden van dat oude Onze Vader zich verbindend met de geschiedenis maar ook met iets dat in de hoeken, gaten en de intermoleculaire leegte van aarde en heelal zich beweegt. Iets van een god, een maker, een energie, een begin van alles. Dan doe ik de deur weer open en ga aan tafel zitten. De teksten van het oude leesrooster worden opengeslagen, de stilte is van mij even, ik hoef nog niets voor niemand – alleen deze gedachte die oppopt en in woorden op mijn scherm verschijnt zodat ik het straks kan inspreken. Waarna de dag begint.

Uw zonden zijn u vergeven, is de laatste zin uit het fragment over Jezus van Nazareth vanochtend. Een woordvolgorde die me zo vertrouwd is als mijn eigen huid, maar wat gebeurt daar, wat zegt hij en is het niet verbijsterend arrogant – of als het dat niet is: hoe groot is het niet wat hij daar zegt en wat de kerk in de geschiedenis hem na is gaan zeggen in biechtstoelen over de hele wereld. ‘Uw zonden zijn u vergeven. Zijn tafelgenoten dachten bij zichzelf: Wie is hij, dat hij zelfs zonden vergeeft?’ Hij zeg het tegen een vrouw, waarvan de tekst zegt dat bij heel de stad bekend was dat ze een zondares was, waar hebben we het dan over? Iemand die over de tong gaat als slet, hoer, overspelige? Zij komt onuitgenodigd binnen in de huiskamer waar Jezus van Nazareth aanligt – zo deden ze dat, lijkt me niks dat liggend eten, geef mij maar een stoel, hoe moet een spijsvertering dat verwerken – ze dringt binnen en buigt zich over de voeten van Jezus die ergens op dat aanligbed aan het uiteinde liggen, in tranen. Zijn voeten worden er nat van, ze droogt ze met haar haar en wrijft ze vervolgens in met kostbare olie die ze bij zich heeft. Wij, vrije Hollanders, zouden dit al lichtelijk intiem vinden, haar lippen op zijn voeten, de lange haren rond zijn tenen en dan die geurige parfum waarmee ze zijn voeten masseert, voor hen moet dit helemaal te extreem voor woorden zijn. Alsof je live porno zit te kijken. Mohamad, de Syrier die bij ons in huis woont, zou in het openbaar niet eens zijn eigen vrouw aanraken, dat hoort niet, kan niet, mag niet. En dat is niet perse islam denk ik, dat is oosters. Zouden ze kijken ,zijn tafelgenoten? Met rode oortjes? Of wegkijken uit schaamte?

De farizeeer die hem had uitgenodigd is een koele kikker en zegt bij zichzelf: ‘als hij een profeet was zou hij weten wie de vrouw is die hem aanraakt, dat ze een zondares is.’

Jezus heeft al een fikse autoriteit hier he? De anderen gooien de vrouw en Jezus er niet uit en houden hun mond, ze denken wel van alles.

Dan legt Jezus zijn gastheer iets uit: ‘iemand die een klein beetje schuld kwijtgescholden wordt is nu eenmaal minder dankbaar dan iemand die verlost wordt van een enorme schuld’. En dan: ‘Zie je deze vrouw? Ik ben in jouw huis te gast en je hebt me geen water voor mijn voeten gegeven; (wat best wel grof is) maar zij heeft met haar tranen mijn voeten natgemaakt, jij hebt me niet begroet met een kus, maar zij heeft sinds ik hier binnenkwam, onophoudelijk mijn voeten gekust. Je hebt mijn hoofd niet met olie ingewreven (zoals ze blijkbaar gewoon zijn daar) maar zij wel mijn voeten met. Daarom zeg ik je: haar zonden zijn haar vergeven, al waren het er vele, want ze heeft veel liefde betoond; maar wie weinig wordt vergeven, betoont ook weinig liefde.’ – trek je conclusie beste Simon, beste gastheer. Toen zei hij tegen haar: Uw zonden zijn u vergeven.

Hij zegt niet: ik vind het niet meer erg wat je gedaan hebt of maak het goed, doe niet meer wat je deed of gezien de rottigheid van andere mensen ben jij een lichtend voorbeeld. Het is die ene zin: Uw zonden zijn u vergeven: het is niet meer erg wat jij gedaan hebt. Een hele grote is-uitspraak. Anderen zeggen nog hoer en slet in het voorbijgaan, maar het is niet meer erg wat jij gedaan hebt. Je hebt huwelijken kapotgemaakt (mogelijkerwijs he?), je hebt gestookt in andermans relaties, je hebt zoveel stuk gemaakt – en het ís niet meer erg.

De priester in de biechtstoel van elke willekeurige katholieke kerk die deze woorden uitsprak door het gordijntje heen tegen mensen vol wroeging: wat jij gedaan hebt, ís niet meer erg. Hoe jij je ook voelt. De woorden die je naklinken of die om je heen gefluisterd worden, hebben geen grond meer, ze mogen van je afglijden als de regen, trots en ongenaakbaar, beschermd door een innerlijk heel zeker weten, het is niet meer erg, uiteindelijk wordt het me niet meer nagedragen. Een kosmische uitspraak.

Het is waanzinnig fijn om te horen. Al geloof je niets en vind je priesters aanstellers, iemand met wroeging die een stem vol zachte autoriteit dit hoort zeggen, voelt even zijn hart opspringen omdat het zo aan een verlangen raakt. Zal ik het ooit durven zeggen? Het is een tool die van Nazareth meegeeft aan zijn volgers. Dat ze met kosmische autoriteit mogen zeggen: het ís niet meer erg, je zonden zijn je vergeven, het wordt je niet meer aangerekend, jij en die fouten zijn niet meer verbonden. Niet een ‘ik vind’ maar een ‘het is’. Absurd voor de postmoderne geest, maar balsem voor elke pre of postmoderne ziel. Bij wroeging en voornemen om anders te leven, mag het gezegd door iedereen die in dit soort dingen gelooft. Mooie woorden. Het ís niet meer erg.

Micha 3:1-8

Handelingen 24:1-23

Lucas 7:36-50