Kerst in Gaza-Stad onder het toeziend oog van Hamas…

Kerst in Gaza-Stad onder het toeziend oog van Hamas…

Kerst vieren met je familie: dat is niet voor iedereen even vanzelfsprekend. Anna werd er weer even pijnlijk mee geconfronteerd toen ze bleef napraten na een kerkdienst in Gaza-Stad.

Het is ruim drie weken voor Kerstmis en bij New Gate, een van de zeven poorten van de Oude Stad van Jeruzalem, worden de muren en daken behangen met glitters en flikkerlichten. De officiële onthulling van de kerstboom laat nog een week op zich wachten, maar er wordt aan gewerkt. Jonge mannen op een hoogwerker bevestigen besneeuwde raampjes op de boom en plaatsen de heilige familie eronder. De feestelijke sfeer strekt zich tot ver buiten de christelijke wijk uit. Al is het hier en daar met een knipoog: op de markt bij Damascus Gate, die toegang biedt tot de islamitische wijk, worden er sinds een paar dagen ‘sexy Santa’-pakjes verkocht.

Hamas laat het aan de priester weten…

In tegenstelling tot in Jeruzalem, is er in Gaza-Stad niets wat erop wijst dat kerst op komst is. Hier lopen dan ook geen toeristen en dagjesmensen rond die aangezet moeten worden tot kerstinkopen. En hoeveel christenen wonen er eigenlijk nog in Gaza? Meer dan 1.200 zullen het er niet zijn. En ook bij de katholieke Holy Family Church, waar ik deze zondag op bezoek ben, is geen boom of stalletje te bekennen.

jezus-beeld-gazaDe dienst is afgelopen en de kerk loopt leeg. De 27-jarige Yousef staat op het plein met een vriendin te praten. Ik stap op hem af en vraag of ze kerst gaan vieren met de gemeente. Dat blijkt het geval. Voorwaarde is wel dat de activiteiten zich binnen de muren van het kerkplein afspelen. Hamas, die de dienst uitmaakt in de Gazastrook, verbiedt openbare christelijke feesten. Dat verklaart waarschijnlijk ook waarom ik hier nog geen straatversiering ben tegengekomen. ‘Komen er dan autoriteiten van Hamas controleren of jullie je daaraan houden?’, vraag ik. ‘Nee hoor’, antwoordt Yousef. ‘Wij weten ondertussen precies wat wel en niet mag. En Hamas laat dat ook wel aan de priester weten.’

Geen familiebezoeken…

Yousef vertelt over de aanstaande avondmis, het kerstdiner en het grote optreden van ‘zijn’ kinderen: hij is leider van de St. Joseph-scouts en oefent iedere zaterdag met ze. Yousef heeft er zin in. Gelukkig maar, want hij heeft geen andere optie dan hier in Gaza Kerstfeest te vieren. De rest van zijn familie woont op de Westelijke Jordaanoever en daar mag hij niet naartoe. Mannen onder de 35 krijgen sowieso geen toestemming van de Israëlische autoriteiten om Gaza te verlaten. Over acht jaar kan hij het gaan proberen.

De kans dat Hayat (23) kerst viert op de Westelijke Jordaanoever is al wat groter. Maar ook zij heeft geen zekerheid. ‘Soms weet je pas twee dagen van tevoren of je toestemming krijgt of niet. En dan nog: wat als mijn moeder en ik mogen gaan, maar mijn vader en zus niet? Dan blijven we allemaal maar hier.’

Hayat heeft een broer die in Australië woont en ook zij hoopt Gaza binnenkort voorgoed te kunnen verlaten. Dat kan als ze een uitnodiging krijgt van een buitenlandse universiteit. Ze heeft nu een aanvraag ingediend om een master in Duitsland te volgen.

Een Nederlandse Maria-verschijning

Plotseling word ik aangesproken door een vrouw in een grijs-blauw gewaad met een blauwe sluier. ‘Ik heb gehoord dat je Nederlands spreekt!’ Even blijf ik haar zwijgend aankijken. Het duurt een seconde voordat ik besef dat ik in bijna accentloos Nederlands door een non word aangesproken. We moeten allebei lachen en ik struikel over mijn vragen. Waar en waarom heeft ze Nederlands geleerd en hoe is ze in Gaza terecht gekomen en hoe vindt ze het hier? Daar wil ze best op antwoorden, als ik haar echte naam maar niet opschrijf. Anders moet ze het bij ‘algemeenheden’ houden, zegt ze. Ik beloof dat ik haar Maria zal noemen.

Maria (46) is een ‘Blauwe Zuster’, afkomstig uit Argentinië. Ze woont en werkt nu ruim twee jaar in Gaza, daarvoor was ze gestationeerd in Heiloo. Het Nederlands dat ze daar leerde, is inmiddels doorspekt met korte Arabische woordjes als ‘sahh’ (dat klopt) en ‘à’ (ja). De Blauwe Zusters werken in zo’n 35 landen met jongeren, gezinnen en gehandicapten, vertelt Maria. En niet zelden in gebieden waar mensen in zware omstandigheden leven, zoals Syrië, Irak en Gaza.

‘Ik kwam hier vlak na de oorlog van 2014. We zijn hier vooral voor de christelijke gemeenschap. Buiten de kerk praten de mensen niet over hun geloof. Daarom is de kerk ook zo belangrijk voor ze; hier kunnen ze echt zichzelf zijn.’

Een tattoo uit solidariteit

De armoede, uitzichtloosheid en Israëlische blokkade treffen iedereen in Gaza. Toch hebben de christenen het vaak nóg iets zwaarder dan de moslims. Niet alleen omdat ze beperkt worden in hun vrijheid van godsdienst, maar ook omdat de werkloosheid onder christenen onevenredig hoog is. Bijna de helft van alle Gazanen heeft geen werk, maar onder christenen is dat zelfs 88 procent, aldus Maria. Ze verbaast zich er niet over. ‘Wanneer een moslim werk heeft om aan te bieden, helpt hij natuurlijk liever een familielid aan een klus dan een ‘vreemde’ christen.’

non-gazaIk kijk naar Maria’s hand, waar een kruisje op staat getatoeëerd. ‘Die heb ik genomen uit solidariteit met de onderdrukte christenen,’ legt ze uit. ‘De rest van de wereld is ze vergeten. Dat is erg moeilijk voor de mensen hier. Wij proberen de gemeenschap in leven te houden. Bijvoorbeeld door ieder jaar een kerstdiner te organiseren. Daar doen zeker 600 mensen aan mee.’

‘Ik ben blij om hier te zijn, omdat ik iets voor anderen kan betekenen. Als we met een paar zusters even op reis gaan, bijvoorbeeld naar Argentinië, dan vragen de mensen: “Jullie komen wel terug, toch?”’ Ze lacht. ‘We kunnen echt een verschil maken hier.’