Dank onder alles

Dank onder alles

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Dank onder alles – PopUpGedachte dinsdag 6 december

‘Het is niet makkelijk om naast het negatieve ook het positieve aan het papier toe te vertrouwen, omdat het positieve de wereld niet alleen aangenamer, maar ook een stuk ingewikkelder maakt’ zo schrijft Diederik Stapel, de gevallen wetenschapper in ‘Zuchten’ een boek waarin hij zich afvraagt wat het is dat hij nooit zelfmoord heeft gepleegd terwijl het verlangen zo duidelijk er was, de depressie zo dik aanwezig was. Hij gaat verder: ‘Het is fijn als alles helder, simpel en eenduidig is: ik ben vreselijk, ik voel me vreselijk en de wereld is een tranendal. Negatief, maar simpel. En aangezien ik een negativistische depressieveling en met een brein vol razende en malende gedachten, heb ik een zeer sterk ontwikkelde behoefte aan structuur. Overal ellende zien en horen is overzichtelijk en voelt ‘fijn‘. Door mezelf te dwingen om ook positieve ervaringen op te schrijven, vecht ik tegen mijn verlangen naar structuur en de neiging om alles even negatief en ellendig – en dus lekker overzichtelijk – te zien. Het is niet overzichtelijk. Het is niet louter ellende. Jammer, maar helaas.‘

Hij zoekt naar geluk, het terugvinden van dat ene universele ding waar ieder mens naar verlangt maar wat uit de handen glipt zodra je erop focust. Hoe krijg je iets daarvan terug als je op de bodem zit door eigen toedoen. Niet door proberen gelukkig te worden. Ook niet door dingen te doen waarvan men zegt dat je daar gelukkig van wordt, want dat sloopt je. Door gewoon dingen te doen die waarde hebben in zichzelf, schrijft hij. En een van die dingen is schrijven. En met het schrijven komt de zelfdiscipline van het danken.

De man gelooft absoluut helemaal niets van een god, maar dat heb je niet nodig om te danken. Je kunt zo ook danken.

Het fragment van vanochtend is van Paulus en hij schrijft ter afsluiting van een brief aan een vroeg-christelijke gemeente te Tessaloniki; ‘wees altijd verheugd, bid onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden want dat is wat hij van u, die een is met Jezus Christus, verlangt’

Dat klinkt me te vermoeiend in de oren. Altijd verheugd, onophoudelijk bidden, God danken onder alle omstandigheden. Terwijl God uitschelden vanwege alle omstandigheden ook logisch is. En iemand die altijd verheugd is, zou je het liefst even pootje haken en met zijn lachende gezicht in de blubber zien belanden: kijken of hij dan nog lacht.

En toch, vanuit het diepe zwart van de depressie van de intens-seculiere Diederik Stapel klinkt een bevestiging van wat Paulus hier schrijft. Er zijn fragmentjes op de dag die je ziel raken, verheug je, probeer ze te zien tussen al het donker, die twee seconden op de fiets door het park dat je even het gevoel hebt dat het klopt dat je hier bent, het fluweelzwart van de nacht met de sterren. Dank onder alle omstandigheden, Paulus heeft er vertrouwen in dat het kan – misschien wel dat het werkt. Niet teveel van verwachten, want dan ga je weer jezelf checken of je gelukkig wordt van die oefening. En dan wordt zo’n oefening doodvermoeiend: ik heb het nu drie keer gedaan, voel ik me nu beter? Nee gewoon doen omdat het waar is. Omdat het intrinsieke waarde heeft. Omdat het – zo je wilt – moet. De ander, Stapel en Paulus, de voorkeur van de twijfel geven.

Jezus zegt in aanvulling vanochtend; ‘Pas op dat jullie hart niet afgestompt raakt door de roes en de dronkenschap en de zorgen van het dagelijks leven, zodat die dag jullie overvalt…’ Dat gaat over een dag waarop ons gevraagd wordt wat we gedaan hebben met ons leven. Wat we geprobeerd hebben, etc. Maar vooral niet afstompen dus. Dronkenschap wordt hier gewoon genoemd net als zorgen, het is de roes die zorgt dat het hart niet meer verlangt. Die zorgt dat de geest niet meer wil schrijven. En die de wilskracht niet meer traint, de wilskracht die nodig is om te gaan zitten en te schrijven.

Bijsluiter: Diederik begint niet met schrijven en positiviteit benoemen. Dat moest van heel ver komen. Eerst was er ritme, jezelf dwingen om iets te doen, vier a vijf dingen op een dag en van jezelf eisen dat je niet weer terug je bed in ging om te verdwijnen. Dat duurde tijden. Toen kwam het schrijven. En dan zegt hij ‘Nu ik een redelijk ritme heb ontwikkeld, probeer ik ook op andere manieren tegen mijn gesomber ten strijde te trekken. Bewegen en schrijven werken, maar vaak heb ik het gevoel dat een goed gedoseerd vleugje explicitete positiviteit – niet te veel want dan krijgt het iets instrumenteels en schiet het zijn doel voorbij – geen kwaad kan. Ik ga tekenen,. Ik teken vaak stripfiguurachtige poppetjes. Ik teken ze zo mooi als ik kan en ik geef ze allemaal en grote glimlach mee.’

‘Wees altijd verheugd,’ zegt Paulus, ‘bid onophoudelijk en dank God onder alle omstandigheden.’ Alleen echte ervaringsdeskundigen met het duister kunnen iets van de diepe kracht hieronder duiden. Dank je wel, Diederik Stapel. Zonder jouw val had ik waarschijnlijk nooit iets van je geleerd, hoezeer ik je ook had gegund dat je die val niet had hoeven maken.

Jesaja 5:13-17, 24-25

1 Tessalonicenzen 5:12-28

Lucas 21:29-36