Moeilijk doen

Moeilijk doen

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Moeilijk doen – PopUpGedachte dinsdag 20 december

God moet altijd moeilijk doen. Dat kan hij ook, want hij is God. Toch is het wel opvallend. Hij moet altijd een beetje moeilijk doen. Degene die aan het kerstkind voorafgaat wordt geboren uit een vrouw die eigenlijk al geen kinderen meer kan krijgen, Johannes de Doper, geboren uit de oude vrouw Elisabeth en het kerstkind zelf uit iemand die eigenlijk nog geen kind hoorde te krijgen, want nog niet met Jozef geweest. Zo zijn de verhalen voortdurend, te oud, te jong, te heidens, te onvruchtbaar.

Wat is het punt van die moeilijkdoenerij? Als God zich zou beperken tot wat er realistisch gezien mogelijk is, dan is het al werk genoeg zou je denken. Maar nee, het moet weer twee oude mensen zijn.

Ik lees vanochtend onder andere Lucas waar ene Zacharias, hogepriester, een engel tegenkomt in de tempel die hem de geboorte en de taak van zijn nog te geboren worden zoon voorspelt. Prachtig verhaal, mooie vergezichten, maar Zacharias zegt: ‘hoe kan ik weten of dat waar is? Ik ben immers een oude man en mijn vrouw is al op leeftijd.’ Hij is een oude man, hij laat zich niet zomaar de kop gek maken als hij een wezen ontmoet dat niet van deze planeet is met mooie woorden. Maar de engel antwoordt: ‘Ik ben Gabriel, die altijd in Gods nabijheid is’ – hallo! Ik ben niet de krantenverkoper op de hoek die je een hart onder de riem probeert te steken – en dan ’omdat je geen geloof hebt gehecht aan mijn woorden, zul je stom zijn en niet kunnen spreken tot op de dag waarop dit alles gaat gebeuren’. Zacharias is stom geweest en zal voorlopig even stom blijven, zoiets.

Engelen, God zelf, een aankondiging van een kind, het is allemaal een beetje beyond our imagination. Sprookjes en trucjes, al wordt er wel degelijk een kind geboren, goed gedocumenteerd in vier hele oude boekjes van de Bijbel, zijn bestaan wordt niet echt betwijfeld en hij gaat vooraf aan Jezus van Nazareth.

Waarom iemand die eigenlijk geen kinderen meer kan krijgen? Die vraag klopt nu deze ochtend al een poosje op mijn nog niet zo wakkere hoofd en het kwartje wil nog niet echt vallen. Het heeft iets te maken met vruchtbaarheid. Dat in de wereld zoals God die opnieuw wil starten in deze wereld, zijn project, wat hij startte met Israel en wat vanaf Jezus van Nazareth een wereldwijd project wordt, dat in die wereld, in dat project, er veel meer mogelijk is dan je denkt. Daar zit zoveel leven in dat het voortdurend de grenzen van het mogelijke overgaat: Maria’s die alvast zwanger worden en Elisabeth’s die alsnog zwanger worden. En mind you, dat is beeldtaal. Want moeder worden is heus niet de hoogste roeping. Leven voortbrengen, daar gaat het om. Volgens Jezus van Nazareth wordt dat hele trouwen enzo afgeschaft, volgens Paulus is de single gelukkiger dan de getrouwde want je wordt minder afgeleid, etcetera. Het gaat om leven voortbrengen, terwijl het nog niet van je verwacht kan worden (Maria) en leven voortbrengen terwijl niemand het nog van je verwacht (Elisabeth).

Nooit te oud om een nieuwe wereld te scheppen, nooit te jong om de bron te zijn van een nieuw begin. Zoiets. Dat zou weleens de key kunnen zijn voor vanochtend. Maria en Elisabeth als moeders van een nieuwe tijd, waarbij ze de bandbreedte van de verwachting, de blijde verwachting oprekken. Zodat ik met andere ogen naar mezelf kijk als ik allang niet meer van mezelf verwacht dat ik werkelijk iets kan bijdragen of niet verwacht dat ik al iets kan bijdragen aan die vernieuwde wereld. En dat het me nieuwsgierig maakt naar de mensen om me heen van wie ik nog niet verwacht dat ze nieuw leven kunnen voortbrengen, en degenen van wie ik verwacht dat ze het niet meer zullen doen omdat ze oud zijn of cynisch als Zacharias.

Dat moeilijk doen van dat kerstverhaal zou weleens een poging kunnen zijn om van ons weer nieuwsgierige mensen te raken, die zich graag laten verwonderen, die van alles opeens weer voor mogelijk houden, een soort koppig ‘het kan toch?’- waarbij de realist zucht: ‘ja, het kan… maar zullen we ons voor het gemak even beperken tot wat voor de hand ligt? Dat is al verrassend genoeg’ Nee, dat is zonde, zegt Zacharias nu hij weer wat kan praten. Onmogelijkheden zien is essentieel, anders wijs je zomaar mooie kwetsbare nieuwe mogelijkheden af met één opmerking. En loop je het risico dat iets of iemand vindt dat je maar beter even negen maanden je mond kunt houden.

Lullig voor Zacharias, maar hij is wel genezen. De bandbreedte van wat mogelijk is, werd aardig opgerekt. In zijn verwachting van zichzelf, en van de ander. En van de Maker van deze wereld. Verwachtingsvolle mensen gevraagd, we vieren kerst straks.

Jesaja 11:11-16

Openbaring 20:1121:8

Lucas 1:5-25