‘Ik voelde me zo zielsalleen, midden in die kerk tussen al die mensen’

‘Ik voelde me zo zielsalleen, midden in die kerk tussen al die mensen’

Sophie is onlangs gescheiden. Nu gaat ze alleen naar de kerk. Daar voelt ze fysiek de pijn van haar gemis wanneer een echtpaar, dat verderop zit, elkaar vertrouwd in de ogen kijkt.

Sinds kort schuif ik op zondagmorgen bij een traditionele kerk in de banken. De ene week alleen, de andere met kids. Ik ben nog nieuw, niet veel mensen kennen me nog. De anonimiteit is een verademing, ik moet even helemaal niks en niemand die me iets vraagt. Niemand ook die naar me kijkt. Toch zit daar gelijk een diepe, eenzame pijn. Want wat die mensen naast mij niet weten, is dat er een tijd is geweest dat er wel iemand naast me zat en naar me keek.

[Lees hier de eerste aflevering van de zoektocht van Sophie]

Ze weten ook niet dat er ik als pubermeisje mijn hand voorzichtig in die van mijn vriendje schoof, genietend van het moment in de kerk, samen bidden en verbonden zijn. En dat we een paar jaar later samen baden om een zegen over ons huwelijk, emotioneler kon niet. Nog weer later schoof er een klein handje in die van mij als we naar de kerk gingen. Ze kroelde heerlijk tegen me aan en voelde zich veilig. Over haar kleine hoofdje heen keken wij elkaar aan. We hoefden niks te zeggen, het was goed zo. Er kwamen nog meer hoofdjes bij en nog steeds zagen we elkaar, begrepen we elkaar en waren we veilig en diep verbonden.

Tot hij besloot een andere kant op te gaan en opeens zat ik daar alleen. Geen blikken van verstandhouding meer, geen uitwisseling van liefde voor die ene. Dat weten ze allemaal niet, die mensen naast mij in de kerk.

Het is niet spectaculair, maar toch…

Ook afgelopen zondag zat ik er weer. Een paar banken voor me zat een gezin; vader, moeder en vijf kinderen. De zonnestralen bereikten net hun rij waardoor ze me opvielen. Het was het moment waarop de kinderen vertrokken. Ze schoven de bank uit, waardoor de vader en de moeder naast elkaar zaten. Er gebeurde niks spectaculairs; het enige wat het stel deed, was elkaar aankijken. Ze hoefden niets te zeggen, want ze zagen in elkaars ogen wat ze allang weten, het vertrouwen dat het goed zit. Beiden glimlachen kort voor het orgel inzette en de blik naar voren werd gericht.

Maar ik, ik zat helemaal stil in de banken en kon alleen maar aan die blik denken. In die blik herkende ik opeens alles wat ik verloren heb in het afgelopen jaar. Ik voelde haast fysieke de pijn van gemis. Ik slikte de brok in mijn keel weg, mijn ogen schoten vol tranen en opeens.

Ik zag in de kerk dat de liefde nog bestaat

Diep in mij zit een verlangen naar die ander, naar een blik vol betekenis en begrip. Zo’n blik dat je weer even weet, met vertrouwen, dat het goed tussen jullie zit. Wat zou ik nu toch graag mijn hand uit willen steken en dat die ander mijn hand dan vastpakt. Dat ook wij niks hoeven te zeggen en alleen een blik uitwisselen dat we elkaar begrijpen. Maar die hand is er niet meer, de blik ontbreekt en ik mis het met heel mijn hart.

De dienst ging door, en hoewel de mensen voor me geen idee hadden van wat er gebeurde, ze gaven mij een heel klein beetje rust. Ik zag dat de liefde nog bestaat. Er is hoop.

Sophie is een pseudoniem