Als vrouwen moeten zwijgen… #Brimstone

Als vrouwen moeten zwijgen… #Brimstone

Theoloog én feminist Eleonora bekeek de huiveringwekkende film Brimstone. Waarin vrouwen moeten zwijgen en de dominee en het noodlot een duister duo zijn waaraan je niet kunt ontsnappen. (Let op: spoiler alert). 

Verdwaasd liep ik de bioscoop binnen, nog niet helemaal hersteld van een hardnekkige griep. Rillend zat ik de film uit, en nog verdwaasder liep ik weer naar buiten. Koolhoven, de regisseur, is een meester in het regisseren van de afschuw. Hij suggereert niet alleen onuitsprekelijke horrors, hij verbeeldt ze ook. De regisseur schuwt hierbij het effectbejag niet: hij laat zien, maar hij vertelt niet altijd.

De film verbeeldt hoe een domineesfamilie uit Nederland probeert als Gods uitgekozen volk een nieuw leven op te bouwen in de Verenigde Staten, Gods uitgekozen land. Hun houten huizen zien er nog nieuwgebouwd uit, maar de zieke familiedynamiek blijkt zo oud te zijn als de wereld zelf. Al in de eerste minuten van de film komt een baby levenloos ter wereld. Om de moeder te redden werd de schedel van de baby gekraakt. Deze scene vormt de opmaat voor een spiraal van wraak, geweld en misbruik.

Algehele dodelijke apathie

De kerkgemeenschap luistert ondertussen devoot naar de dominee, maar is verder notoir afwezig: zij zwijgen, zij kijken toe, zij zingen mee, zij zijn er maar ze zijn er niet. Deze algehele apathie is in de film letterlijk dodelijk. Zonder de tegenkrachten van de gemeenschap blijft de dominee de zonnekoning, een onweerlegbaar interpreet van de Bijbel en sadist zonder weerga. Hij heeft ook geen naam, hij ís the reverend.
Juist in de week dat Trump discriminerende decreten tekent, herinnert mij dit gegeven eraan dat de (geloofs)gemeenschap niet willoos overgeleverd is aan de powers that be: zij creëren ze zelf om aan hun eigen behoefte te voldoen. In het geval van de film is er de behoefte aan het uitverkoren zijn, aan strenger en rechtzinniger in de leer te zijn dan hun land- en geloofsgenoten die ze in Nederland achterlieten.

Personificatie van het onpeilbare kwaad

De lange film is niet lineair, en juist door het niet-lineaire karakter komen de horrors dieper binnen: heden en verleden vervagen in een wervelwind van grotesk kwaad. Toch blijft de dominee, de meesterverdraaier, een één-dimensionale perverseling. Hij krijgt vooral gezicht in de film als de personificatie van het absolute, bodemloze, onpeilbare kwaad. Kenmerkend is de scene waarin hij een meisje van een jaar of vijf met de zweep ervan langs geeft. We kijken niet weg, we zien in real time de striemen verschijnen.

De vrouwen in de film zoeken wanhopig naar een uitweg van hun tirannieke echtgenoot, vader of pooier, en stellen daarbij hun eigen lichaam in de waagschaal. Ondanks de vaak radicale maatregelen die ze nemen, krijgen ze van Koolhoven geen stem. Het spreken is hun letterlijk onmogelijk gemaakt, door zulke barbaarse maatregelen als het afsnijden van hun tong of een middeleeuws aandoend martelwerktuig om hun hoofd dat hun tong in hun mond vastpint.
De kern van de film is het feit dat vrouwen niet kunnen spreken, behalve in hun zelfgekozen dood. De dood is de enige uitweg die Koolhoven zijn personages biedt. Uiteindelijk biedt de film dan ook geen hoop. De dominee en het noodlot blijken samen een ijzersterk duo te zijn waarvan geen ontsnapping mogelijk is.

Feministische film? Welnee!

Feministisch is de film dan ook allerminst, ook al willen de NRC en Koolhoven zelf ons dat laten geloven. Een vrouwelijke hoofdpersoon in het western-genre of een film waarin de mannen grotere eikels zijn dan vrouwen maakt je film niet feministisch. Feministisch is je film wanneer vrouwen kunnen spreken en zelf over hun eigen lot kunnen bepalen. Basale vrijheid is dan ook het basale kenmerk van een feministische film. En als je één van je vrouwen letterlijk muilkorft (een gepijnigd kijkende, maar opvallend gedweeë Carice van Houten) waarna ze geen andere mogelijkheid zien dan zichzelf te verhangen voor het oog van de hele goegemeente, dan is je film dus níet feministisch.

Daarom is het opvallend dat de film juist wel hint op een happy einde. Het jonge dochtertje is een mooie jonge vrouw geworden, en we zien haar met een vrolijk dartelend blond meisje, waarschijnlijk haar dochter. Maar tegen die tijd helpt het niet meer, het is gratuit van Koolhoven om de verzoening en de toekomst in de derde en de vierde generatie vrouwen te plaatsen. Zolang vrouwen niet kunnen spreken, is er geen hoop.