Obama, Paulus en burgerschap

Obama, Paulus en burgerschap

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Obama, Paulus en burgerschap – PopUpGedachte donderdag 12 januari

De speech van Obama gisteren was er weer zo eentje. Zo’n retorisch wonder, een preek die harten raakt en oproept tot bekering, tot geloof, tot hoop, tot liefde. Niet als een dominee, zeker als president. Politieke bekering, politiek geloof, politieke hoop en liefde was het zeker. Hij hamerde op self-government. Een democratie kan niet bestaan als de leden ervan niet zelf verantwoordelijkheid nemen, zelfstandig regerende burgers die het goede voor het land zoeken. Het hoogste ambt in de democratie is dat van ‘burger’, zo zei de binnenkort-weer-burger Barack Obama. Paulus zegt het vanochtend op zijn manier, in zijn taal; u taste vroeger rond in het duister, op zoek naar enkel het goede voor jezelf, maar nu bent u daaruit gered, zegt hij en hij graveert deze zinnen diep in het papier: ‘Gods werk zijn wij, geschapen in Christus Jezus om in ons leven de goede dingen te doen die God voor ons heeft bereid, opdat wij daarin zouden wandelen.’

Paulus wil zijn lezers doordringen van hun taak, hun ambt, hun roeping die hij schepping noemt. Je bent zorgvuldig uitgekozen en er wacht je een belangrijke taak: op de dag die komt, in de week die komt, in de jaren die volgen zullen er een aantal zaken op je pad komen waarin jij gevraagd wordt het goede te doen. Niet het goede voor jou, maar voor de wereld, de planeet, de mensheid. Hij wil zijn luisteraars nieuwsgierige, verwachtingsvolle, klaarstaande mensen maken.

Die goede dingen staan waarschijnlijk niet in mijn agenda, ze zijn niet me opgedragen door de baas, maar ik ga er tegenaan lopen vandaag en alleen als ik alert ben, herken ik het. Anders denk ik al gauw, dat het misschien een taak is voor iemand anders. Dat het wat lastig is en ik morgen wel terug kom. Ik wil die nieuwsgierigheid wel vandaag en morgen. Wat ligt er klaar om te doen?

In het evangelie van Marcus, die kortste biografie over JC van Nazareth loopt Jezus tegen en melaatse aan. Of eigenlijk: die komt op hem af. En dat is vreemd, want die komen niet onder de mensen. De ziekte die zij bij zich dragen is zo besmettelijk, zo goor en dodelijk dat iedereen die het heeft in quarantaine moet blijven. Je bent een schuldige moordenaar van onschuldige anderen als je je onder de mensen begeeft. Neem je verantwoordelijkheid, blijf weg, zieke man.

Deze niet. Er staat: Er kwam een melaatse op hem, Jezus, af die om hulp vroeg. Hij viel op z’n knieën en zei: Als u wilt, kunt u me rein maken.’ De man had een overtuiging opgedaan, hij wist iets diep van binnen en waagde de grote gok. ‘Diep ontroerd stak hij zijn hand uit en raakte hem aan.’ staat er dan. Terwijl hij op andere momenten genezingen uitspreekt, ráákt hij hier de man aan. De handeling waardoor hij zelf in alle gevallen het volgende slachtoffer wordt van de melaatsheid. Onaanraakbaar, dat was de man, maar niet deze keer. ´Ik wil het, wordt rein,’ zei hij. ‘Meteen verdween zijn melaatsheid en hij werd rein.’

Ik ken geen melaatsen. Wel mensen wiens leven zo depressief is dat ze maar liever anderen er niet mee lastig vallen. Het is maar deprimerend, het gevoel dat hun situatie zo’n zwarte wolk verspreidt dat het delen ervan niet de last verlicht, maar anderen meesleept in het donker. En ze houden hun gevoel van pijn en donkerheid in quarantaine, weg bij de mensen, onaanraakbaar. Ik doe het met mijn eigen angst, mijn eigen vrees om te falen. Wat heeft een ander eraan?

‘Geschapen in Christus Jezus’ zegt Paulus. En het zou te gek zijn als het dit betekent: dat het licht wat je meedraagt, besmettelijker is dan het donker van de ander. Het vertrouwen dat hoe rauw het verhaal en het leven van de ander ook is, je niet meegezogen wordt in de neerwaartse spiraal maar je de ander meeneemt in die lichter wordende spiraal.

De melaatse is besmettelijk en mag niemand aanraken. Jezus van Nazareth is ook besmettelijk. Als hij iemand aanraakt, dan is zijn gezondheid een krachtiger virus dan het donkere virus van de ziekte die de man bij zich draagt.

Ik weet niet wat ik vandaag tegen ga komen of de komende weken, maar de gok wagen dat de gezondheid die ik soms voel net zo goed een virus is dat overgedragen kan worden als iemand bij mij zijn shit op tafel legt, kan een hoop vertrouwen geven en ruimte in mijn hoofd om gewoon maar te luisteren naar het donker waar de ander in rondloopt. Het vertrouwen om niet mee te doen in de onuitgesproken cultuur dat iedereen die er zo doorheen zit dat zijn leven niet meer vrolijkstemmend maar deprimerend is, zich toch een beetje terug moet trekken uit de sociale kringen of zich tenminste een vrolijk masker moet laten aanmeten.

Barack noemde ‘citizen’ het hoogste ambt. Paulus zegt hetzelfde in zijn eigen woorden. Self-government, ik ben geroepen. Barack roemde zijn vrouw, was trots op zijn kinderen en dankte iedereen om hem heen als change-makers. De dingen die je tegenkomt zijn wel voor jou om te doen, maar dat hoeft nooit in je eentje te doen, zoals Obama dat nooit heeft gedaan of gepretendeerd. Self-government is wel verantwoordelijk nemen, maar nooit alleen de last proberen te dragen.

Veel goeds!

Jesaja 41:17-29

Efeziërs 2:11-22

Marcus 2:1-12