Geloven op de gok

Geloven op de gok

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Geloven op de gok – PopUpGedachte donderdag 26 januari

Ik stond te wachten bij de ingang van de Vrije Universiteit. Een afspraak met een vakcollega. Doorpraten over politiek, geloof, media. In de hal is het een komen en gaan van studenten, docenten, allerlei achtergronden en culturen. En terwijl ik tegen een tafel geleund sta, zie ik dat iemand mij opmerkt en het lijkt erop dat we elkaar kennen. Hij komt met uitgestoken hand op me af: ‘ken je me nog?’ ‘Ja’ zeg ik meteen, ‘maar help me even waar en wanneer ook alweer.’ ‘Ik ben Aladdin uit de Vluchtkerk.’ Nou weet ik het weer. Jaren geleden alweer kraakten we met een groep mensen die oude betonnen kerkkolos bij ons in de wijk om onderdak te bieden aan uitgeprocedeerde vluchtelingen die geen kant op kunnen. Wij zijn hier heet het protest en Aladdin was daarbij. ‘Wat doe je?’ Hij blijkt te studeren, derdejaars psychologie. Het gaat hem goed.

We praten wat over mijn en zijn werk, hij werkt aan een initiatief met jongeren en vrede, moslims, christen, wat dan ook. Dan ineens zegt hij iets over Jezus. En dat hij als moslim die man echt te gek vind. Zo veel goddelijkheid in die man. Hij was een soort shock-treatment, zegt hij tegen mij. Voor zijn tijdgenoten dan he. Die dachten dat de Messias hen kwam verlossen van de Romeinen, maar hij kwam hen verlossen van hun ego. Shock! Niet te doen.

Geniaal, het evangelie strak neergezet in twee zinnen. Ja, zegt hij, en dat is een geheim he. Dat vat je niet zomaar. Daar moet je werkelijk je in verdiepen, in zoeken en graven. Het gaat niet om de woordjes die er staan, maar om de wijsheid. Aladdin is mysticus, dat is zeker.

En terwijl ik de teksten van vanochtend lees, moet ik weer aan hem denken. Paulus kwam met die verkondiging van verlossing van het ego, en maakte dat toegankelijk voor iedereen. Iedereen kon kind van Abraham worden, want het ging om de God die we kennen via Abraham. En daar was verder niets voor nodig. Niet dat je opeens een keurige Jood wordt met pijpekrullen, strakke spijswetten en een besnijdenis. Zoals het hier niet nodig is dat je keurig christen wordt, de kerkgeschiedenis kent of je zelf uberhaupt gelovige noemt. Er is iets anders, een vertrouwen, een gok, een geloof.

En dat raak je zomaar weer kwijt. Want heldere voorschriften over hoe te leven zijn veel makkelijker. Met dat Paulus dat mooie open vertrouwensverhaal gedropt heeft bij de Galaten aan wie hij schrijft en is vertrokken, begint men toch weer te geloven dat het wel belangrijk is om je dan ook aan de gebruiken van de Joodse religie te houden.

Woedend is Paulus in zijn brief vanochtend: ‘Galaten, u hebt uw verstand verloren! Wie heeft u in de ban gekregen? Ik heb u Jezus Christus toch openlijk en duidelijk als gekruisigde bekend gemaakt (en niet als kampioen van het keurige leven, man die op basis van wetten en regelgeving een dikke pluim heeft gekregen?) Hebt u de geest gekregen omdat u de wet naleeft of omdat u naar hem luistert en op hem vertrouwd?’

Waarom zo pissig Paulus? Wat staat hier op het spel? Is men weer gaan geloven in het ego? Dat als ik keurig leef, de heer der wereld mij wel een pluim zal geven? Is men weer uitgegaan van inspanning en beloning? Want dat is inderdaad haaks op het evangelie.

Het idee was juist: We fucked up en als we met lege handen staan, krijgen we de kans om het opnieuw te proberen. Zonder al teveel vertrouwen dat we het allemaal wel weten, daarvoor hebben teveel generaties voor ons dezelfde patronen van eerzucht, ego en zelfbehoud vertoond. Geef je maar over, vertrouw.

Hoe werkt dat? In elke relatie sluipt dat voorwaardelijk liefhebben en vertrouwen er in. Dat is de reden dat we puberen. Als kind houden je ouders onvoorwaardelijk van je, als puber wordt je argwanend. Houden ze nu van me omdat ik me aan de regels hou? Of houden ze echt van me. En je zit te chagerijnen en te bokken, en uit te proberen en alles.

In mijn relatie met mijn vrouw denk ik weleens stiekem dat ze het ook leuk met mij heeft getroffen. Andersom nog veel meer, man, de mazzel. Maar ook over mijzelf denk ik het wel eens stiekem. Ik doe het wel aardig. In vergelijking met sommige anderen he?

Dat zijn niet de momenten van liefde of geluk. Dat zijn andere momenten. De werkelijke momenten van liefde zijn de momenten dat ik het verknald heb. Dat ik echt stom geweest ben. Dat ik niet meer zo goed weet wat ik voor excuus moet aandragen, want het was echt lam. En dat ze dan me aankijkt, een beetje moet lachen en een knuffel geeft en fluistert: ik hou van jou. En het klinkt alsof zij dat dan ook weer even echt beseft. Wat houden-van is. Ik ook, ik besef het dan ook.

Dat is waar Paulus naar opzoek is. Naar zo’n vertrouwen. Naar zo’n geloven op de gok. Niet om mij, maar omdat er van mij gehouden wordt. En irritant genoeg, besef ik pas hoeveel er van mij gehouden wordt als ik ofwel zo ziek ben dat ik niets meer kan en er allemaal lieve mensen zijn ofwel het zo verkloot hebt dat ik niet meer kán denken dat ik de aandacht wel een beetje verdiend heb. En die er toch is. Hierover gaat het evangelie. En dat raken we zomaar weer kwijt.

Ik was blij met Aladdin en zijn tover-woorden. Twee zinnen. Heel dat verhaal van Jezus samengevat door een mystieke moslim. En blij met Paulus en zijn woede. Hij is iets op het spoor, wat maar moeilijk in woorden te vangen is. Maar hij wil het voor geen goud kwijt.

Jesaja 49:13-23

Galaten 3:1-14

Marcus 6:30-46