Het bloed kruipt waar het niet gaan kan

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan – PopUpGedachte Woensdag 8 februari

De nacht is nog donker, over een kwartier zullen de vogels tevoorschijn komen en beginnen te fluiten en tsjilpen, tettereren en zingen. Dat kan niet anders, dat kunnen zij niet anders, zo gaat het, zo is de natuur, zo is het bloed. Er is iets heel ergs gebeurd als de vogels het niet doen en ik zal het niet merken als ze het wél doen, zo verweven is het met licht-worden, zelfs hier in de stad.

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan, de ware aard verloochent zich nooit, zegt het woordenboek over de betekenis. En daarover lees ik wat cryptische fragmenten vanochtend, waar ik probeer chocola van te maken maar of dat lukt. De directeur van Tony Cholonely heeft het me weleens uitgelegd trouwens, hoe dat gaat: chocola maken. Van cacaoboon naar warme cacaovloeistof, die dan precies op de juist temperatuur in de mal moet worden uitgegoten en dan gladgestreken. Soepel, trefzeker en met gevoel voor de vloeistof. Doe je dat niet precies goed, dan stolt de chocola niet goed. Gelukkig hoef je ‘m niet weg te kieperen, maar je moet die dan opnieuw smelten en weer proberen tot het mooi glanzend opdroogt.

Zo voel ik me ‘s ochtends. De ingrediënten worden gegeven, het zijn de oude lezingen uit de kerk, soms staar ik naar de drie teksten en vraag ik me af hoe dit in vredesnaam in de mal van de dag gegoten moet worden, soms voel je het meteen, veeg je het uit op de tafel, een paar zinnen, een enkele gedachte en klaar. Vanochtend vraag ik me af wat er uit gaat komen. Maar het dat het over de aard van het goede gaat, de ware aard, de aard van God, wat dat mysterie ook moge zijn, dat is welzeker.

Dit staat er in Jesaja: ‘De Heer zag het en het was slecht in zijn ogen dat er geen recht meer was. (snap ik, en dramatisch. Als rechters een dictator niet meer tegen kunnen houden, wie dan wel). Hij zag dat er niemand was. Hij was geschokt dat niemand zijn kant koos. (Dat vind ik mooi. God geschokt. De machtige verbijsterd, met de handen in het haar. En dan volgt:) Op eigen kracht bracht hij redding en zijn gerechtigheid spoorde hem aan.’ Dit is het bloed dat kruipt waar het niet gaan kan. Er was geen weg voor gerechtigheid, niemand zat erop te wachten, dat beeld. En dan is de Maker van de wereld, de ziel ervan, niet bereid om zich erbij neer te leggen maar baant hij zelf een weg.

Ik weet niet of je het rapport van Amnesty hebt gezien dat gisteren is verschenen over de massa-executies in de gevangenis van Assad in Syrie. Hoe mensen zonder enige vorm van proces soms wel met vijftig tegelijk worden opgehangen, iedere week, soms twee keer per week. Massagraven rondom dit ‘slachthuis’ – een verschrikkelijke term om een verschrikkelijke werkelijkheid aan te duiden. ‘De Heer zag het en het was slecht in zijn ogen dat er geen recht meer was. Hij was geschokt dat niemand zijn zijde koos.’ De gevangenen, wat konden zij doen? De machtigen steunen Assad. De wereld kijkt toe. En wie het goede wil, vlucht om ergens anders een leven op te bouwen wat wél recht doet aan wat het goede vraagt. Mijn God, wat ben ik dan blij met Amnesty. De ontmaskering. We zijn er alleen nog niet. Wie breng daar redding? Hoe? Wanneer?

Paulus schrijft aan Timotheus dat als mensen God verloochenen, God hen ook zal verloochenen. Als je zo het kwade kiest, dan zal hij ook zeggen dat hij je niet kent. Zoiets. Maar dan: ‘Als wij hem ontrouw zijn, blijft hij ons trouw, want zichzelf verloochenen kan hij niet.’

Als de mens kiest om ontrouw te zijn aan zijn maker, aan de bedoeling van wie we zijn, in grote getale, dan laat hij uiteindelijk niet gebeuren. Uiteindelijk zal het recht inbreken. En dan is die trouw niet per se goed nieuws voor moordenaars als Assad, voor ‘realisten’ die niet anders konden dan met slechte Libische autoriteiten werken om vluchtelingen buiten Europa te houden – hen het vuile werk te laten opknappen. Dat kan niet goed gaan. Daar zit mijn hoop. Dat kan niet de toekomst zijn. Niet omdat het niet zou kunnen werken voor Europa, niet omdat Trump geen winstgevende economieboost zou kunnen betekenen voor het land, maar omdat iets in, achter, onder deze wereld trouw is aan deze planeet en het niet helemaal uit zijn hand zal laten rukken. Er zal altijd weer een boost zijn, een injectie, een omkering. Soms moeten we wachten, soms moeten we die zelf creëren, in elk geval trouw zijn aan de hoop, het geloof, de liefde en de goedheid. Ook als niemand daar nog op zit te wachten, puur omdat we onszelf niet ontrouw willen zijn. Omdat niet de omgeving bepaalt wie wij zouden moeten zijn of hoe wij reageren, maar omdat het aan ons gegeven is goed te zijn. En dan zullen er wegen ontstaan.

Zoals Jan de Cock in de goorste gevangenissen de mooiste mensen ontmoet. Er was geen weg, maar hij besloot dat het zijn taak was om te gaan. En zo ontstond er een weg. Niet de omstandigheden bepalen wie ik ben, niet andermans ontvankelijkheid bepaalt of ik het goede heb te doen, zoals de ontvankelijkheid of inspanning van de mens voor het goede niet bepaalt of er naar de wereld wordt omgezien, maar juist andersom. Het is de goedheid van de maker, die ook in ons ingebakken is, soms diep weg, die maakt dat we kunnen vertrouwen dat het goede, trouw, doen, in wat voor omstandigheden dan ook, zin heeft.

Jesaja 59:15b-21

2 Timoteüs 1:15 – 2:13

Marcus 10:1-16