Over individualiteit

Over individualiteit

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Over individualiteit – PopUpGedachte vrijdag 3 maart

Een koude ochtend. De laatste van de werkweek. De volgende PopUpGedachte komt naar je toe vanuit Brussel, waar we met honderden mensen proberen de aandacht te trekken van de Europese leiders om nu eens werkelijk die vluchtelingen uit Griekenland en Italie te herplaatsen. Bring Them Here, heet het. Of We Gaan Ze Halen. Oh en dan hebben we gisteren als We Gaan Ze Halen ook nog eens de staat een dagvaarding gestuurd, op initiatief van een advocatenkantoor dat ons bijstaat. We kregen steeds nul op het rekest bij het wijzen op de aangegane verplichtingen jegens vluchtelingen en het lijkt erop dat we nu elkaar voor de rechter gaan zien. Heel raar. Ik heb dat nog nooit gedaan, nooit zo op barricades geklommen of met advocaten een rechter gezocht. Is dat nou mijn functie in dat wat Paulus vanochtend ‘het lichaam van Christus’ noemt? De roeptoeter?

Paulus schrijft aan dat kerkje in Korinte dit: ‘We zijn allen van dezelfde geest doordrenkt of we nu uit het Joodse volk of uit een ander volk afkomstig zijn, of we nu slaven of vrije mensen zijn.’ Het ademt dezelfde geest, het handelt in dezelfde geest en Paulus roept op om dat in elkaar te herkennen. En dat is niet gemakkelijk in een samenleving waarin er fiks verschil is tussen slaven en vrije mensen, tussen het Joodse volk en de andere volken. Er zal vast met de mond een soort gelijkheid worden beleden, maar om dat werkelijk uit te leven, gelijkwaardig.

In Deuteronomium dat oude boek wordt iedereen van het volk opgeroepen de sabbat, de zaterdag, vrij te nemen. Het maakt niet uit wie en hoe druk het is en of je wel of geen geld hebt. Je bent vrije mensen en om dat te oefenen en te beseffen neem je die dag vrij. ‘Bedenk zelf dat u slaven was in Egypte’ zegt Mozes tegen het Joodse volk ‘totdat de Here uw God u bevrijdde, daarom heeft hij u opgedragen de sabbat te houden.’ De sabbat is om te realiseren dat we geen slaven zijn, van niets of niemand, maar vrije mensen aan wie het leven gegeven is om te leven, niet om te overleven, niet om te vullen om maar geliefd te zijn of te kunnen eten of jezelf onder ogen te kunnen komen – dat kan ook he, niet kunnen stoppen met werken omdat je bang bent dat je dan lui bent. Je geweten als de slavendrijver. Wees een vrij mens, neem de sabbat en dan ook iedereen. Zodat op sabbat al slaaf en vrije mens geen verschil meer maakt, want iedereen strekt de benen, loopt rond alsof niemand hem of haar iets kan maken en neemt de tijd. Ontvangt de tijd, zou ik moeten zeggen.

‘Allen doordrenkt van eenzelfde geest’. Ik heb ooit toneel gedaan op de middelbare school. Een grote eindejaarsvoorstelling met andere leerlingen uit alle klassen en soorten richtingen. Hoe dichterbij de voorstellingsdata kwam, hoe meer alle verschillen wegvielen. Terwijl VWO en Mavo niet met elkaar omging, viel dat weg in de adrenaline van de voorbereiding, ouderejaars en jongerejaars zaten opeens over het leven te bomen, eenzelfde geest doordrenkte allen. Zo communities en netwerken vormen, doordrenkt van eenzelfde geest, mensen die elkaar anders nooit zouden zien en nu hetzelfde vuur, hetzelfde verlangen herkennen – maar zonder ook maar in de verste verte op elkaar te lijken. Zelfs in de functie die ze hebben in de club. Want beseft Paulus, er zijn er die opkijken naar een ander en zeggen: omdat ik niet zoals jij ben, hoor ik er niet bij. Ik praat niet zo makkelijk, of ik vind dat hele praktische maar gedoe, ik hou me gedeisd of wil juist de hele tijd alles veranderen. Ik hoor er niet bij.

Paulus schrijft: ‘Als de voet zou zeggen: ik ben geen hand dus ik hoor er niet bij, hoort hij er dan werkelijk niet bij? En als het oor zou zeggen: ik ben geen oog, dus ik hoor niet bij het lichaam, hoort hij er dan werkelijk niet bij? Als het hele lichaam oog zou zijn waar zou het dan mee horen? Als ze met elkaar slechts 1 lichaamsdeel zouden vormen, zou het dan nog een lichaam zijn?’

Over individualiteit en verbinding. Gedreven door eenzelfde geest waardoor verschillen wegvallen, bedoeld om vrij te zijn, niet langer slaaf van jezelf, een ander, de agenda of zelfs je Godsbeeld, en dan met een geheel eigen rol waarvan je niet kunt zeggen: was iedereen maar als ik en ook niet: ik ben niet zoals de ander dus ik hoor er niet bij. Individualiteit en verbondenheid, ik vind het een meesterlijk evenwicht bij Paulus. En als ik dan even soms roeptoeter moet vormen in dat lichaam, fine. Als ik maar weet dat wie toetert moeilijk luistert, en dat wie rent moeilijk stil zit. Iedereen is maar een deel van het geheel, individueel en verbonden.

 

Deuteronomium 5:1-22

2 Korintiërs 12:11-21

Matteüs 7:13-21