Bevrijd om los te laten

Bevrijd om los te laten

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Bevrijd om los te laten – PopUpGedachte 5 mei 2017

Wat een goed geheel is dat toch. De stemmigheid van dodenherdenking gisteren, tragere vormen van televisie kennen we eigenlijk niet. Onze zoon van 6 blikt terug op wat hij zag op tv met zijn vriendje en zei: we werden er zo rustig van. In alle commotie van de afgelopen dagen was het ontroerend en bevrijdend en gezamenlijk. En dan worden er vandaag overal lange tafels neergezet, luidruchtig vrijheidsmaaltijden gevierd met allerlei mensen van  allerlei afkomst, oud, jong, autochtoon, allochtoon, vluchteling en IND-er.

Of zoals  de tekst zegt vanochtend: ‘dan is er geen sprake meer van heiden of jood, besnedene of onbesnede, barbaar en onbeschaafde, van slaaf of vrije mens. Dáár is alleen Christus, alles in allen.’ Nou weet ik niet of aan die vrijheidstafels dat laatste zinnetje beleden zal worden, maar het wegvallende onderscheid is iets om met elkaar te vieren. Vrijheid.

Gisteren kwam Kees-Jan Mulder van Dag6 met een filmpje. Dat we kunnen bedenken waar we van bevrijd zijn, maar ook ons zouden kunnen richten op waar we voor bevrijd zijn. ‘Vrijheid van …’ of ‘de vrijheid om …’. Vandaag moet het in elk geval zijn ‘de vrijheid om …’.

De vrijheid om samen te eten, de vrijheid om in de tuin te zitten en niets te doen, de vrijheid om de buurman eens te spreken en de vrijheid om keihard los te gaan op de festivals. Paulus schrijft aan Kolosse ook over vrijheid. De vrijheid om iets los te laten. Al wat aards is, zoals hij dat zegt. Al wat laag-bij-de-gronds-is, omdat we op waarde zijn geschat en geliefd door de hoogste autoriteit in hemel en op aarde, die het ons heeft toevertrouwd om zelf bevrijdende mensen te zijn. Dan hoef je niet meer boos in het donker onvergelijkt binnen te halen wat jij voor jezelf wilt hebben. Dan kunnen we vrolijk en licht op eigen benen staan en zien wat ons te doen staat.

‘Maak er dus maar een einde aan,’ schrijft Paulus, ‘aan de immorele praktijken, ontucht, onzedelijkheid, hartstocht, begeerte en hebzucht die gelijk staat met afgoderij. Ook u hebt hierin geleefd, nu moet u dit alles vaarwel zeggen.’ Vrij zijn om je te bevrijden van dat wat je neerhaalt. Vrij zijn om de woede te laten varen, omdat het niet meer je identiteit is. Vrij zijn om niet meer kwaad te zijn op iemand die je in een kwaad daglicht heeft gesteld, omdat er altijd iemand anders is die je in een goed daglicht stelt en waarom zou die minder recht van spreken hebben. ‘Weg met toorn, gramschap, kwaadaardigheid, laster en beschimping. En beliegt elkaar niet meer.’

Paulus laat het voorkomen alsof het zo simpel is als verwisselen van kleren. Trek de oude mens met zijn gedragen uit en trek de kleren aan van de nieuwe mens, die op weg is naar het ware inzicht, zich vernieuwend naar het beeld van zijn schepper. Dán, zegt hij, dán is er geen sprake meer van heiden of jood, besnede of onbesneddene, barbaar en onbeschaafde, van slaaf of vrije mens. Dáár is alleen Christus, alles in allen.

Er is dan alleen een onderscheid tussen dat in mij wat wil vasthouden aan de toorn, aan de onredelijkheid, aan de hebzucht. Alsof ik niet genoeg heb, alsof ik niet genoeg gezien ben, alsof ik nog iets nodig heb omdat ik er anders niet mag zijn. Laat het gaan, zegt Paulus. Je hebt alles wat je nodig hebt, een lijf, een geest, ingepompte liefde voor vrienden, familie en god zelf. Je ziet het misschien niet, en de liefdeloosheid van je familie, de last van je lijf en de afwezigheid van god maken het je zo verrekte moeilijk om het te zien. Maar het is er ook. En waarom zou dat niet het eerste mogen zijn.

Leg het af als een stel oude kleren, juist op bevrijdingsdag. Frustrerend simpel stelt hij het voor en toch zit er iets in. Mijn woede naar iemand die op een cruciaal moment me laat vallen is groot en toch weet ik op datzelfde moment dat hij me niet echt liet vallen, dat zijn idee niet onredelijk was en dat hij niet de taak had op dat moment om een of andere zijde te kiezen. Hij moest doen wat hij moest doen en ik het mijne. Ik wist het en toch kon ik de woede niet loslaten. Als een afgedragen spijkerbroek die echt niet meer kan, maar zo lekker zit. Misschien is er woede nodig over mijn vasthoudendheid aan woede, of afgunst, of wat dan ook om het los te laten. Vandaag is het de dag voor vieren, voor zelfstandigheid, voor het vrolijke besef van de mogelijkheid dat de oude spijkerbroek ook gewoon weg kan. Vermaakt tot bloempot of gedumpt in de textielbak. Tijd voor iets nieuws, tijd voor bevrijding, loslaten en eenheid. Omdat je alles hebt wat je nodig hebt: je wordt vertrouwd.

Daniël 6:1-14

2 Johannes 1-13

Lucas 5:12-26