Je bent niet wijs, mens, maar dat geeft niet

Je bent niet wijs, mens, maar dat geeft niet

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Je bent niet wijs, mens, maar dat geeft niet – PopUpGedachte woensdag 24 mei

Goudomrand is de ochtendstond vanochtend. Wattige wolkenflarden drijven gestaag richting de plek waar straks de zon zal verschijnen en de gloed die zij doorgeven maakt dat alles goudgeel oplicht. Je kunt blijven kijken naar die lange strepen wolk die in steeds nieuwe vormen niet alleen aankondigen dat de zon straks opkomt maar zelf al de opkomst van de zon zijn.

In het boek Baruch vanochtend, een van die boekjes die de Bijbel net niet heeft gehaald –  wel fantastisch wijs maar de jury moest streng zijn – staat dit: ‘wie is ten hemel gevaren om daar de wijsheid te halen? Wie heeft haar van boven de wolken naar hier beneden gehaald? Wie is de zee overgestoken om haar daar te ontdekken? Wie kan haar kopen met goud?’ – Nou worden we nieuwsgierig, in een eerder fragment staat al dat de reuzen uit de oertijd ervan verstoken waren in elk geval, grote vechters waren dat, befaamde mannen maar staat er ‘hen heeft God niet verkoren, de weg naar kennis hen niet gegeven.’

Geen idee waar dat over gaat, die reuzen, maar hun was de wijsheid niet gegeven in elk geval. Wie dan wel? ‘Niemand is met haar wegen bekend,’ gaat de tekst verder, ‘niemand vertrouwd met haar paden, alleen de alwetende kent haar.’ Dat vind ik prachtig. Dan denk je eerst dat als het niet aan machtigen uit oertijden gegeven zal zijn, dan vast aan gewone mensen nu. Niks daarvan. Niemand is met haar wegen bekend. Ik vind dat opluchtend. Dat hele willen-wijs-zijn valt dan weg. Het zit er niet in. Dat lees ik in elk geval. Flarden die je tegenkomt, dat zou kunnen. De vraag is of je het dan herkent. Meer niet. Alleen de alwetende. Een fijn allitererende verwijzing naar degene die God heet in de geschiedenis van het Joodse volk.

En met die onvindbare wijsheid heeft hij de aarde gecreeerd. Dat is het Joodse verhaal. Je leeft niet in een chaos, ook al is dat bijna niet uit je strot te krijgen na de verschrikkelijke chaos in Manchester gister, de dagelijkse chaos in Syrie, de plekken waar honger van mensen dieren maakt en zo veel meer. Toch, desondanks, de ziel van dit alles is geen chaos daarom verzet zich onze maag en ons hart zich tegen zoveel onrecht. Omdat het er níet bij hoort. Je leeft niet in een chaos, je leeft niet in het toeval al valt alles wat er is je toe. Het vertrouwen van de wetenschapper dat er logica en begrip te vinden is bij voldoende bestudering is een uiting van dat vertrouwen. Er is wijsheid te vinden, al hebben legers van wetenschappers generatie op generatie nodig om een fragment daarvan te pakken.

De zon is nog  niet op, maar de wolken verlichten al. De wijsheid is onvindbaar, maar er zijn elementen die haar reflecteren en waar je jezelf in kunt koesteren. Dat is de gedachte vanochtend. We zijn niet wijs, gaan we niet worden ook. Niet in eigen beheer, niet als iets wat vanzelfsprekend is, hoogstens fragmenten, onderdeeltjes. Vraag maar aan de meest wijze mannen en vrouwen hoe wijs ze zichzelf vinden en voel hoe ze dalen in je achting als ze zich laten voorstaan op hun wijsheid. Dan is wijsheid opeens geen wijsheid meer. Wie veel weet, weet hoe weinig dat is.

En dan je erin koesteren. Dat is de uitnodiging van Jezus van Nazareth. Vertrouw het maar. Vertrouw de wereld. Waar de zinloosheid, de chaos en de leegte je soms aangaapt, wil hij je verleiden om te vertrouwen dat dit tijdelijke verschijnselen zijn. En zo is er onnoemelijk leed in Manchester maar direct daaromheen wordt er gezorgd, vastgehouden, liefgehad. Het gat dat geslagen werd in het vertrouwen, maakt het vertrouwen niet zinloos, maar maakt dat het vertrouwen aan het werk moet om zich te bewijzen, zoals rondom een wond witte bloedlichamen en allerlei processen hard aan het werk moeten om te bewijzen dat het lichaam geen desintegrerend geheel is maar samenvalt, samenwerkt en liefheeft, zo zou je kunnen zeggen – zich verbindt en uit is op heling en genezing. Dat vertrouwen.

Ik eindig vandaag met de lezing van het Lucasfragment omdat daar niets aan toe te voegen is: Jezus sprak tot zijn leerlingen: Daarom zeg ik u: wees niet bezorgd voor uw leven, wat ge zult eten en ook niet voor uw lichaam, wat ge zult aantrekken. Het leven is meer dan het voedsel en het lichaam meer dan de kleding. Let eens op de raven; ze zaaien niet en maaien niet, ze hebben geen voorraadkamer of schuur, maar God voedt ze. Hoeveel meer zijt gij dan de vogels! Trouwens, wie van u is in staat met al zijn tobben aan zijn levensweg een el toe te voegen. Als ge dus zelfs machteloos staat tegenover zoiets gerings, wat tobt ge dan over de rest. Let eens op de bloemen, hoe zij groeien; zij spinnen noch weven. Toch zeg ik u: zelfs Salomo was in al zijn pracht niet gekleed als een van hen. Als God nu het veldkruid dat er vandaag nog staat maar morgen in de oven wordt geworpen, zó kleedt hoeveel te meer dan u kleingelovigen. Vraagt u niet af wat u zult eten en drinken, wees niet ongerust. Uw vader weet wel dat u dit alles nodig hebt. Zoekt zijn Rijk dan zullen die dingen u erbij gegeven worden.

Baruch 3:24-38

Jakobus 5:13-18

Lucas 12:22-31