Als je wel wat hebt met God, maar niet met de kerk

Als je wel wat hebt met God, maar niet met de kerk

Ze hebben moeite met de kerk, maar tegelijkertijd zijn ze soms intensiever bezig met geloof dan mensen binnen de kerkmuren. Remmelt duikt in de wereld van deze ‘grensgangers’: wie zijn ze en wat zoeken ze?

Al een paar jaar ben ik gefascineerd door deze groep mensen. Mensen die het op dit moment even niet weten met de kerk. Misschien in de toekomst, de kerk van overmorgen, maar dan heel anders dan wat we nu gewend zijn. Het is begonnen met gesprekken in cafés, zomaar met een cappucino of een biertje met iemand bijpraten die ik een tijdje niet gesproken had.

Gaandeweg begon ik te beseffen dat in die gesprekken meer diepte zat dan in de meeste zondagse gesprekken na een kerkdienst. De zoektocht naar God en de worsteling met het leven werd gedeeld in het veilige geroezemoes van een café. De plek waar iedereen eerlijker durft te zijn dan daarbuiten. Wat me raakte was de echtheid, maar ook de losheid ten opzichte van de kerk.

Niet God is het probleem, maar wat dan wel? De mensen, de tradities, de taal? Dat wil ik de komende maanden verder proberen af te pellen. Ik ga op zoek naar een paar lijnen in al die verhalen: wat is de beweging die grensgangers maken? Wat is de vervreemding? En daarbij: wat is het onderliggende verlangen dat ik proef in de soms bevlogen verhalen?

Niet zomaar een verhaal over kerkverlating

Een van de reacties die ik de afgelopen tijd kreeg, was: ‘Oh, je bent bezig met kerkverlaters te interviewen?’ Nee dus. Ja, mensen die ik uitgebreid sprak, hadden vaak de kerk verlaten. Zoals de beweging de kerklozen, van Mark en Elsa Eikema. Voor mij is dat echt iets anders dan gewoon een verhaal over kerkverlating. Het is geen afscheid van geloof, God of Jezus zozeer. Het is veel meer een verandering in denken, voelen en doen. Het gaat over twee werelden die in de bestaande kerk niet meer bij elkaar lijken te willen komen. Dat gaat niet over evangelisch of gereformeerd.

Een rooms-katholieke jonge vrouw zag de kerk al jaren niet meer van binnen en had intussen al een paar protestantse alternatieven achter de rug. Maar ze vertelde vol overtuiging hoe ze geen avond oversloeg om te bidden. God was dichtbij voor haar en ze wilde geen dag leven zonder. Een ander deelde zijn zoektocht met me: van streng gereformeerd naar baptist. Mooie ervaringen en fijne mensen. En toch. Hij kwam er eigenlijk al langere tijd niet meer. Maar hij zocht wel andere plekken op om opgeladen te worden en God te ervaren.

Het gaat over twee werelden die in de bestaande kerk niet meer bij elkaar lijken te willen komen

Het is een ander verhaal, omdat er een zoektocht plaatsvindt die in mijn ogen wel degelijk nieuw is. Altijd zullen mensen kerken verlaten hebben met uiteenlopende redenen en al eeuwen bewegen gelovigen zich ook buiten het zicht van de georganiseerde kerk.

Wat in mijn beleving nieuw en tegelijk spannend is, is dat juist bewustgelovige, jongere mensen het steeds minder binnen de kerk lijken te kunnen vinden. Deels zal dat te vangen zijn in kritiek op bestaande vormen of te maken hebben met negatieve ervaringen in de lokale kerkgemeenschap. Maar er is meer aan de hand. Volgens mij gaat het over een soort cultuurbreuk en paradigmaverschuiving.

Ik werd ongemerkt ‘een van hen’

Ik stel mezelf regelmatig de vraag wat het is als ik aan den lijve vervreemding ervaar in een kerkdienst of binnen een kerkelijk gesprek. Dit is bij mij een sluimerend proces geweest van vele jaren. Als beginnend gemeentepredikant in Friesland hoorde ik mezelf soms praten als ik voor de zoveelste keer de wetslezing deed. De momenten waarop ik me afvroeg: ‘waarom doe ik dit?’ kwamen steeds vaker en onaangekondigder.

Ik heb dat destijds als een vormkwestie opgevat en hoopte met wat liturgische ruimte weer op adem te komen. Ik kwam vervolgens terecht in Amsterdam met een kerkplantingsinitiatief waar Stroom uit voortkwam. Even leek de lucht geklaard, omdat vormen losgelaten konden worden en een nieuwe dynamiek op gang kwam. Wat ik onderschat had, was dat het mijn eigen geloof ook sterk beïnvloedde. Ik werd ongemerkt ‘een van hen’. De uitspraak van Paulus over ‘de Jood een Jood, de Griek een Griek’ kwam veel dieper binnen dan ik ooit voor mogelijk gehouden had.

Ik voel de afhakers soms beter aan dan de dragers van de geloofsgemeenschap

Intussen sta ik weer een paar jaar verder aan de basis van een nieuw initiatief in Amsterdam-Zuidoost. Maar ik lijk minder belijning te hebben dan destijds. Ik ben terughoudender geworden in het neerzetten van iets als een samenkomst. Ik zoek naar een basis in kleinere en meer vloeibare vormen en groepen. Meer nog dan 10 jaar geleden zoek ik naar het DNA dat in staat is in een nieuwe omgeving iets te laten groeien wat echt is. Maar ook wat klopt met het leven waar ik in sta en waar mensen om mij heen mee binnenkomen. Ik ben zelf een grensganger geworden.

Het is voelbaar als ik doordeweeks als begeleider, coach of adviseur betrokken ben bij kerken van allerlei pluimage. Ik kan daar genieten. Tegelijk lukt het me niet meer om me thuis te voelen bij een manier van benaderen, of een cultuur. Als coach helpt dat mij om naar de kern terug te gaan. Maar met mijn andere been sta ik in een omgeving die een paar huizenblokken verwijderd is van de wereld van kerkvormen en kerktaal. Ik voel spanning als ik de afhakers soms beter aanvoel dan de dragers van de geloofsgemeenschap. Wil ik er zelf dan helemaal uit? Aan de andere kant: kan ik terug?

Grensganger: je kunt niet meer terug

Dat is misschien wel het punt dat ik steeds aantref in de gesprekken met andere grensgangers: ze kunnen niet meer terug. De beweging is ingezet en niet terug te draaien. Het kan tijdelijk even zo lijken, maar uiteindelijk passen deze kerken en deze gelovigen niet meer bij elkaar. Dat is pittig. Daar was kerk wel voor bedoeld, toch? Wat nu? Ik wil op zoek naar het verhaal achter tradities, persoonlijke gevoelens van gemis en eenzaamheid. Als het meer is dan wat draaien aan de knoppen van vorm en woorden, wat dan?

Ik proef verlangen naar plekken waar geloven en leven elkaar weer vinden

Het is spannend, omdat ik het niet precies weet en ik merk aan mijn gesprekspartners dat zij stuk voor stuk het ook nog niet weten. Intussen is deze zoektocht niet zonder risico’s, neem de nieuwe eenzaamheid. Of het perspectief van een uitgeleefde collectieve kerk naar nieuw beleefde individuele eenpersoonskerkjes. Of matheid en ontgoocheling als we over vijf jaar niets nieuws gevonden hebben en dat dit het dan is?

Zoektocht voorbij de frustratie

Waarom wil ik deze zoektocht aangaan? Omdat ik zelf het antwoord wil zoeken, maar ook met anderen in de spiegel wil kijken. De kerk, dat zijn wijzelf, inclusief afhakende zoekers buiten de kerkmuren. Hun verhalen doen ertoe en de zoektocht gaat over meer dan persoonlijke frustratie. Ik proef verlangen naar meer, naar plekken waar geloven en leven elkaar weer vinden en waar we wel degelijk elkaar weer ontmoeten. Maar voor het zover is, moeten we misschien de zoektocht maar gewoon aan durven gaan.

Doe je mee? Herken je zelf deze vervreemding?

Reageer en vertel over jouw zoektocht en wellicht jouw intussen gevonden ingrediënten voor een nieuw perspectief op kerk-zijn voor grensgangers.


Remmelt Meijer is theoloog en coach. Hij schrijft voor Lazarus een blogserie over de zogenaamde ‘grensgangers’. Mensen die geen aansluiting meer vinden in de kerk, maar wel zoeken naar God en verbondenheid met elkaar.