Omdat het goede op zich laat wachten

Omdat het goede op zich laat wachten

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Omdat wat goed is op zich laat wachten

Het is maandagochtend, de bomen rondom zijn krom in de wind, een gouden ochtendzon doet het groen oplichten. Vogels zijn allang op, ik nog maar net. En ik wacht, net als elke ochtend op elke werkdag, op inspiratie. Niet zo heel geduldig overigens, want ik heb mezelf een limiet gegeven. Er wordt geschreven, geluisterd, gedacht, gebeden, gezwegen en ingesproken vóór zeven uur. Toch is het elke keer wachten, zelfs het schrijven zelf is wachten; afwachten wat de volgende zin gaat worden en hoe die zal leiden naar een einde.

Gisteren sprak ik een vriendin over een traumatisch verlies in haar vriendenkring en hoe dat de verhoudingen vertroebeld had. Je wist niet zo goed meer wat je aan de ander had, wat te doen om weer contact te maken en waarom het uberhaupt weg was. En er was maar één antwoord: geduld. Wachten tot de tijd, of de heer, net of je daarin gelooft, of het universum – kan ook – duidelijk zal maken dat dít het moment is om dít te zeggen. Beide weet je niet en heb je niet in de hand: wat je moet zeggen of doen en op welk moment je het moet zeggen en doen – en dan geldt misschien wel de meest spirituele van alle disciplines: geduld.

Niet eindeloos overigens. Jezus van Nazareth vertelt vanochtend een verhaaltje over een vijgeboom waaraan de eigenaar al drie jaar geen vrucht had gezien. ‘waartoe put hij de grond nog uit?’. ‘De wijngaardenier zei: Laat hem nog even staan, laat mij de grond omspitten, mest aanbrengen, misschien volgend jaar. Zo niet, dan kunt ge hem omhakken.’

Interessant dat de wijngaardenier zelf er niet over lijkt te piekeren om hem om te hakken, maar de redelijkheid ziet van de eigenaar en nog een kans wil wagen. Geen vrucht dragen is dus niet het probleem. Jaren geen vrucht dragen is niet het probleem. Dat jij of ik jaren niets uit de vingers zou zien komen, dat er geen resultaat is op ons werk, dat we niet het idee hebben iets toe te voegen – dat kan gewoon: jarenlang. Niemand hoeft je daarover iets te verwijten, er is geen paniek nodig. Uiteindelijk is het een keer belangrijk, dat er iets ontstaat, maar drie jaren is lang. En dan komt er nog eens mest bij, en de grond wordt omgespit. Dan moet er wel iets gebeuren, maar het punt hier is volgens mij geduld. Die vijgeboom mag rustig drie jaren de grond uitputten, zonder dat het iets oplevert. Ik mag jaren op de goedheid, het geduld en de investering van anderen teren. Daar zit geen oordeel in. Ja, er wordt gehoopt op vrucht, daar ben je voor gemaakt, dat voel je zelf ook wel maar zonder vrucht mag je er jaren staan.

Paulus schrijft dat hij nog steeds dankt hij in dienst is genomen, dat hem ‘het vertrouwen is geschonken door mij in dienst te nemen hoewel ik een godslasteraar was, vervolger en geweldenaar.’ Dat vond hij toen niet, maar het was wel zo. Hij sleurde ketterse joden, volgelingen van die lelijke Jezus van Nazareth – vond hij toen – uit hun huizen om hen te laten berechten. Maar zegt hij, Jezus wilde heel zijn lankmoedigheid hiermee demonstreren als een model voor hen die in de toekomst op hem zouden vertrouwen.’ De maker neemt de gekste mensen in dienst. Niet alleen mensen die de grond uitputten omdat ze niks opleveren, maar zelfs mensen die de grond actief vergiftigen. En niet meteen. Paulus kan dit jaren doen. En dan op een gegeven moment is het klaar.

Wij weten niet wat we zelf moeten zeggen en op welk moment als de situatie te moeilijk is om op te lossen. Wij weten ook niet wanneer de maker iets gaat zeggen en op welk moment als de mensen die het kwade doen te moeilijk zijn om op te lossen. En toch kunnen ze in hun kraag worden gegrepen. Jij en ik ook.

Geloven in geduld. Dat het allemaal niet hoeft: je plek waard zijn, de investering waard zijn, daar gaan we helemaal niet over. We bestaan. En ja, God, wat hoop je dat je iets kunt toevoegen, van belang bent, maar dat mag duren, en lang. Als een vijgeboom die tijd al krijgt. En het kan zelfs zo zijn dat het werk waar je jezelf aan toewijdt omdat je meent daar werkelijk iets goeds mee te doen, als Paulus voor zijn ommekeer, dat dit werk eigenlijk nogal vergiftigend en ziek is. En ook dat is niet het einde van de zaak, maar het begin. Je bent het waard geacht om de kraag gepakt te worden en het geduld van degene die het goede zoekt in de wereld is groter dan jij en ik ons ooit menen te kunnen veroorloven. Het hoeft allemaal niet en er kan heel veel. Het ontsnapt aan onze waarneming, het ligt buiten onze horizon en ons bereik, tot het er opeens inploft en dan is het vroeg genoeg om op te pakken, aan te pakken, mee te werken. Of dat nu het inzicht is dat je iets heel anders moet gaan doen dan je deed, of het inzicht dat je niet zo godverlaten bent als je dacht.

Geduld is niet alleen een schone, maar ook een spirituele zaak. Een besef van onvermogen om te overzien en een oefening in overgave aan  tijd, wereld, god. De geduldige leert ons geduldig actief geduld.

Ruth 1:1-18

1 Timoteüs 1:1-17

Lucas 13:1-9