Het is nooit ver te zoeken

Het is nooit ver te zoeken

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Het is nooit ver te zoeken

“Wat is inspiratie?” vroeg de mier. Hij vond het een mooi woord. “Dat je verstand zó stil is dat je goeie ideeën kunt horen” zei de vlinder. Iemand parafraseerde Toon Tellegen.

Stil zijn. Tot je goede ideeën kunt horen. misschien zonder te weten dat het goede ideeën zijn.

Ze zijn dichtbij. Goede ideeën. Het goede leven. Dat wat gedaan moet worden. Er zijn geen sceances nodig, geen buitenaardse capriolen, geen diepgravende psychiatrische sessies, dat wat gedaan moet worden, wat voor mij is om te geloven en vorm te geven is dichtbij. Dat beweren de oude teksten van het christendom althans. Ik dacht dat het volgende een tekst van Jezus van Nazareth was, maar hij citeerde slechts een oude Joodse waarheid: ‘de geboden die ik u heden geef zijn niet  te zwaar voor u, ze liggen niet buiten uw bereik.’ Bijna bhoeddistisch; ik geef geen absurde ideeën maar een simpele manier van leven, een leefsysteem, geen dolle religie. ‘Ze zijn niet in de hemel’ vervolgt de tekst ‘en je hoeft niet te zeggen: wie zal naar de hemel opvaren om ze voor ons te halen en ze ons te laten horen zodat wij ze kunnen volbrengen.’

We hebben geen verlichte geest nodig die doordringt in de goddelijke wijsheid, geen goeroe die zich terugtrekt met kruiden, psychedelica of zich laat inmetselen in een grot. Het zijn interessante mensen maar we hebben ze niet nodig om te weten wat ons te doen staat. Er zijn geen honderden levens nodig om te komen tot verlichting of inzicht, het spijt me verlichte denkers, er is geen doordringen in de goddelijke geheimen nodig. Het is boeiend en mooi, maar niet nodig om te weten wat ons te doen staat.

‘Nee het woord is dicht bij u’ staat er, ‘in uw mond en in uw hart. ‘Gij kunt het dus volbrengen.’ Ook wel een manier om geen excuus te hebben als je faalt overigens. Maar dat terzijde. De ideeën van het Joods-christelijk denken zijn niet bedoeld voor een leven na dit leven, voor een andere situatie dan de dagelijkse, het is vandaag, dit uur, dit moment. En het volgende moment weer. Natuurlijk kan een concentratie-oefening je helpen, kan het lezen van de teksten zo heel vroeg in de ochtend je scherp houden, maar niet omdat het ver te zoeken is, ze moeten je doen ontdekken hoe dichtbij het goede is dat er ligt om te doen. Onder handbereik.

Het geeft een soort rust en ook een verwachting. Ik kan het goede doen niet voor me uitschuiven, want het ligt om de hoek te wachten. Ik kan niet langer bedenken dat als ik eenmaal rust heb, of een huis, of een relatie of over dit-of-dat heen ben, dat ik dan wel de basis zal hebben om te doen wat me eigenlijk gevraagd wordt in het leven. Het is nooit ver te zoeken, maar in uw mond en in uw hart. We weten het. We zeggen het. We kunnen eraan beginnen.

Frustrerend dat het ons dan de hele tijd ontglipt. Dat wel. Waar zijn al die goede mensen die het goede leven uitleven als het allemaal zo dichtbij is. In mijn mond en hart huizen ook allerlei lelijkere dingen die heel weinig te maken hebben met het goede doen en het goede leven. En het Joodse volk kreeg het dan mee, simpel en recht voor z’n raap. Maar lukte het niet om het uit te leven.

In het tweede fragment klimt in bezet Palestina (Jezus dagen) een landverrader in een boom, verguisd door de gemeenschap, belastingheffer voor de vervloekte Romeinen. Het goede was dichtbij, het geld was nog dichtbij-er zou elke Jood zeggen met haat in de ogen. Jezus roept hem naar beneden en wil bij hem thuis eten. Grote eer.

Het goede doen zelf was niet dichtbij meer voor deze man. Hij had verloren en volgens zijn omgeving was hij verloren. Maar Van Nazareth was wel dichtbij. Die zag een man die verlangde, wilde zien, hoop had ergens. En meer was er niet nodig. Het goede doen was niet dichtbij, Jezus van Nazareth wel. En dan gaat het snel. De man belooft zijn halve bezit weg te geven en als hij iets heeft afgeperst het viervoudig terug te betalen. Zo dichtbij was het goede doen dan ook wel weer. Er was maar één zin voor nodig, van waardering en omhelzing te midden van uitsluiting, cynisme en begrijpelijke weerzin.

Dichtbij u is het woord, om te doen – maar blijkbaar ook om te spreken. Ik wil met u eten. En alles verandert. Een goede dag vandaag, waarop het goede nooit ver te zoeken is.

1 Samuël 11:1-15

Handelingen 8:1b-13

Lucas 22:63-71