Als het vertrouwen weg is

Als het vertrouwen weg is

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Als het vertrouwen weg is – PopUpGedachte vrijdagochtend 7 juli 2017

Het is vroeg, maar de snelweg raast al. Soms hoor je het opeens, als de geluiden door de wind hierheen gedragen worden. De duiven koeren er niet minder om, de kraaien doen hun best en de merels proberen er iets moois van te maken. Flarden goudverlichte wolken drijven langs en ik lees. Over het vele goud waarmee de eerste Joodse priester Aaron werd omhangen. De bijzondere gewaden, de voorname uitdossing. Hij als centrale figuur in een wereld waarin de mens aan zichzelf lijkt overgeleverd en het een daad van vertrouwen en overgave is om te geloven dat we niet alleen zijn en dat het recht van de sterkste enkel dood en verderf brengt.

De priester symboliseert dat. In zijn witte kleding, zijn gouden vormgeving, zijn borstschild met edelstenen, elk één voor alle stammen van het volk Israel. En twee om mee te dobbelen, als een beslissing ingrijpen van hoger hand vereist. Hij is het symbool dat de mens niet alleen is, maar hij is ook niet meer dan dat. Een symbool. Wie het gelooft, ziet, hoopt, gaat op de knieën. Wie het niet gelooft, ziet een belachelijk figuur. Iemand die geen land verbouwt, waar iemand van kan eten. Iemand die geen druiven teelt zodat er kan worden gedronken. Iemand die de hoogste positie heeft, maar enkel gebakken lucht is . Want wat voor nut heeft hij of zij. Als het geloof weg is, kan geen goud de verteller van het heilige meer redden. Sterker nog, als het geloof weg is, dan zal het goud hem nekken.

Het is mijn vraag. Aan mijzelf. En aan de teksten. Wat als. Wat als het gebakken lucht is. Wat als mijn werk, dat zo niet aanwijsbaar is, zinloos blijkt omdat er werkelijk geen hogere spirituele orde is. Ga werken, langharig links tuig, roepen de critici op twitter – mensen die geen idee hebben. Maar toch. Als de verhalen praatjes worden, en de symbolen pogingen tot controle van anderen, zelfverheffing, machtsmiddelen, keer dan nog maar eens terug naar het heilige. Het heilige is zo kwetsbaar. Één sneer, één welverwoorde grap en alles kan opeens weg zijn, onbereikbaar weg. Ineens is God dood en zie hem dan maar weer eens te reanimeren. Want een God die je moet reanimeren, wat is dat precies?

Paulus verdedigt zich met de moed der wanhoop vanochtend. Hij is een kerkje gestart in Korinte maar het vertrouwen is weg. ‘Nu sta ik klaar om voor de derde keer naar u toe te komen, zegt hij, en ik zal u niet tot last zijn. Het gaat mij niet om uw geld, maar om u zelf.’ Hoe pijnlijk als je dat moet zeggen. Welke verwijten zijn er gemaakt aan jouw adres Paulus? ‘Goed, zegt gij, hij is on s niet persoonlijk tot last geweest, sluw als hij is heeft hij ons met slinkse middelen uitgebuit’. Tja, dan is het vertrouwen wel weg he? Je hebt hen overtuigd dat de argumenten waar ze hun weerzin tegen je op baseren ontkracht, maar de weerzin wordt niet losgelaten, er worden nieuwe argumenten voor gezocht. ‘Ik heb Titus, mijn afgezant, naar u gestuurd’ zegt Paulus, ‘heeft hij zich soms op uw kosten bevoordeeld?’.

Als het vertrouwen weg is. In de santenkraam, in de spiritualiteit, in de symboliek, in het belang. Dan is er geen land meer mee te bezeilen. Jezus van Nazareth lijkt zoiets te zien als hij vanochtend de stempel binnenstapt en daar woedend tafels van geldwisselaars en duivenverkopers omkeert. Hij citeert een oude profeet: ‘er staat geschreven, mijn huis moet een huis van gebed zijn, maar gij hebt er een rovershol van gemaakt.’ En ze hebben het niet eens gemerkt.

Geloof vereist overgave. Dat de zon daar achter die flarden niet puur een toeval is, dat die zon niet enkel een gasbol is, die ik kan gebruiken om te overleven, maar dat die me gegeven is uit liefde om het leven zo in te richten dat anderen zich weer kunnen koesteren in de warmte die je doorgeeft. En dat vraagt om vertrouwen, dat niet in financiën is uit te drukken, dat zo gauw er geld bij komt kijken bijzonder kwetsbaar wordt. En je kunt teleurgesteld worden, het kan zijn dat het toch allemaal anders zit, dat je eenzamer bent dan je denkt, dat het allemaal niet helpt. En dan is geld fijner, rationeler, betrouwbaarder toch? Daar kun je tenminste iets mee. Dat doet wat het belooft, namelijk je de mogelijkheid geven om te nemen wat je wilt hebben. Toch is dat ook niet waar. Geld doet ook niet wat het belooft. Wie veel heeft wil meer en wat echt belangrijk is in het leven moet je gegeven worden, niet gekocht. Zoals de liefde.

Geloof, symboliek, hoop – het is niet betrouwbaar, daar heeft de cynicus gelijk in. Maar cynisme of economie is net zo min betrouwbaar. En in the end wordt je van het cynisme en de koude berekening een lelijker mens dan je van de eerste zou kunnen worden. Geloof is er niet omdat het werkt, omdat het vaststaat, omdat het onontkoombaar is, het is er omdat het matcht met verlangen, omdat het de gok waard is, omdat het hoopvol is. Wie het ziet, ziet het.

Sirach 45:6-16

2 Korintiërs 12:11-21

Lucas 19:41-48