Klaar met Luther, tijd voor actie

Klaar met Luther, tijd voor actie

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Klaar met Luther, tijd voor actie – PopUpGedachte dinsdag 29 augustus 2017

Het is dinsdagochtend, de ochtenden worden rap donkerder al zijn de nachten nog warm. Langzaam bereidt de natuur ons voor op koudere tijden, al kunnen we ons overdag dan nog even wentelen in de warmte. Het zijn signalen en als Luther iets van gevoel had gehad voor signalen, had hij met de bijbeltekst van vanochtend de kachel niet hoeven aanmaken.

Het is 500 jaar na de Reformatie. Overal wordt dit jaar aandacht gegeven aan de monnik die graag een biertje lustte, mogelijk een kerkdeur vandaliseerde met spijkers en stellingen en de gelovige mensheid verloste van de terreur van de hiërarchie. Zelf denken, zei hij. En goede werken? Die je zou moeten doen om je fouten te compenseren? Gelul. Sorry, Luther was niet de keurigste in zijn taalgebruik. Hij had zich kapotgewerkt om werkelijk met droge ogen te kunnen zeggen dat zijn goede werken zouden opwegen tegen zijn falen en het was hem niet gelukt. Toen las hij belangrijke teksten als deze: Abraham gelóófde God en het werd hem als daad van gerechtigheid aangerekend.

Belangrijker dan de boekhouding van goede daden

Luther besefte dat geloof, hoop, liefde, overgave en verlangen belangrijker waren dan de boekhouding van goede daden. Een feestje voor de beste man en voor allen die daarin geloofden. Geen kromgebogen goeddoen uit angst voor de hel, maar vrolijk bierdrinkend, daar was hij namelijk goed in. Vertrouwen dat je falen je niet nagedragen wordt. En je uitgenodigd wordt om met je beroerde karakter, met je enormiteit aan stommiteiten, en je vastzitten in zeer onrechtvaardige systemen, aan te kloppen bij de Maker van de wereld. En te geloven dat een ‘ik wil dit niet meer, het spijt me, help me’ totaal voldoet. Dat is Luther.

En hij kon niets met Jakobus, een kort briefje in de bijbel waar ik zeer gelukkig van word, waar staat: ‘Broeders, wat baat het een mens te beweren dat hij geloof heeft, als hij geen daden kan laten zien? Kan zo’n geloof hem redden?’ Luther noemt het onzin, rotzooi, wegkieperen én begrijpelijk.

Een zelfingenomen idioot

Maar 500 jaar later hebben we dit hard nodig. Jakobus legt uit: stel dat een broeder of zuster geen kleren heeft en niets om te eten en iemand van u zou zeggen: ‘Geluk ermee! Houd u warm en eet maar goed’ en hij zou niets doen om in hun stoffelijke nood te voorzien – wat heeft het voor zin?’ – Hier staat niet eens, dan ben je een eikel of een zelfingenomen idioot met een bord voor je kop. Nee, de vraag is: wat heeft het voor zin? Er gebeurt niets, er verandert niets. Dus, zegt Jakobus: ‘Zo is ook het geloof, op zichzelf genomen, zonder zich in daden te uiten, dood.’

Oh, de frustratie van monnik Luther, dat hij het net gevonden heeft – geen daden, puur geloof – en dat er dan dit ergens nog tussen de boeken van de Bijbel verstopt zit. Ik vind het fantastisch. Als je niet meer worstelt met die oude teksten, dan heb je waarschijnlijk een slechte kopie van het origineel gemaakt en dat boven je bank gehangen en gezegd: dit is het.

Ik heb Jakobus nodig

Al moet ik eerlijk zijn; deze tekst komt mij ook vooral bijzonder goed uit. Zoals Luthers vondst in Romeinen: dat het om geloof gaat en niet om scoren voor de hemelse rechtbank. Ik heb Jakobus nodig in een wereld waarin dat hele geloven zo vaak mooie woorden is die kant noch wal raken. Die echoën binnen de muren van het instituut maar weinig in staat lijken om zich te verbinden aan het leven daarbuiten. Omdat de woorden getest moeten worden, de overtuigingen uitgedaagd en dat gebeurt in de handeling.

Bij kerkpionierschap hoorde de overtuiging dat vroeger de weg naar christendom liep van believe naar belong naar behave. Eerst geloven, dan erbij horen, dan je ernaar gedragen. Hippe pioniers zeiden dat het andersom moest, eerst erbij horen, dan gaan geloven, dan je ernaar gedragen. En terecht: het debat over wat waar is en een ander proberen te overtuigen dat er een God zou zijn, is zo weinig zinnig. Toch is er ergens bijhoren net zo problematisch geworden.

Community en commitment zijn nogal een ding. Oftewel; wat kun je nog met dat christelijke geloven als waarheid een onbruikbare categorie is geworden en community problematisch. Zou de volgorde Behave, Belong, Believe niet logischer zijn? Eerst je op een bepaalde manier gedragen, dan horen bij een groep die zich op die manier gedraagt en dan later concluderen dat je mogelijk per ongeluk tot geloof gekomen bent.

Wat je doet, kan bevraagd worden, maar wat je doet, spreekt tot de verbeelding. Een seculiere maatschappij laat zich uitschrijven uit de Katholieke Kerk, gelooft geen ruk van de denkbeelden die de Paus erop na houdt, maar loopt weg met zijn daden. En zijn geloof. Omdat het uit de daden blijkt.

De handeling is een uiting van geloof

Ik vroeg een mysticus, die net had beweerd dat we nauwelijks werkelijk over God kunnen spreken of over zijn of haar bestaan, of het mogelijk was dat je niet wist wie God was, maar wel wat onrecht was. Oftewel hoe mystiek en engagement zich verhouden. Hij zei dit: ‘Ik heb jaren voor de ICCO gewerkt, ontwikkelingsorganisatie, en sommigen dachten dat je een theorie moest hebben over hulp voor je aan de slag ging. Dat was onzin. Het is misschien wel andersom. Door aan de slag te gaan ontwikkel je theorie.’

Hij zei dat actie, engagement, werkelijk doen een religieus-spirituele oefening was. Daaruit ontdek je wie jezelf bent, wat er bedoeld is met al die teksten over God. De handeling is een uiting van geloof of hoop en het is een oefening om te ontdekken wat geloof of hoop betekent.

Zo dood als een pier

Luther had gelijk natuurlijk, maar Jakobus ook. Geloof is de ziel, zoals hoop dat is en liefde. Maar de dag dat het niet meer daadkrachtig is, niet meer ontdekt en beleefd wordt in het geleefde leven door werkelijke handelingen, is het zo dood als een pier. Met onze daden scoren we niet, we ontdekken slechts wat we eigenlijk geloven. Het zijn signalen, als de donker wordende dagen van augustus.

1 Koningen 8:65 – 9:9

Jakobus 2:14-26

Marcus 14:66-72