Het lijf met alles erop en eraan

Het lijf met alles erop en eraan

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Het lijf met alles erop en eraan – PopUpGedachte donderdag 21 september

De ochtend is donker, de dag dringt zich al op. Nog niet het licht van de dag, wel de eisen, plannen en takenlijsten. Maar ze moeten nog even wachten. Het hoofd moet nog even wachten. Het lijf en de ziel hebben eerst iets anders nodig. Aandacht, rust en focus.

In de westers-christelijke traditie van Europa heeft het lijf nooit heel lekker mee mogen doen. We zijn van arremoede aan de yoga gegaan met z’n allen om weer even te voelen, om te leren zitten, te leren staan. En we noemden dat dan ‘zitten’. Echt even ‘zitten’ en zetten aanhalingstekens om ‘staan’ en noemden dat geaard staan. Om het onderscheid aan te duiden met een staan dat slechts diende om het hoofd overeind te houden, zodat het kon denken over de dingen.

Een gesloten kringloopje

Vandaag levert Paulus kritiek op de gemeente die hij startte in Korinte, in een brief vanuit de gevangenis. ‘U zegt: het voedsel is er voor de buik en de buik is er voor het voedsel en God zal aan beide een einde maken. Maar bedenk dat het lichaam er niet is om ontucht mee te plegen. Het is er voor de Heer en de Heer is er voor het lichaam.’ Een niet in eerste oogopslag heldere redenatie, maar hij citeert eerst een zegswijze die we allemaal kunnen volgen.

Het voedsel is er voor de buik en de buik is er voor het voedsel en God zal aan beide een einde maken. Voedsel en buik vormen een gesloten systeem, daar heeft verder niemand iets mee te maken. Buik wil voedsel, voedsel wil buik. Zo zal het gaan, totdat het uiteindelijk ophoudt te bestaan, omdat de mens sterft. Laat ons dus eten en drinken en vrolijk zijn, want het lijf is er tenslotte voor gemaakt. Je hebt niet voor niets smaakpapillen gekregen en een darmstelsel. Maak er wat van. Daar zegt Paulus verder niets van behalve: ‘Bedenk dat het lichaam er niet is om ontucht mee te plegen.’ Want zo’n gesloten kringloopje kun je ook bedenken rondom seks. Het lijf is gemaakt voor seks en seks is gemaakt voor het lijf en uiteindelijk zal het allemaal verdwijnen.

Het lijf aan banden

Het is geen onbekende gedachte voor ons toch? Heb je smaakpapillen en darmen gekregen, gebruik ze dan. En het voelt bevrijdend. Waar heb je genitaliën en dat genotsgevoel voor gekregen? Laat het lekker gebeuren. Daar hoef je niet van alles bij te denken, van te vinden. Het is er. Eet, drink, vrij, geniet. Niet de meest calvinistische opvatting. Eerder een opvatting die moet bevrijden van een rigide calvinisme dat het lijf ontkent, of beter gezegd het lijf vreest. Misschien wel haat, omdat het zo af kan leiden, omdat genot zo je over kan nemen en de ratio het zo makkelijk aflegt tegen het verlangen naar ervaren en ondergaan.

Calvinisme vreesde het en legde daarom het lijf aan banden. Zodat de geest vrij zou zijn om te denken en allengs wisten we niet meer zo goed dat we een lijf hadden.

Paulus bekritiseert genotzucht niet. Hij heeft een probleem met ontucht, zoals hij dat noemt, vul maar iets in, ik laat het woordje ff lopen. Paulus hamert niet op versterving, minder genieten, het lijf mores leren, opdat het zich gedraagt en het niet langer het geestelijke leven hindert met geiligheid of vraatzucht. Hij zegt: ‘Het lichaam, het lijf, is er voor de Heer en de Heer is er voor het lijf, het lichaam.’ Hij maakt een zelfde kringloopje als voedsel en buik. Maar waar de uitdrukking van de Korintiërs het eten en drinken onttrekt aan de spirituele dimensie – lekker laten draaien dat eten en die buik – in de religie gaat het om iets anders stelt Paulus. Een ander kringloopje.

Een knip tussen lijfelijkheid en God

Het is interessant dat degenen die veel eten en vrije seks hebben omdat God er niets mee te maken heeft, eigenlijk best wel lijken op de gereformeerden die karig eten en seksgenot beperken, omdat God er niets mee te maken zou willen hebben. Beiden maken een knip tussen lijfelijkheid en God. Paulus op geen enkele manier. God wil dat lijf en het lijf wil God. Dan komt al dat verlangen, dat proeven, die opwinding tot zijn recht. Krijgt diepgang en beleving. Zoals dat gaat met seks.

Het evangelie vraagt om toewijding, exclusiviteit. En elke seksuoloog zal je kunnen vertellen dat niet de veelheid voor betere seks zorgt, maar toewijding, overgave en samen durven verkennen. De Heer wil het lijf, en het lijf wil de Heer. Dat het genot van eten niet losstaat van spirituele hoop, maar dat met wie je eet, hoe je het deelt, de dankbaarheid voor de overvloed als die er is, in directe verbinding staat met de Heer. Net als het gebrek eraan door armoede, een ziekte of wat dan ook vraagt om die verbinding.

De Heer wil het lijf en het lijf wil de Heer. Met alles erop en eraan. Paulus is holistischer dan de westerse spiritueel zou denken. Nu ik nog.

2 Koningen 9:1-15

1 Korintiërs 6:12-20

Matteüs 6:1-6, 16-18