Angstig en onzeker

Angstig en onzeker

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Angstig en onzeker – PopUpGedachte woensdag 13 september 2017

De journalist had onderzoek gedaan naar de kenmerken van een burn-out. Vijf verschillende kenmerken annex oorzaken passeerden de revu, vervlochten met een verhaal van een man die snel was opgeklommen, mede-eigenaar was geworden van een bedrijf en vervolgens compleet over de kop ging. Niet het bedrijf, maar hij. Eerst een paar maanden elke woensdag vrij, omdat het niet meer ging.

Toen vroegen ze in het bestuur of hij weer fulltime kwam werken, precies op het moment dat hij realiseerde dat hij op het randje van de afgrond van zijn eigen kunnen stond en er met zijn hoofd voorover intuimelde. Aandeel verkocht, jaar pauze en nu iets totaal anders aan het doen. Opgekrabbeld, maar ook gebutst en gedeukt. En hij wist wel wat er aan de hand was toen hij nog aan het werk was, dat het niet goed was – ergens deep down – maar daar aan toegeven was zo ingrijpend dat hij het zich mentaal niet kon veroorloven.

Angstig en onzeker? Dit is wat onverwacht

En ik word daar een beetje bang van. Ga meteen mijzelf checken. Chronisch slaaptekort als kenmerk, check? Of niet-check? Een aanleg voor somberheid? Nee, geloof ik niet. Geen tijd nemen voor herstel? Hmm… spannende vraag. Piekeren? Ook zo’n kenmerk. Dat doe ik vooral als ik me al moe voel. Ga ik dit allemaal wel redden wat ik voor ogen heb? Of help, men verwacht van alles of ik wil eigenlijk andere dingen doen, maar de deadlines gieren om mijn oren en ik overleef van week tot week. Vooral die is herkenbaar momenteel. Angstig en onzeker.

Paulus zegt vanochtend: ‘Bovendien kwam ik bij u in al mijn zwakheid en was ik angstig en onzeker.’ Ik weet niet of je een beetje vertrouwd bent met de ronkende zinnen en de hoge toon die Paulus er op na kan houden, maar dit is wat onverwacht. Toch zegt hij het vaker, dat hij niet zo’n goede prater is en dat de mensen aan wie hij schrijft soms zeggen: van een afstand heeft hij een grote mond, maar als die dichtbij komt is het een zwak mannetje. Nou, zegt Paulus, wacht maar af. Als ik nu langs moet komen, zal ik …! Ja, ja Paulus, tuurlijk.

Angstig, onzeker – je wil er vanaf. Ik tenminste, ik wil dan weer de rust vinden en de energie. Dat je weer leiding kunt geven en een richting wijzen. Weer mensen kunt verzamelen en zeggen: ‘kom op, laten we iets moois bouwen.’ Dus natuurlijk, eerst maar goed zien te slapen, ritme creëeren, lukt dat allemaal niet direct dan coaching of therapie. Want je zwakheid is je valkuil en angst en onzekerheid zijn contra-productief.

Paulus heeft iets omarmd

En ja, dat is wat ik ervaar. En toch. Paulus – natuurlijk – zet het net weer in een ander licht. ‘Bovendien kwam ik bij u in al mijn zwakheid en was ik angstig en onzeker. De boodschap die ik verkondigde, overtuigde dus niet door wijsheid, maar bewees zich door de kracht van de Geest.’ Paulus heeft iets omarmd. Hij gelooft niet in zichzelf en vindt dat een goed idee.

Het kan niet zo zijn dat hij er blij mee is, met zijn zwakheid en angst en onzekerheid, maar hij heeft wel iets ontdekt. Dat het niet zijn verhaal is, niet zijn beweging, niet zijn maken. Paulus heeft geen kerk gesticht, die is ontstaan ondanks hem. En dankzij het feit dat hij in angst en onzekerheid bleef hopen en geloven – waarbij zijn hoop en geloof hem niet van zijn angst en onzekerheid afhielp.

Ik vind dat hoopvol. En ik luister met meer rust naar de reportage. Ik hoef niet te winnen van mijn angst en onzekerheid én ik hoef het niet te vrezen. Misschien is één ding nog wel erger dan de angst zelf, en dat is de vrees voor de angst.

Zelfverzekerd? Nee, vertrouwen

Jezus zegt vanochtend tegen een stel vissers: ‘Kom, volg mij.’ Hij werkt het liefst met ongekwalificeerde mensen. Daar zit je dan met je theologiestudie – al is één van de kenmerken van de studie gelukkig dat je ontdekt dat je er geen snars van begrijpt. En mocht je het wel denken te weten, dan helpt een stad als Amsterdam je gelukkig rap van die illusie af. Is onzekerheid dan misschien terecht en zekerheid bijna altijd een illusie, zelfverzekerdheid tenminste?

Het vertrouwen van de eerste leerlingen, de vissers, is extern. Iemand, een rabbi, notabene, heeft vertrouwen in hen getoond. Dan is het ook zijn verantwoordelijkheid. En ze laten de netten achter en volgen hem. Er is geen woord voor: anderverzekerdheid – in plaats van zelfverzekerdheid. Dat het er niet is, moet te denken geven. Tot we zo’n woord bedacht hebben, moeten we het maar met vertrouwen doen.

En dat is eigenlijk wel mooi, want dat is wat het woord geloof in de meeste gevallen ten diepste betekent: vertrouwen. Angst, zwakheid en vertrouwen, deze drie.

1 Koningen 22:1-28

1 Korintiërs 2:1-13

Matteüs 4:18-25