Goed bezig zijn

Goed bezig zijn

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6.00 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag. 

Goed bezig zijn – PopUpGedachte vrijdag 19 januari 2018

Het is de laatste dag van de werkweek, nog één popupgedachte om mee het weekend in te gaan. Het begon allemaal met goede voornemens en wat die dan wel en niet betekenden. En dat de look en feel van goede voornemens misschien wel dichterbij de manier van omgaan van de joden met hun Thora ligt, dan dat wat wij horen als we het over geboden hebben. De goede voornemens moeten ons helpen om een ander mens te worden, we zijn trots als het lukt en verklaren ze heilig op een bepaalde manier. Terwijl we met geboden van overheidswege ons afvragen of ze wel zinnig zijn, ze houden in zoverre het ons uitkomt – ik denk even aan ons fietscapriolen hier in Amsterdam. Daar zijn regels een soort goedbedoelde adviezen geworden, we kijken zelf wel uit.

Het grootste verschil is misschien wel dat ze niet van ons zijn, die regels. Terwijl de joodse geboden absoluut van hen zijn, hun schat op aarde. Ik vind dat fascinerend en wil liefst meer leren van die internalisatie. Omdat het precies voorziet in de behoefte van iemand die iets met geloven anno nu wil, of eigenlijk, iedereen die iets met idealen anno nu wil: het moet wel van binnenuit komen, zeggen we dan. En dat is zo, maar wat als het allemaal niet vanzelf van binnenuit komt? Of iemand zegt; ik heb dat nou eenmaal niet, dat geloof enzo. Fijn voor jou. Maar goede voornemens zijn voor iedereen, wijsheid van een manier van samenleven kan door iedereen worden omarmd die er de schoonheid of de functie van ziet. Het goddelijke gebod is heus meer dan een manier van samenleven, maar de geboden zijn misschien niet allereerst de meetlat waarlangs je ziel gehouden wordt om te zien of je wel een goed mens bent, maar een uitnodiging om de voorschriften je toe te eigenen als je eigen voornemens en zo al doende een ander, vrolijker, zuiverder, liefdevoller mens te worden. Met een eigen kompas, een eigen discipline en eigen resultaten. Goede voornemens geven je ook een soort autonomie. Ik laat me niet leiden door de zin van het moment, door wat anderen vinden, ik stap elke week in mijn hardloopkloffie en loop die zes kilometer. Wat er ook gebeurt. Die autonomie.

David kan vandaag een eind kan maken aan degene die hem opjaagt om te vermoorden, maar hij weigert. Saul, de jaloerse koning, die wel voelt dat David voorbestemd lijkt om zijn troon over te nemen, jaagt met drieduizend van zijn beste soldaten op David en zijn mannen. En dan gebeurt er dit: ‘Onderweg kwam hij langs een spelonk die door een muurtje was afgeschermd. Daar ging hij naar binnen en hurkte neer om zijn behoefte te doen. En juist achterin die spelonk hadden David en zijn mannen zich verstopt.’ Vervolgens zeggen Davids mannen dat dit zijn kans is, godgegeven kans om hem te doden. Maar David sluipt naar hem toe en snijdt alleen een stuk van de mantel af omdat hij zegt: God maakte hem koning, ik mag hem niet doden. Als Saul dan weer buiten staat, rent David naar buiten, hij roept Saul en zegt: ‘Ik had je kunnen doden, je was een godsgeschenk voor mij om te doden, maar heb het niet gedaan want jij bent de godgegeven koning. Kijk, een stuk van je mantel. Hou op me op te jagen!’ Dan antwoordt Saul in tranen: ‘Jij staat meer in je recht dan ik, want jij hebt kwaad met goed vergolden. Nu weet ik zeker dat jij koning zult worden en het koningschap van Israel vast in handen zult houden.’

David had zijn principes, zijn moral high ground, waar zelfs een door de goden in zijn schoot gespeelde kans, niets aan afdeed. Goede voornemens en principes van recht en gerechtigheid zijn niet zozeer afhankelijk van situaties, van kansen, ze bestaan in zichzelf. En dat levert dan prachtige situaties op zoals deze bij David. Bedoeld om de burger moed te geven, die lang niet altijd de ervaring heeft dat gedisciplineerd het goede doen ook iets goeds oplevert.

Goed doen als oefening, het zuiver spelen als een soort voornemen wat je net zo hard je eigen kunt maken als het wekelijkse rondje hardlopen of elke dag om zes uur opstaan of één keer in de week de hond van de buren uitlaten. Ze zijn bedoeld om je mens te maken, niet om je klein te houden, om autonomie te bevorderen, niet om je te doen zuchten onder andermans wetten. Dat was een prettige openbaring deze week. Veel goeds en goede voornemens en wijsheid gewenst. In alles.

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.