Moeite met homoseksualiteit vanuit de Bijbel? Maar niet met de auto?

Moeite met homoseksualiteit vanuit de Bijbel? Maar niet met de auto?

Heb je (of ken je mensen die moeite hebben) met homoseksualiteit ‘omdat het in de Bijbel staat’? Dominee Martijn vraagt zich dan eigenlijk af waarom veel christenen een auto hebben, of met de trein reizen. Want in die Bijbel waren ze niet zo van snelverkeer… 

In orthodoxe kringen, of ze nu joods, christelijk of islamitisch zijn, klinken nogal eens bezwaren tegen homoseksualiteit. ‘Onze heilige Schrift suggereert dat het tegennatuurlijk is, en daarom houden wij ons daar verre van.’ Zo ongeveer redeneert men dan.

Nu ben ik een groot voorstander van de emancipatie van lhbt’ers, en heb ik zelfs al eens een regenboogzebrapad geopend en een Roze Kerkdienst geleid. Toch wil ik hier graag eens meedenken met onze conservatieve broeders en zusters, die zich zo graag beroepen op hun heilige Schrift. Want wie de Bijbel goed bekijkt, zal opmerken dat ook minder voor de hand liggende raadgevingen in staan.

Snelle strijdwagens werden verzwolgen

Eén daarvan licht ik eruit: het verzet tegen snelverkeer. Dat is een interessante parallel met het stedelijk leven van onze tijd, waarin het autovervoer en de overlast van scooters, brommers en vliegtuigen een terugkerend thema is.

Maar snelverkeer, dat is er in de Bijbelse tijd toch helemaal niet? Dat is zeer juist opgemerkt. Een belangrijke reden daarvoor is dat de snelle strijdwagens van Egypte worden verzwolgen door de Rode Zee, nadat het volk Israël er te voet (!) doorheen getrokken is (Exodus 14).
Een andere reden is dat de aanbidding van de heilige koe (goed, eigenlijk is het nog maar een kalf) door God verboden wordt (Exodus 32). Hij laat er ook hier geen gras over groeien, want hij laat zijn priesters maar liefst 3.000 Israëlieten ombrengen. Voor straf.

De slachtpartij bij de heilige koe vindt plaats in het begin van de veertigjarige voetreis van het heilige volk door de woestijn, op weg naar het beloofde land. Wie de bijbelse landkaarten eens goed bekijkt, ziet al gauw dat de kortste weg vermeden wordt. Omwegen worden niet uit de weg gegaan, in tegendeel: ze worden juist doelbewust opgezocht, in opdracht van God.

Ook Jezus houdt van omwegen

Anders is dat bij Jona, de profeet die bekendheid verwierf door te worden opgeslokt door een walvis. Die beroemde gebeurtenis vindt plaats nadat hij er plotseling heel snel vandoor is gegaan, vluchtend voor de stem van God. Hij wordt door God in zijn kraag gegrepen, en alsnog op het goede pad gezet. Snel gaat dat allerminst, want hij vertoeft maar liefst drie dagen en nachten in het binnenste van de vis (Jona 1).

Zelfs Jezus houdt van omwegen. Voor hij eindelijk Jeruzalem binnentrekt, op weg naar zijn dood en de climax van het verhaal, zigzagt hij te voet en per boot door het heilige land en omstreken. Hij lijkt geen dorp of gehucht uit de weg te gaan, en steekt regelmatig even de grens over. Pas wanneer hij in Jeruzalem binnenkomt, gaat hij recht op zijn doel af – maar niet voordat hij eerst nog even rustig met zijn leerlingen gegeten en gedronken heeft: het Laatste Avondmaal. Bovendien verschijnt hij niet op een racepaard, of zelfs maar een oude knol. Hij zit op een langzaam ezeltje.

Hardlopers zijn doodlopers

Al met al zie ik in het heilige boek van de christenen maar weinig ruimte voor brommer-, auto- en vliegverkeer. Als de bijbel ons één ding leert over mobiliteit, is dat de weg minstens zo belangrijk is als de eindbestemming van je reis. Hardlopers zijn doodlopers. Wandelen met God, dat is waar het ten diepste om gaat.

Wanneer je weer eens in de auto of het vliegtuig stapt, of wanneer je een orthodoxe zuster of broeder treft en in een rap escalerende discussie over homoseksualiteit belandt, denk dan eens aan de Bijbelse spiritualiteit van de trage mobiliteit.