Het goede, jawel

Het goede, jawel

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Het Goede, Jawel – PopUpGedachte 11 februari 2019

Goedemorgen. Vanochtend staat het allereerste stukje van de Bijbel op de rol. Genesis 1, oftewel ‘Wording’ 1. En ik moet denken aan een gesprekje met een reclameman. Hij, doorgewinterd atheïst, gelooft niet in God maar wel in het goede. Werkt niet voor het geld, maar voor het goede. En in dat gesprek concludeerden we dat christendom zegt dat God het Goede is en dat het Goede de aarde heeft voortgebracht en dat het einde van de wereld uitloopt op het Goede. Waardoor de gedachte geboren werd om te ontdekken wat er gebeurde als je het woord God bij wijze van experiment eens zou vervangen door Goed of Het Goede. Niet om het onpersoonlijk te maken, maar omdat het woordje ‘God’ nogal wat geschiedenis heeft.

En zo werd een nieuwe Genesis 1 geboren. Niet als waarheid, maar als probeersel. Ook het woord Heere moest dan geherformuleerd. De Jahweh, de Ik Ben. Een bevestigend woord. Ik ben die er zijn zal. Een ‘Jawel’ richting de mens en de aarde. Het Goede, Jawel. Met hier en daar een extra wijzigingetje klinkt het dan zo.

WORDING

In het begin schiep het goede de hemel en de aarde. De aarde was nog woest en doods, en duisternis lag over de oervloed, maar de geest van het goede zweefde over het water. Het goede zei: ‘Er moet licht komen,’ en er was licht. Het goede zag dat het licht goed was, en het scheidde het licht van de duisternis; het goede noemde het licht noemde het licht dag, de duisternis noemde het nacht. Het werd avond en het werd morgen. De eerste dag.

Het goede zei: ‘Er moet midden in het water een gewelf komen dat de watermassa’s van elkaar scheidt.’ En zo gebeurde het. Het goede maakte het gewelf en scheidde het water onder het gewelf van het water erboven. Hij noemde het gewelf hemel. Het werd avond en het werd morgen. De tweede dag.

Het goede zei: ‘Het water onder de hemel moet naar één plaats stromen, zodat er droog land verschijnt.’ En zo gebeurde het. Het droge noemde hij aarde, het samengestroomde water noemde hij zee. En het goede zag dat het goed was.
Het goede zei: ‘Overal op aarde moet jong groen ontkiemen: zaadvormende planten en allerlei bomen die vruchten dragen met zaad erin.’ En zo gebeurde het. De aarde bracht jong groen voort: allerlei zaadvormende planten en allerlei bomen die vruchten droegen met zaad erin. En het goede zag dat het goed was. Het werd avond en het werd morgen. De derde dag.

Het goede zei: ‘Er moeten lichten aan het hemelgewelf komen om de dag te scheiden van de nacht. Ze moeten de seizoenen aangeven en de dagen en de jaren, en ze moeten dienen als lampen aan het hemelgewelf, om licht te geven op de aarde.’ En zo gebeurde het. Het goede maakte de twee grote lichten, het grootste om over de dag te heersen, het kleinere om over de nacht te heersen, en ook de sterren. Hij plaatste ze aan het hemelgewelf om licht te geven op de aarde, om de dag en de nacht te verzorgen en om het licht te scheiden van de duisternis. En het goede zag dat het goed was. Het werd avond en het werd morgen. De vierde dag.

Het goede zei: ‘Het water moet wemelen van levende wezens, en boven de aarde, langs het hemelgewelf, moeten vogels vliegen.’ En hij schiep de grote zeemonsters en alle soorten levende wezens waarvan het water wemelt en krioelt, en ook alles wat vleugels heeft. En het goede zag dat het goed was. Het goede zegende ze met de woorden: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk en vul het water van de zee. En ook de vogels moeten talrijk worden, overal op aarde.’ Het werd avond en het werd morgen. De vijfde dag.

Het goede zei: ‘De aarde moet allerlei levende wezens voortbrengen: vee, kruipende dieren en wilde dieren.’ En zo gebeurde het. Het goede maakte alle soorten in het wild levende dieren, al het vee en alles wat op de aardbodem rondkruipt. En het goede zag dat het goed was.
Het goede zei: ‘Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken; zij moeten heerschappij voeren over de vissen van de zee en de vogels van de hemel, over het vee, over de hele aarde en over alles wat daarop rondkruipt.’ Het goede schiep de mens als zijn evenbeeld, als evenbeeld van het goede schiep het hem, mannelijk en vrouwelijk schiep het de mensen. Het zegende hen en zei tegen hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de aarde en breng haar onder je gezag: verzorg de vissen van de zee, de vogels van de hemel en alle dieren die op de aarde rondkruipen.’ Ook zei het goede: ‘Hierbij geef ik jullie alle zaaddragende planten en alle vruchtbomen op de aarde; dat zal jullie voedsel zijn. Aan de dieren die in het wild leven, aan de vogels van de hemel en aan de levende wezens die op de aarde rondkruipen, geef ik de groene planten tot voedsel.’ En zo gebeurde het. Het goede keek naar alles wat het had gemaakt en zag dat het zeer goed was. Het werd avond en het werd morgen. De zesde dag.

Zo werden de hemel en de aarde in al hun rijkdom voltooid. Op de zevende dag had het goede het werk voltooid, op die dag rustte het van het werk dat het gedaan had. Het goede zegende de zevende dag en verklaarde die heilig, want op die dag rustte het van heel het scheppingswerk.
Dit is de geschiedenis van de hemel en de aarde. Zo ontstonden ze, zo werden ze geschapen.
In de tijd dat het goede, jawel, aarde en hemel maakte,

Tot zover. Tot morgen!

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.


Deze rubriek heeft een eigen boek: Lazarus staat op. Daarin zijn de 25 mooiste ochtendgedachtes van de afgelopen tijd gebundeld en geïllustreerd door Joanne Zwart.

Lazarus staat op | Rikko Voorberg | Vuurbaak | ISBN 9789460050404 | € 17,95