In levende lijve

In levende lijve

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

PopUpGedachte 11 april 2019 – in levende lijve

Gisteren zat ik met een man of 50 á 60 in de hal van het gemeentehuis. Nou ja, man. Het waren jongens, grotendeels. 17, 18, 19 jaar en ze hoopten op een plek om te kunnen overnachten, maar de stad had er geen. Oorspronkelijk kwamen ze uit Eritrea. We weten ongeveer hoe dat gaat als je uit dat land vlucht en via de hel van Libië en de dodelijke Middellandse Zee in Italië terechtkomt. Dan ben je in Europa maar dan heb je niets. Niet als je uit Eritrea komt. In Nederland verlenen we aan mensen uit Eritrea asiel omdat we de bittere noodzaak daartoe zien. Behalve als ze eerst in Italië zijn aangekomen, want dan is het de Italiaanse verantwoordelijkheid. Allemaal systemen met goede intenties, alleen de gevolgen zijn nogal verrot. Bijvoorbeeld voor deze groep jonge mannen die op straat vreest gearresteerd te worden en uitgezet, die niet meer in de winteropvang kan verblijven omdat die wordt gesloten. En die dus niets meer heeft. We vragen de politiek om wat ruimte, maar die is er niet.

Je zou een goddelijk ingrijpen toch prettig vinden. Een wondertje ofzo. Een vertoon van macht. Dat zo’n Jezus van Nazareth in levende lijve de boel voor zou gaan. Hij claimt toch de Eeuwige zelf te zijn. In elk geval vanochtend. Deze ofwel syntactisch onjuiste, ofwel van een groot besef van eigen goddelijkheid getuigende zin:

Jezus antwoordde hun: ‘Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: voor Abraham werd, ben Ik.’

Dit zinnetje is de basis van die maffe traditie om Abrahams en Sara’s in tuinen te zetten als iemand vijftig wordt. Wat wel grappig is. De tijdgenoten van Jezus konden er niet om lachen, die gingen op zoek naar stenen om Jezus dood te gooien. Pas dus maar op met die Abraham in je tuin.

In elk geval staat er dit. Jezus zegt iets over zijn bestaan. In de tegenwoordige tijd. Voor Abraham (geboren) werd, ben ik. Niet eens: was ik. Een gelijktijdigheid, eeuwigheid, die toch echt alleen aan Godheden voorbehouden is. Boven ruimte, tijd en plaats. En de omstanders ruiken godslastering en gaan op zoek naar stenen.

Jezus claimt de incarnatie van de goddelijkheid zelve te zijn. Ik sprak een tijdje terug met een vriend die moslim is en zich nauw verwant voelt met christenen en andere gelovigen. En hij zei: wat bij ons geïncarneerd is in de Koran, dat is bij jullie geïncarneerd in Jezus van Nazareth. En dat klopt precies. Het Woord van God is absoluut niet de Bijbel. Dát zou dan ook weer blasfemie zijn. Het Woord van God heeft twee benen, een lijf, een paar handen die je vast kunt spijkeren en een groot hart. Oh, en volgens zijn tijdgenoten een veel te grote mond. De verhouding tussen Jezus van Nazareth en de Eeuwige is die van uitgesproken woorden en degene die ze uitspreekt. Dat is nogal een nauw verbintenis. En die woorden die uitgaan van de Eeuwige zijn niet nieuw, zegt Jezus. Die sprak de Eeuwige ook al voordat Abraham ter wereld kwam. Ze hebben nu alleen vlees en bloed gekregen.

Ik zou ze wel naast ons willen in dat gemeentehuis. Niet om gramschap neer te laten dalen. Er wordt heel hard gewerkt om het goede te doen. Het komt er alleen wat rot uit in the end. Maar iets van verandering, verbetering. Ik vrees echter, als ik die levensgang van de rabbi volg dat het de zaak allemaal niet heel anders zou maken. Hij zou mee de straat op gaan, in de nacht, en dan maar zien.

Er gelukkig zijn er steeds weer mensen die dat doen. Ik niet overigens. Ik moest naar huis om de platte reden dat we geen oppas konden krijgen voor de kinderen. Twee linkse partijen, die waren er wel. En zij namen de groep mee, want ze hadden een plekje gevonden voor één nacht. Weer één nacht. Morgen verder zien.

Ik voel me tekort schieten. En dat doe ik ook.  Tegelijk ben ik blij met zo’n netwerk van die lokale politici. Ik vraag me af wat Pasen betekent. En zie dat het lijden onevenredig verdeeld is. Het komt altijd harder aan bij hen die niets hebben. Lichtpuntje is dat er zovelen zich inspannen. Dat kerken meteen met hun eigen mensen beginnen te bellen of deze nacht voor hen is. En als het niet deze nacht is, dan misschien de volgende. Dat is een zegen.

Dat woord dat incarneert is op momenten vooral een lichtpuntje. Als je vlucht en de regels je opsluiten in niemandsland, als je depressief bent geworden, als je … er is zoveel. Geen grote beloftes van de Eeuwige. Wel dat je er niet aan onderdoor hoeft te gaan, omdat je niet alleen zult zijn. En met dat onder de arm dan maar het donker in stappen. Op weg naar Pasen.

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.


Rikko Voorberg (38) is theoloog, schrijver, ‘activist/kunstenaar’ en initiatiefnemer van o.a. ‘We gaan ze halen’.

Wil je betrokken raken bij het werk van Rikko? Kijk dan hier.