Wil je God zien? Kijk dan naar de seizoenen

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Wil je God zien? Kijk dan naar de seizoenen

PopUpGedachte maandag 20 mei 2019 – God zien

Alles is intens groen geworden. In tuinen en parken en landerijen. Het is bijna niet meer voor te stellen dat het een aantal maanden geleden nog kaal en koud was. Met de zekerheid van seizoenen weten we dat het weer zal staan te gebeuren: dat er groen uit de aarde omhoog schiet, dat de takken van de bomen uitlopen, dat er kleine groene blaadjes uit ogenschijnlijk dor hout zich ontrollen en dat niet maar één of twee maar met duizenden tegelijk. Die zekerheid noemt Paulus vandaag de tekenen van de Eeuwige, van de Godheid van deze planeet.

Hij heeft niet nagelaten getuigenis van zichzelf te geven door het schenken van weldaden: 
vanuit de hemel schonk Hij u immers zegen en vruchtbare jaarge­tijden en verblijd­de u met overvloed van voedsel.'

Dat zegt Paulus vanochtend, als hij bijna zelf als God op het schild wordt gehesen omdat hij een verlamde man op twee voeten heeft geholpen. In een soort blinde paniek storten hij en collega Barnabas zich tussen de menigte Grieken, want die denken dat hun goden Zeus en Hermes zich in mensengedaante aan hen tonen. Als dat tot Paulus en Barnabas doordringt, zeggen ze: No way! Zo werkt het niet! Dat zijn wij niet. Doe normaal. Wil je God zien? Kijk dan naar de seizoenen.

Paulus countert het wondergeloof met een seizoenengeloof. Hij doet iets bizars, zij verklaren hem God, hij zegt dat hij dat niet is, want de seizoenen zijn tekenen van God. Niet het wonderlijke maar het betrouwbare, niet het individuele maar het kosmische.

En dan misschien nog wel belangrijker: dat het kosmische dus niet van Zeus is. Zeus de vechtersbaas, de onruststoker, de met bliksems slingerende dondergod. Hij die zich hoog verheven boven de mensen vermaakte met zijn eigen goddelijke uitspattingen. Die bestaat niet, zegt Paulus, hopend dat dit voldoende is om de mensen te doen geloven dat hij Zeus niet is. Zou Zeus zichzelf ontkennen? Een filosofische vraag die net voldoende verwarring brengt om een uitzinnige menigte tot bedaren te brengen.

In Arcade een liedje dat sinds afgelopen zaterdag voorlopig niet meer uit het collectieve geheugen van Nederland zal weg te slaan zijn – en niet erg, want mooi liedje – wordt bezongen hoe pijnlijk de liefde kan zijn, hoe noodlottig ook: Loving you is losing game. 
De goden lachen om ons menselijk gestuntel. ‘We are laughed at by the gods’. Speelbal in de golven van een onzeker bestaan, zo voelt het nogal eens. En de goden? De krachten van de wereld? Biedt er iets zekerheid?

Jonathan Franzen schreef Freedom waarin hij de huidige vrijheid van de mens analyseert. En zijn conclusies zijn niet per se heel optimistisch: 'Hij had geen flauw benul van wie hij was en wat hij met zijn leven aan moest. Alles wat op zijn weg kwam, dwong hem in een richting die hem de enige juiste leek, maar zodra zich dan weer iets nieuws aandiende, dwong dat hem in een heel andere richting die óók de juiste leek. Er was geen ordenende structuur, geen perspectief waarbinnen hij zich kon oriënteren – hij kwam zichzelf voor als een balletje in een flipperkast dat maar voort bleef rollen om het rollen zelf.'

Een wonder kan dan alles weer in een andere richting doen rollen. En maar door rollen, maar dan met twee godheden in je stad?

Paulus brengt een joodse voorstelling van zaken, waarbij de goden niet wispelturig elkaar naar het leven staan en je maar moet hopen dat de hemel niet op je hoofd valt of een chagrijnige God je het leven zuur maakt (sommig christendom doet toch aan wispelturig heidendom denken, moet ik zeggen) maar een macht in de geschiedenis die betrouwbaar als de seizoenen voor leven zorgt. Die er altijd geweest is en zijn zal. Een aanwezigheid die troost en rust en ruimte schenkt, zonder aanziens des persoons. Een aanwezigheid waar je tegenin kunt werken, en waar in je in mee kunt gaan en uit wiens hand dat leven en die orde ontvangen kan worden.

Paulus countert het wondergeloof met de tekenen van de seizoenen. En die laatste zullen blijven, wat we ook denken en hoe we ons ook voelen, wat voor conclusies we ook trekken en wat we ook uitvinden met elkaar. Boven en rondom dat alles is de wetmatigheid van natuur, een kracht die de onze ver te boven gaat en die met de regelmaat van de klok, elk seizoen weer de mens voorziet van eten en drinken, of je nu verdrietig, intens blij, koninklijk rijk of ziekelijk arm bent. De natuur loopt wel weer uit en biedt zich aan. Aan ons om haar te zien, eerlijk te delen, er eerbiedig mee om te gaan.

De geduldige betrouwbaarheid van de seizoenen als tekenen van een aanwezige Godheid die ons op het oog heeft, als mensen, dieren, kosmos. Prima om de maandag mee te beginnen.

Hier vind je drie tekstgedeelten die Rikko vanochtend las.