'Zonde heeft voor mij niets te maken met goed of fout'

Er zijn veel momenten geweest dat Annelies gefrustreerd was over de kerk en het christelijke geloof: dat was geen afscheid, maar het begin van een zoektocht naar nieuwe geloofsbeelden. Ze vertelt erover in deze serie - en begint bij het begrip ‘zonde’.

'Zonde heeft voor mij niets te maken met goed of fout'

In mijn kindertijd zag zonde er als volgt uit: in elk gebed zaten woorden met een schuldbelijdenis en een vraag om vergeving voor mijn zonden. ’s Avonds in mijn bed vond ik het soms echt moeilijk om de dag in gedachten door te gaan en dan te bedenken wat ik fout had gedaan. Het had iets gekunstelds, maar wellicht vormde het wel mijn bewustwording van goed en kwaad.  

Ik was me er bijvoorbeeld zeer van bewust dat ik moest opkomen voor kinderen die gepest werden. Ik bedacht plannetjes hoe ik hen dan bijvoorbeeld kon vragen op mijn partijtje of mee de klassen rond kon nemen om te trakteren. Ik wist ook dat ruzie maken met je broers niet goed was, alleen al door mijn moeder die bij de zoveelste ochtendruzie verzuchtte ‘en de duivel die lacht weer’.  

Was het dan nooit genoeg? 

Ik was me er zeker ook van bewust dat het beter moest met mijn leven, maar de praktijk was erg weerbarstig. Ik vond het op den duur ook vermoeiend worden, zowel thuis als in de kerk.

De worsteling met een zondig bestaan werd voor mij het meest zichtbaar en hoorbaar tijdens de avondmaalsdiensten. Hierin lag de nadruk natuurlijk op het lijden en sterven van Christus voor onze zonden. Ik snapte als kind niet waarom er zo’n bedrukte sfeer was en waarom dominees alles uit de kast haalden om de mensen maar aan die tafel te krijgen. Hoezo was je het niet waard of er niet klaar voor? Je kon toch vergeving krijgen? Je was toch welkom? Was het dan nooit genoeg?  

In mijn tienerjaren kreeg zonde een nieuwe lading: op catechisatie leerde ik dat zonde eigenlijk ‘je doel missen’ betekent. Het ging niet alleen om dingen fout doen, maar heeft ook te maken met iets kernachtigs missen in het bestaan. Vooral theorie, maar vele jaren later, tijdens een voorbereidingsgesprek met andere ouders voor de doop van onze pasgeboren kinderen, kwam er meer betekenis bij.

Van 'fout' naar 'gebroken'

Een van de ouders vertelde hoe hij aankeek tegen de zin in het doopformulier dat alle kinderen ‘in zonde ontvangen en geboren zijn’. Hij legde uit dat hij aan den lijve ondervond hoe hun kindje meteen al te maken kreeg met de gebrokenheid van ons bestaan. Hun dochter was ziek, er waren functies die niet naar behoren werkten, ze hadden meteen na haar geboorte al zorgen. Welkom in de wereld waarin veel kapot is dat heel hoort te zijn.  

Dat verhaal maakte dat mijn begrip van zonde echt verschoof van een moralistische interpretatie naar het begrip gebrokenheid. Het leven zit vol barsten en die zijn het vaak een samenspel van allerlei zaken, waaronder je eigen handelen.  

De gebrokenheid in mezelf heb ik pas echt intens leren zien door goede coaching en ontwikkelingstrajecten via mijn werk als projectleider bij de gemeente Den Haag. Daarin werd ik gewezen op bepaalde onbewuste patronen: dat je dingen belangrijk vindt, maar er niet naar leeft. Dat je jezelf of anderen voorbij loopt. Dat je cruciale tekens aan de wand mistte door je eigen drukte. Dat je je eigen licht aan het doven bent.  

Aanknopingspunt voor iets positiefs 

Ik heb veel verdriet gehad over mijn eigen onvermogen te handelen naar wat voor mij belangrijk is, over mijn eigen inconsistenties en over de conclusie dat ik mezelf vaak geen recht had gedaan. Dit was zonde die niet voortkwam uit een wereldbeeld van goed en fout, dit was zonde die de basis vond in mijn eigen verdriet. Dat verdriet zei iets over wie ik was, waar ik naar verlangde en wat voor mij van waarde was. Op die manier werd het juist een aanknopingspunt voor iets positiefs, om dingen te veranderen en meer een mens uit één stuk te worden.  

‘Je doel missen’ als definitie van zonde vind ik wel passend. Alleen kan dat doel niet van buitenaf bepaald worden en moet het zeker niet vervat worden in een moralistische indeling van 'goed en fout gedrag'.

Dat we vaak ons doel missen is pijnlijk en inherent aan ons bestaan. Het vergt een hoop alertheid en zelfbewustzijn om dat op het spoor te komen. In die zin is het goed om het er juist regelmatig over hebben. Maar 'zonde' maakt je geen slecht mens. Te denken dat je niet goed genoeg bent of zelfs fout bent, leidt zo af van de kern.

Je eigen gebrokenheid leren zien en voelen en met name waarom jij het als kapot, gebroken, als zonde ziet of ervaart, is het aanknopingspunt voor verandering. En dat heeft mij meer bevrijd dan wat dan ook.