Door de film Tolkien wordt je bewondering voor zijn werk alleen maar groter

Als fan moet je de nieuwe Tolkien-film in de bioscoop gaan zien, zegt Jaap-Harm. Hij is het namelijk niet eens met de negatieve recensies: zijn bewondering voor het magistrale van Tolkiens verhalen werd door deze film alleen maar groter.

Door de film Tolkien wordt je bewondering voor zijn werk alleen maar groter

Als cadeau voor het behalen van mijn eindexamen kreeg ik van mijn ouders het boek In de ban van de ring. Een vuistdik boek, 1400 pagina’s. Het kostte me de nodige moeite in het verhaal te komen. In mijn herinnering deed ik er wel een jaar over om de eerste 300 pagina’s te lezen.

Op een vakantie in Frankrijk, uitkijkend over een majestueus dal, gaf ik Frodo en zijn kameraden nog één kans. En opeens ging het stromen. De avonturen grepen me en drie weken later had ik de resterende ruim 1000 pagina’s verslonden. Een complete wereld met verschillende volken, kaarten waarop landen en hun grenzen stonden aangegeven, liederen die gezongen en talen die gesproken werden, maar bovenal een queeste die zijn weerga niet kent. Een verhaal om in te geloven, waar je in meegezogen wordt, wat hoop geeft. Hoe klein en onbetekenend een hobbit ook mag zijn, het goede kan overwinnen als men bereid is het goede te doen.

Uiteraard liet ik me later ook meevoeren door de films van regisseur Peter Jackson en verdiepte ik me nog verder in Midden-Aarde door het lezen van De Hobbit. Daarna bleef het langere tijd stil. De wens om In de ban van de ring te herlezen was wel aanwezig, maar het lukte me nooit de tijd daarvoor te vinden. De boeken van Harry Potter en de Hongerspelen stilden mijn honger naar epische verhalen.

De man achter de mythe

Totdat de film ‘Tolkien’ aangekondigd werd en ik de kans kreeg me onder te dompelen in het verhaal van de schrijver achter de boeken. Ooit zijn de werelden, de talen, de hobbits en orks en de magische reis ontsproten aan het brein van één man: John Ronald Reuel Tolkien. De film laat je de man achter de mythe zien en – spoiler – eigenlijk gaat er helemaal niks van de magie verloren. Bij mij niet in ieder geval: de verwondering werd alleen maar groter.

Als kijker van ‘Tolkien’ kruip je steeds dieper in het hoofd van Tolkien, nog voordat deze schrijver is. Sterker nog: eigenlijk gaat de hele film vooraf aan de periode dat Tolkien In de ban van de ring schreef. Het is een zoektocht naar de motieven die leidden tot het schrijven van het meesterwerk.

Motieven voor een meesterwerk

Een van die motieven is de moeder die Tolkien en zijn broer al op jonge leeftijd verloren. We zien de jonge John zich verliezen in het verhaal dat zijn moeder voorleest over de mythische figuur Siegfried. Niet alleen kan moeder Tolkien met overgave voordragen, ze vindt ook een vruchtbare bodem bij haar oudste zoon. Zijn ogen stralen en je vermoedt werelden in zijn eigen hoofd die naadloos aansluiten bij wat hij hoort.

Een tweede motief is zijn liefde voor taal. Taal is niet alleen klank, maar ook betekenis. Achter elk woord gaan werelden schuil. Als hij aan zijn jeugdliefde Edith het woord cellardoor voorlegt, bevraagt zij hem erop en schetst hij haar de werkelijkheid die het bij hem oproept. Hij ziet een pad door een bos lopen, waarin bomen groeien en in elkaar verstrengeld raken. Langzaam, maar zeker groeit het verhaal. Eén woord is zo al genoeg om de fantasie van Tolkien op gang te helpen. Niet een fantasie die onbeholpen, vluchtig of al iets kinderachtigs overkomt, maar een werkelijkheid naast onze eigen werkelijkheid of die overstijgend.

Ten slotte is het belangrijkste motief waarschijnlijk wel de vriendschap die hij sluit met drie jongens op de King Edward’s School in Birmingham. Het begint met de zoon van de directeur, die door zijn vader gedwongen wordt kameraadschap te laten zien in plaats van ruzie te maken met de nieuwe, enigszins aparte jongen. Het resultaat zal de levensloop van Tolkien diepgaand beïnvloeden.

Verandering door kunst

Al snel wordt hij opgenomen in een vriendengroep die droomt van een betere wereld. Ze willen verandering brengen door kunst. Ze dromen, ze brallen, ze roepen Helheimr! als ze met een soort moed der wanhoop edele daden verrichten om zo, mocht het laatste zijn wat ze doen, een eervolle dood te sterven. Het zijn jongens die ervan dromen mannen te zijn die de gang van deze wereld beïnvloeden. Niet door macht, maar schoonheid en waarachtigheid. Ze noemen zichzelf TCBS, Tea Club Borrovian Society.

Als onvermijdelijk lot wacht hen uiteindelijk de naderende Eerste Wereldoorlog. Al vanaf het begin van de film zie je als kijker de scènes van Tolkien die een jonge man is geworden en moet vechten in de loopgraven van een wrede oorlog. Hij en zijn vrienden zijn gedwongen hun plicht te vervullen, want ‘every fit man is wanted’. Hier in de loopgraven van de Slag aan de Somme worden de contouren van In de ban van de ring steeds duidelijker zichtbaar. Een universum dat zo intens zwart is dat je de adem benomen wordt. Een universum ook waar alleen kameraadschap de hoop tot overleven draagt. Een kameraadschap die de hobbit Frodo zal ervaren in zijn poging de ring te brengen naar de Doemberg.

Midden-Aarde is dichterbij dan je zou verwachten

Ergens wordt In de ban van de ring zo ontmythologiseerd. Ontdaan van een magisch randje. Het verhaal is, in ieder geval voor een deel, simpelweg terug te herleiden tot werkelijke gebeurtenissen die Tolkien heeft meegemaakt. Al ijlend zien we hoe soldaat Tolkien draken en ridders over het slagveld ziet lopen. Midden-Aarde, zo zou je kunnen zeggen, is dichterbij dan je zou verwachten.

Ik vond de verbinding die zo gelegd werd alleen maar meer kracht verlenen aan het verhaal. De wereld die Tolkien schiep is een uitvergroting van onze eigen wereld. De strijd daarin is weliswaar opgepompt tot mythische proporties, maar heeft nog steeds – of misschien wel juist – veel te zeggen over het leven dat wij leven.

Daarheen, de nieuwe wereld in

Uiteraard, je kunt het bij wegdromen laten, maar door het kijken van Tolkien kreeg de tweede titel die J.R.R. Tolkien gaf aan De Hobbit voor mij nieuwe betekenis. Die luidt Daarheen en weer terug. Dat is wat Tolkien deed. Zijn lezers ‘daarheen’ sturen. Een nieuwe wereld in. Een wereld waarin ik leer over de waarde van taal, de kracht van kameraadschap, de aanstekelijkheid van jongensachtige bravoure (die niet alleen voor jongens is, zoals Edith in de film laat zien) en de diepere betekenis van schoonheid. Een wereld die me de vraag voorlegt of ik durf te kiezen voor het goede als het kwade groter en groter wordt en alle schoonheid uit het bestaan lijkt weg te vreten.

Het feit dat die wereld me iets vertelt over mijn leven hier en nu – dat er een koppeling is met het zweet en het bloed, de liefde en de vriendschap zoals ‘Tolkien’ laat zien – doet me realiseren dat ‘daarheen’ alleen niet genoeg is. ‘Daarheen’ is het begin. Daar word ik geïnspireerd en weet ik: dit vraagt om een ‘weer terug’. Al voelt het soms nog zo tegen beter weten in, ik roep uit alle macht: Helheimr!

Nu in de bioscoop: Tolkien | Regie: Dome Karukoski | Met: Nicholas Hoult, Lily Collins, Colm Meaney, Derek Jacobi, e.a.

Tolkien | Officiële Trailer 2 NL | 6 juni in de bioscoop