'Ik deel het geloof van mijn man niet meer'

Toen Jop en Roos trouwden was geloof een van de belangrijkste dingen voor haar en een basis voor hun relatie. Maar nu, een paar jaar later, is er van haar geloof weinig over terwijl de kerk en geloof nog steeds zijn grootste passie én werk zijn. Wat doet dit met je relatie?

'Ik deel het geloof van mijn man niet meer'

Roos groeit op in een christelijk gezin. ‘We gingen elke zondag naar de dorpskerk. Later zijn we overgestapt naar een baptistenkerk. Vooral mijn moeder werd hier erg geraakt en het geloof begon echt voor haar te leven. Dat gold ook voor mij. Ik las mijn kleine Bijbeltje stuk, speelde dwarsfluit in de kerk en liet me (opnieuw) dopen op mijn 15e jaar. Veel te jong, vind ik nu.’  

Zieltjes winnen

Tijdens een borrel bij een gezamenlijke vriendin ontmoet Roos Jop. Ze vinden elkaar meteen leuk, hoewel ze dezelfde avond in een pittige discussie belanden. ‘De rotsvaste overtuigingen uit mijn tienerjaren waren inmiddels gaan wankelen. Ik wist niet meer wat ik met God aan moest. Of met geloof of kerk. Jop was juist heel veel bezig met zijn geloof. Sterker nog, zijn geloof was en is zijn werk. Daar was ik heel fel op. Ik zei: ‘Je hebt een dubbele agenda. Je gaat gesprekken met mensen aan, omdat je ze bij God wil krijgen.’ Die felheid, dat rebelse, vond hij juist leuk aan mij. Ik praatte hem niet naar de mond, maar ging tegen hem in.’ 

Vragen en twijfels 

Niet lang na die eerste ontmoeting volgen nieuwe ontmoetingen en worden Jop en Roos een stel. Het is serieus en na verloop van tijd trouwen ze. ’Ik was verliefd’, vertelt Roos. 'Daarom ging ik met Jop mee naar de kerk. Maar ik deed het vooral voor hem. Het zei me niets. Ik vond de boodschap maar oppervlakkig en ik miste het ‘grijze’ gebied waarin er ruimte is voor vragen en twijfels. Opwekkingsliederen kon ik al helemaal niet horen.’ 

Roos besluit na een poosje om eerlijk te zijn en zegt Jop dat ze niet langer meegaat naar de kerk. ‘Dat was moeilijk voor hem’, herinnert Roos zich. ‘Het was en is nog altijd zijn verlangen dat hij het geloof kan delen met zijn vrouw. Dat we samen bidden, samen de Bijbel lezen. Het geloof is het allerbelangrijkste voor hem. Dat zie ik wel. Hij heeft een periode geworsteld met God en zich verlaten gevoeld. Het heeft zijn verlangen naar God alleen maar sterker gemaakt. Het kinderlijke geloof uit zijn jeugd (hij groeide op in een gereformeerd gezin) is hij kwijtgeraakt. Al verlangt hij zelf nog vaak terug naar die onbevangenheid.’  

Twee werelden

Jop en Roos zijn nu een paar jaar getrouwd. Net als elk stel nemen zij af en toe de tijd om hun relatie onder de loep te leggen. ‘Jop vertelde me pas nog dat onze relatie niet helemaal uitgepakt is zoals hij had voorgesteld. En dat komt door het geloof. We houden veel van elkaar, maar we delen dat stukje niet. Dat blijft een heel moeilijk punt voor hem. Ik ben zelf actief in de theaterwereld en Jop zit in de christelijke wereld. Soms voelt het alsof we allebei in ons eigen universum zitten. Tegelijkertijd weten we allebei dat we elkaar niet kwijt willen.’ 

Hoe verder?

Steeds weer het gesprek met elkaar aangaan, blijkt voor Jop en Roos van levensbelang. ‘Ik wil niet dat we uit elkaar groeien. Er is een tijd geweest dat ik weinig respect voor hem had. Dat komt omdat het geloof voor mij iets is van vroeger. Het ligt achter me. En dan voelt het alsof hij blijft hangen in iets waar ik al afstand van genomen heb. En daarnaast voelde het voor mij ook alsof ik steeds zijn kant op moest bewegen. Dan probeerde hij me over te halen toch naar de kerk te gaan. Dan zei hij dingen als: ‘Als je zelf niet meer gelooft, dan kun je leunen op de gemeenschap en delen in hun geloof.’ Het was voor hem een eyeopener om te horen hoe dat op mij overkwam. Het helpt om daarover te praten. Er is meer respect en begrip gekomen voor elkaar.' 

Kinderen

Wat dit verschil tussen hen betekent als ze kinderen krijgen, hebben Jop en Roos ook al eens besproken. ’Ik zou het niet erg vinden als Jop ze meeneemt naar de kerk. Ik vind het wel goed als zij de Bijbelverhalen leren kennen. Zolang het maar niet een dichtgetimmerd verhaal is en er ruimte blijft voor interpretatie. Met dingen als bidden voor het eten heb ik niet veel. Ik vind het al snel gekunsteld. Wat moet ik dan zeggen? Maar ik ben wel dankbaar dat we eten hebben, dus gebed kan dan voor mij ook een moment zijn waarop ik even stilsta bij het feit dat we het goed hebben.’ 

‘Soms voel ik iets van jaloezie. Jop houdt van zingen en trekt zich soms terug om christelijke liederen te zingen. Ik kan er moeilijk naar luisteren. Maar tegelijkertijd maakt het me jaloers. Hij heeft op die momenten iets intiems met God. Hij verkiest God dan boven mijn gezelschap. Het blijft moeilijk, want er is een wezenlijk verschil. En dat verschil blijft bestaan. Tegelijkertijd voel ik nu meer ruimte in onze relatie. Gelukkig is Jop ruimdenkend. En ergens weet ik dat hij trots is op mij en dat hij het waardeert dat ik zo onafhankelijk ben en mijn eigen weg ga.’ 

Vanwege privacy zijn Roos en Jop pseudoniemen. Hun echte namen zijn bekend bij de redactie.  

Hebben jij en je partner ook een manier gevonden om om te gaan met jullie (geloofs)verschillen? We zouden graag je verhaal horen (mag ook anoniem)! Stuur dan een mail naar: [email protected] en dan nemen we contact met je op.