Lazarus staat op | Iedereen is van de wereld - is dat zo?

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Lazarus staat op | Iedereen is van de wereld - is dat zo?

PopUpGedachte woensdag 5 juni 2019 – Iedereen is van de wereld

Dit is voor de misfits die je
Her en der alleen ziet staan
Die onder straatlantaarns eten
En drinken bij de volle maan

Dit is voor degenen die je
Overal herkent
En deze is voor jou en mij
Want dit is ons moment

En ik hef het glas
Op jouw gezondheid
Jij staat niet alleen

Iedereen is van de wereld
De wereld is van iedereen

En ‘ja’ zou je zeggen. Mooi man. Zo is het toch? Niet dan? Nou, er is een dingetje. Jezus zegt dat niet iederéén van de wereld is. Híjzelf is niet van de wereld en zijn leerlingen ook niet. En dat vindt hij dan een goed idee. Wat gek is, want in dit liedje lijkt het juist een goed idee om te stellen dat iedereen wél van de wereld is en de wereld van iedereen.

Al overwegend schrijf ik deze ochtendmeditatie naar aanleiding van een van de bijbelfragmenten die ik zojuist heb gelezen. Vandaag zal het klinken in allerlei kerken in heel de wereld, in allerlei talen, met gebarsten stemmen van oude priesters of juist uit de keel van jonge mannen, vrouwelijke priesters zijn maar zeldzaam helaas. Dit zal er gezegd worden, opgetekend uit de mond van Jezus van Nazareth die zijn laatste gebed doet voor hij geëxecuteerd zal worden:

Ik bid niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor het kwaad.
Zij zijn niet van de wereld, zoals Ik niet van de wereld ben.
Zoals Gij Mij in de wereld gezonden hebt, zo zend Ik hen in de wereld.


Terwijl tot voor kort nog zingend over de Erasmusbrug gele hesjes liepen met de woorden dat iedereen van de wereld is, klinkt er in alle kerken dat het misschien niet het allerhandigst is om ‘van de wereld’ te zijn. Omdat wie vastzit aan de wereld er geen distantie meer tegenover kan bewaren. Dat de mens anno nu misschien een taak heeft om iets te brengen in de wereld wat hem of haar niet altijd in dank zal worden afgenomen. En daarvoor moet je enige distantie kunnen opbrengen.

Ze zijn niet zo verschillend deze twee teksten. Ook al lijkt het zo. Thé Lau zingt wel dat iedereen van de wereld is, iedereen hoort erbij, wie je ook bent. Maar dat is natuurlijk ook wishful thinking. Het is een oproep. Hij is op een queeste. Hij ziet zich een soort van gezonden om dat de wereld te vertellen. Hij constateert niet alleen dat we op dezelfde planeet leven, hij wil de ogen openen:

Rood zwart wit geel jong oud man of vrouw
In het donker kan ik jou niet zien
Maar deze is van ons aan jou

Goed, hij wilde een hitje scoren. Als reclameliedje wilde het geld verdienen. Daarmee was het van de wereld in de zin die JC bedoelt. Maar de vraag erachter, het bijna naïeve dat er in doorklinkt, de oproep, het verlangen. Die wil niet zomaar de wereld nemen zoals die is, die wil dat er in de wereld een besef doordringt, een verhaal klinkt, een hoop. Want het gaat niet vanzelf, dat wederzijds omarmen. En in het donker heffen we niet alleen glazen, in het donker helpen we ook elkaar om zeep. Waar je geboren bent, heeft grote gevolgen. Ik reis van het zuidelijkste puntje van Europa in een paar uurtjes naar Amsterdam. Voor een ander is die reis net zo ingewikkeld als de oversteek van de hel naar de hemel. En de wéreld houdt die ander graag op z’n plek, duwt hem of haar terug naar Turkije, Syrië, Libië, God forbid.

Thé Lau heeft zich met zijn liedje over iedereen die van de wereld zou zijn, aangesloten bij degenen die niet helemaal van deze wereld zijn. En daar zijn verrekte veel mensen van nodig. Hoopvollen, die voor naïeveling worden versleten. Kunstenaars, ook al wil men van hun werk dan reclame maken. Gelovigen, ook al zijn er zovelen die daar heel lelijke dingen mee doen.

Jij en ik als mens met bewustzijn, die kan besluiten hóe hij de wereld weer instapt vandaag, worden met een missie deze dag ingestuurd. En dat is precies de balsem voor onze ziel die we nodig hebben. Dat het aan ons toevertrouwd wordt om de wereld niet zomaar te laten zijn zoals die is, maar bewust aan knoppen te draaien, liedjes te schrijven, te kiezen en uit te dagen. Dat maakt ons tot wie wij zijn. Niet helemaal van de wereld, wel tot onze haarvaten ín deze wereld, liefhebbend, schrijvend, zorgend, twijfelend, hotsend, botsend, huilend soms – maar niet alleen. Zo is het wel, Thé Lau. Niet alleen.

Hier vind je drie tekstgedeelten die Rikko vanochtend las.