Lydia voelt zich waardeloze rentmeester nadat ze haar bokjes tevergeefs inzet

Geitenboerin Lydia van Maurik voelt zich een waardeloze rentmeester nadat ze haar bokjes inzet om een stuk natuur te beschermen. Er gaat namelijk al snel van alles mis en de natuur floreert beter zónder haar goedbedoelde ingrijpen. Wat nu?

Lydia voelt zich waardeloze rentmeester nadat ze haar bokjes tevergeefs inzet

Vlakbij een van de weides van mijn geiten, midden tussen de efficiënt-gras-producerende effen groene biljartlakens van de melkveehouders, is er ongewild een stukje nieuwe natuur ontstaan. Men wilde graag het publiek de ‘Hollande Waterlinie’ laten beleven door een gebied regelmatig onder water te laten lopen. Historisch natuurlijk zeer interessesant.

Onhandig

Wat ook interessant is, is dat het gebied plots werd bewoond door 12 kieviten, 2 morinelplevieren, 2 bergeenden, 2 zwanen, een hazenfamilie en een heel stel wilde eenden, meerkoeten en nog meer van dat zwemmende spul. Uiteraard werd er volop gepaard en gebroed. Mooi, maar wel onhandig als je de boel onder water wilt zetten.

Waterschap, gemeente, provincie en de weidevogelvereniging buitelden over elkaar heen op zoek naar oplossingen en vonden die in mijn geiten. Zij zouden de begroeiing verantwoord kort houden tot na het broedseizoen, waarna de boel onder water kon.

Ik was blij: als een ware Franciscus van Assisi zou ik waken over al dat mooie kwetsbare leven. Begrazingsplan werd gemaakt, ik zette een keurige omheining neer om de geiten naar het lagere stuk land te dirigeren, zodat ze dat keurig zouden afgrazen. Ik voelde me helemaal in balans en geaard en mindful. De geiten gingen de wei op, aten precies volgens plan als eerste alle wilgentenen op en ik zette het resultaat trots op sociale media. Eind goed al goed.

Helaas…

Woedende wandelaars

Wending 1: Woedende wandelaars bellen de gemeente op uit zorg over de ‘verwoestende’ geiten tussen de kievit-nesten. Terwijl in de weilanden eromheen de giga-trekkers met eg genadeloos over het grasland denderen, maar dat valt blijkbaar niemand op. 

Wending 2: De gemeente belt mij om verhaal te halen.
Ik verwijs de partijen naar elkaar, haal de geiten weg tot de gemoederen bedaard zijn en zet in overleg met alle instanties de geiten korte tijd later weer terug. Ondertussen hollen er een paar handen vol kievit-jongen, pluizenbolletjes met te lange poten en een veel te stoere kuif, door het gebied, dus ik houd de moed erin.

Wending 3: 1 dag later vind ik een dode haas in mijn omheining.
Ik jank en voel me vreselijk schuldig, want deze haas heeft ergens jongen en ik weet niet waar.

Wending 4: bij het nalopen van de omheining verlaat een wilde eend haar nest.
Ik raadpleeg google en lees dat ik alleen kan duimen dat ze zelf terugkomt. Dit gebeurt gelukkig.

Wending 5: de geiten krijgen diarree en twee van hen overlijden na een korte en hevige lijdensweg aan plotselinge vergiftigingsverschijnselen. Ik raadpleeg de dierenarts en google en ontdek dat er tientallen mogelijke doodsoorzaken zijn en dat er weinig van te zeggen is. Onzeker geworden, besluit ik om mijn pacht op te zeggen, de dodelijke omheining te verwijderen, de laatste dode geit in te sturen voor sectie en mijn geiten weer naar hun oude wei te brengen.

...

Wat een desillusie. Ik voelde me verslagen en alles behalve in balans.

Goedbedoeld ingrijpen 

Wat is het toch gek dat je als mens, met al je goede bedoelingen en intelligentie en mogelijkheden, er in zo’n korte tijd zo’n potje van kunt maken. Mijn stukje natuur, inclusief al haar kwetsbaarheid, leek het beter te doen zonder mijn goedbedoelde ingrijpen.

Wellicht is het waar, en moeten we de wereld opdelen in ‘natuur’ en ‘cultuur’ en een hek zetten om wildparken en natuurgebieden en een ecologische hoofdstructuur aanleggen. Maar sjonge, wat staat dat ver af van Franciscus die preekte voor de vogels, die zonder angst op zijn armen kwamen zitten.

Ik ben erg fan van het enigszins stoffige begrip rentmeester. Een rentmeester past op het bezit van een ‘Heer’ die van hem verwacht dat het minimaal beter of meer wordt tijdens zijn afwezigheid. Zoiets vraagt God van de mens in het scheppingsverhaal.

Ongelofelijk, maar blijkbaar zag God dat wel zitten met ons. Dus we zouden het moeten kunnen. Het komt er alleen bij tijd en wijle wat beroerd uit. Want eerst gingen we ons beschermen tegen de natuur, toen gingen we de natuur beheersen, exploiteren, ontginnen en bezitten en nu beschermen we de natuur tegen ons.

Oefenen met geiten

Tja, het komt allemaal in de buurt, maar het is het toch net niet. Om rentmeester te zijn, moeten we terug naar het begin: het besef dat we zelf ook maar een kwetsbaar onderdeel zijn van het geheel, dat wij er zijn voor de schepping en niet andersom. Dat dit toch wel iets anders is dan comfortabel in je klimaatneutrale huis met vloerverwarming zitten. Wat het dan wél is…

Eerst maar eens proberen me te herinneren hoe dat zit: een rentmeester zijn. Franciscus wist het, want de vogels vluchtten niet van hem weg, maar juist naar hem toe. Als ik dat nou eens een poosje ga oefenen met mijn geiten, wie weet ontdek ik het dan ook.

Lydia van Maurik
De B(r)okkenpiloot


Lydia van Maurik (40) is muzikante, componiste, moeder én bunkerboerin. Tussen de forten en bunkers van de Nieuwe Hollandse Waterlinie beheert Lydia De Bokkenbunker. Ze probeert hier jonge bokjes, die in de geitenhouderij praktisch waardeloos zijn, een langer leven te geven. Zie www.bokkenpiloot.nl.

beeld: Heidi de Gier voor bokkenpiloot.nl