Cursus Mensen van de weg | Meeting 7: Hoe maak ik mijn omgeving mooier?

We zijn bijna klaar met de eerste testronde van Mensen van de weg. Hier de handleiding voor avond #7, een avond voor de idealist in je.

Cursus Mensen van de weg | Meeting 7: Hoe maak ik mijn omgeving mooier?

Berichten de week ervoor

Als de volgende meeting binnen een week is, gaan de berichtjes elkaar overlappen: laat dan de zeven berichtjes die hieronder staan vervallen, of anders de zeven berichtjes die volgden op de vorige meeting.

  1. De volgende meeting is komende week bij ??? te ??? om ???.
  1. Leuke video over hoe je omgeving mooier wordt: www.youtube.com/watch
  1. Denkvraag: wat is de beste manier om deze wereld mooier te maken?
  1. “Er is geen weg naar vrede. Vrede zelf is de weg.” Veel denkers hebben deze uitspraak gedaan. Er is ook over gezongen, door het hippie-echtpaar Elly & Rikkert: www.youtube.com/watch
  1. Hier past iemand, die van zichzelf zegt niet religieus te zijn, een handeling van Jezus toe, waar we het ook bij de volgende meeting over gaan hebben: www.youtube.com/watch
  1. ‘Jezus zegt dat het voor een rijke lastiger is om te geloven, dan dat een kameel door het oog van een naald kruipt. Dat verhaal gaat over mij. Ik heb alles al en wil die mooie dingen niet kwijtraken.’ (Dennis van der Geest)

Het is de bedoeling dat we aan het einde een bijzonder symbool doen: iemand gaat jouw voeten wassen en jij die van iemand anders. Ik besef dat dit voor sommigen te dichtbij komt of dat je nog niet zeker weet of je dit wel prettig vind. Wil je dit in een persoonlijk berichtje aan mij vertellen?

  1. Straks zien we elkaar dus bij ??? te ??? om ???. Vergeet niet je afbeelding met de weg mee te nemen.

Samenvatting van de meeting

  1. De levensvraag: hoe maak ik mijn omgeving mooier?
  2. Jezus’ weg bij deze levensvraag

Het verhaal: Jezus wast de voeten van zijn studenten.

De quote: ‘Keer je andere wang toe.’

  1. Jouw reactie op Jezus’ weg
  2. Symbool: elkaars voeten wassen.

Extra voorbereiden en meenemen

Print het deelnemersvel (zie paragraaf hieronder) voor elke deelnemer uit.

Regel ook dat bij de locatie van de meeting enkele teiltjes gevuld met water gereed staan en voor iedere deelnemer een handdoek. De helft van het aantal deelnemers is genoeg: dus als er zeven deelnemers zijn, vier teiltjes. Emmers of pannen kan ook prima.

Uitdelen bij de meeting

Hoe maak ik mijn omgeving mooier?

“Het was kort voor het pesachfeest. Jezus wist dat zijn tijd gekomen was en dat hij uit de wereld terug zou keren naar de Vader. Hij had de mensen die hem in de wereld toebehoorden lief, en zijn liefde voor hen zou tot het uiterste gaan.

Jezus en zijn leerlingen hielden een maaltijd. [Jezus] stond tijdens de maaltijd op. Hij legde zijn bovenkleed af, sloeg een linnen doek om en goot water in een waskom. Hij begon de voeten van zijn leerlingen te wassen en droogde ze af met de doek die hij omgeslagen had.

Toen hij bij Simon Petrus kwam, zei deze: ‘U wilt toch niet mijn voeten wassen, Heer?’

Jezus antwoordde: ‘Wat ik doe, begrijp je nu nog niet, maar later zul je het wel begrijpen.’

‘O nee,’ zei Petrus, ‘míjn voeten zult u niet wassen, nooit!’

Maar toen Jezus zei: ‘Als ik ze niet mag wassen, kun je niet bij mij horen,’ antwoordde hij: ‘Heer, dan niet alleen mijn voeten, maar ook mijn handen en mijn hoofd!’

(…) Toen hij hun voeten gewassen had, deed hij zijn bovenkleed aan en ging weer naar zijn plaats. ‘Begrijpen jullie wat ik gedaan heb?’ vroeg hij. ‘Jullie zeggen altijd “meester” en “Heer” tegen mij, en terecht, want dat ben ik ook. Als ik, jullie Heer en jullie meester, je voeten gewassen heb, moet je ook elkaars voeten wassen. Ik heb een voorbeeld gegeven; wat ik voor jullie heb gedaan, moeten jullie ook doen.”

*

“Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: “Een oog voor een oog en een tand voor een tand.”

En ik zeg jullie je niet te verzetten tegen wie kwaad doet, maar wie je op de rechterwang slaat, ook de linkerwang toe te keren.

Als iemand een proces tegen je wil voeren en je onderkleed van je wil afnemen, sta hem dan ook je bovenkleed af.

En als iemand je dwingt één mijl met hem mee te gaan, loop er dan twee met hem op.”

1. De vraag: hoe maak ik mijn omgeving mooier?

We eindigen met een symbolische handeling van elkaars voeten wassen. Zet alvast enkele teiltjes met water van tevoren klaar. De helft van het aantal deelnemers is een mooi aantal.

In iedereen schuilt een idealist, nietwaar? Onrecht in de wereld raakt eigenlijk iedereen. Bijna niemand kan onbewogen kijken naar een kind dat honger heeft. Of horen over moderne slavernij zonder onrustig te worden.

En dat zijn nog de grote dingen ver weg. Ook dichtbij voelt iedereen wel het verlangen dat het anders kan, beter. We willen graag dat er geen criminaliteit is in onze buurt. Dat het er netjes en opgeruimd is. Dat mensen zich welkom bij je voelen.

Sommige mensen doen er ook veel aan, maar iedereen kent wel dat verlangen. Wie een baan heeft puur voor het geld, raakt vaak na een tijdje onrustig. Zou je niet iets kunnen doen dat ook echt zin heeft, betekenis?

Het kan zijn dat je wat cynisch bent geworden en je verlangen hebt weggestopt. Misschien ben je teleurgesteld. ‘De wereld’ verbeteren is zo groot. De dingen veranderen zo traag. Kunnen ze wel echt veranderen?

En dan zijn er nog veel verbeteringen die uiteindelijk verslechteringen blijken. Misschien is het communisme daarvan nog wel het beste voorbeeld: het was ooit bedoeld om de maatschappij eerlijker te maken, maar het eindigde in een verschrikkelijke dictatuur. Veel uitvindingen blijken uiteindelijk negatieve kanten te hebben. En hoeveel oorlogen zijn er wel niet gevoerd in naam van vrede?

De levensvraag deze keer is dus: hoe maak je je omgeving mooier? Eerst maar eens je omgeving, want ‘de wereld’, dat is inderdaad wel erg groot. En hoe wordt het echt mooier? Kun je de negatieve kanten voorkomen en zo ja, hoe dan?  

Ik wil je vragen om een paar minuten in stilte na te denken over deze vraag:

Welke situatie waar jij direct mee te maken hebt, vind je een probleem en wil je graag dat anders wordt?

Het kan zijn dat je straks liever geen namen noemt of niet al te concreet wordt: dat is natuurlijk prima. Het is wel nuttig dat je in elk geval voor jezelf zo nauwkeurig mogelijk bent.

Laten we een rondje doen over de vraag waarover je hebt nagedacht. Zoals al gezegd is het prima als je het vaag houdt.

Je kunt doorvragen met vragen als:

Waardoor komt dit probleem?

Wordt er al iets aan gedaan?

Doe je momenteel zelf hier iets aan?

2. Jezus’ weg bij deze levensvraag

We volgen in Mensen van de weg chronologisch het leven van Jezus. Dit is alweer de zevende meeting en we naderen de ontknoping. Dit verhaal speelt zich af op de avond voordat Jezus gearresteerd wordt. De dag erna wordt hij gekruisigd.

Hij beseft dat dit eraan komt en de spanning is hoog. Samen met zijn twaalf vaste studenten hebben ze een maaltijd. Dit is een traditionele maaltijd die Joden altijd eten bij Pesach: de zogeheten Seder. Later is hier ook een belangrijk christelijk ritueel op gebaseerd, die onder verschillende namen bekend is: de mis, de eucharistie, het avondmaal.

Een van de twaalf vaste studenten zal Jezus straks verraden. Zijn naam is Judas. Hij heeft een dealtje gesloten met enkele tegenstanders die Jezus uit de weg wil ruimen. Zodra hij weet waar Jezus is, zal hij dat melden en zullen ze zijn leermeester arresteren.

De reden voor dit verraad is niet helemaal duidelijk. Meestal wordt gedacht dat Judas had gedacht dat Jezus een heel andere Messias zou worden, die met geweld een opstand tegen de Romeinen zou leiden. Zijn bijnaam is ook Iskariot, dat waarschijnlijk verwijst naar een bekende terreurgroep in die tijd. Toen Jezus vredelievend bleek te zijn, werd hij cynisch.

Nu eten ze nog samen. En Jezus begint de maaltijd op een wel een heel bijzondere manier. Besef daarbij dat mensen in die tijd op blote voeten liepen of in sandalen en dat de meeste wegen onbestraat waren. Het was daarom gebruikelijk dat je zelf even je voeten waste als je binnenkwam, of dat de vrouw des huizes dat deed of bij rijkere mensen een slaaf.  

Het kan goed werken om met drie voorlezers te werken: een doet de verteller, de ander Jezus, de derde Petrus.

“Het was kort voor het pesachfeest. Jezus wist dat zijn tijd gekomen was en dat hij uit de wereld terug zou keren naar de Vader. Hij had de mensen die hem in de wereld toebehoorden lief, en zijn liefde voor hen zou tot het uiterste gaan.

Jezus en zijn leerlingen hielden een maaltijd. [Jezus] stond tijdens de maaltijd op. Hij legde zijn bovenkleed af, sloeg een linnen doek om en goot water in een waskom. Hij begon de voeten van zijn leerlingen te wassen en droogde ze af met de doek die hij omgeslagen had.

Toen hij bij Simon Petrus kwam, zei deze: ‘U wilt toch niet mijn voeten wassen, Heer?’

Jezus antwoordde: ‘Wat ik doe, begrijp je nu nog niet, maar later zul je het wel begrijpen.’

‘O nee,’ zei Petrus, ‘míjn voeten zult u niet wassen, nooit!’

Maar toen Jezus zei: ‘Als ik ze niet mag wassen, kun je niet bij mij horen,’ antwoordde hij: ‘Heer, dan niet alleen mijn voeten, maar ook mijn handen en mijn hoofd!’

(…) Toen hij hun voeten gewassen had, deed hij zijn bovenkleed aan en ging weer naar zijn plaats. ‘Begrijpen jullie wat ik gedaan heb?’ vroeg hij. ‘Jullie zeggen altijd “meester” en “Heer” tegen mij, en terecht, want dat ben ik ook. Als ik, jullie Heer en jullie meester, je voeten gewassen heb, moet je ook elkaars voeten wassen. Ik heb een voorbeeld gegeven; wat ik voor jullie heb gedaan, moeten jullie ook doen.”

We hebben eerder een paar gelijkenissen van Jezus gelezen: symbolische verhaaltjes waarin hij iets vertelt over hoe het leven mooier wordt. Je zou kunnen zeggen dat wat hij hier doet, eigenlijk een soort gelijkenis in daden is. Hij vertelt niet met woorden, maar met handelingen wat hij bedoelt.

Het is in wezen een soort toneelstukje met een symbolische lading. Dat deed hij eerder toen hij zich liet dopen door Johannes. En je kent misschien ook het verhaal dat hij op een ezeltje de stad Jeruzalem binnentrekt. Zo zijn er veel ‘toneelstukjes’ bekend waarmee Jezus telkens iets van zijn bedoelingen uitbeeldt.

We nemen ongeveer een half uur om dit verhaal te plaatsen en zo uiteindelijk te laten landen wat Jezus’ weg was. Hoe ging hij om met de levensvraag hoe je omgeving mooier wordt? Dat is nu de kwestie.

Twee meetings terug hebben we dat verhaal met die Samaritaanse vrouw ‘ondertiteld’. Het idee was om haar gedachten helder te krijgen. Dat zouden we nu ook kunnen doen met dit verhaal.

Het idee is dat we deze groep in tweeën splitsen: de ene groep probeert Jezus’ gedachtes te raden en de andere die van Petrus. Neem 10 minuten de tijd om bij elke uitspraak die ze doen een gedachte in te vullen.

Wat denkt Jezus / Petrus hier bij wat hij hier nu zegt?

Dan komen we weer bij elkaar en lezen we het verhaal nog een keer, maar dan bij elke uitspraak in hun dialoog, meteen erna de bijpassende gedachte.

Als dat gelukt is, kunnen we hier nog over doorpraten:

Waren er passages waarbij, volgens jou, Jezus / Petrus iets anders moet hebben gedacht? Wil je uitleggen waarom?

Dit verhaal lijkt iets te zeggen over wat Jezus belangrijk vindt. Hij denkt dat op deze manier het leven mooier wordt. Dat is de kwestie deze meeting. Hopelijk zijn we nu iets verder in wat zijn weg hierin is:

Als je dit verhaal zou omzetten in een advies om je omgeving mooier te maken, hoe zou die dan luiden?

Jezus spreekt zelf over zijn weg

We hebben zojuist gelezen hoe Jezus zich opstelt. Zijn houding legt hij ook vaak uit.

Al eerder bleek dat hij dat vaak doet met gelijkenissen. Die begint hij standaard met dezelfde formule: ‘Het koninkrijk van God is als…’ Al eerder vertelde ik dat dit zoiets betekent: waar God regeert, waar Gods wil gebeurt, waar het leven mooi is… daar gebeurt dit en dat – en dan volgt dus de gelijkenis.

Je zou daarom kunnen zeggen dat Jezus gelijkenissen allemaal een soort antwoord zijn op de vraag van deze meeting: hoe wordt mijn omgeving mooier? Nou zo dus, zegt Jezus met elke gelijkenis, zoals het in dit verhaaltje gaat – zoals het in Gods koninkrijk gaat.

In een van zijn bekende gelijkenissen zegt hij bijvoorbeeld: ‘Het koninkrijk van God is als… een mosterzaadje.’ Dat verspreidt zich onder de grond, in stilte, maar het woekert langzaam verder en wordt zo steeds groter en uiteindelijk kunnen alle vogels schuilen in de schaduw van al die mosterdplanten samen.

Eigenlijk zegt Jezus hier dus zoiets als: het leven wordt mooi, Gods wil gebeurt, in het klein, in stilte, sluipenderwijs bijna. De uitspraak hierna, waarin Jezus ook iets over zijn eigen houding uitlegt, lijkt daar wel op.

“Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: “Een oog voor een oog en een tand voor een tand.”

En ik zeg jullie je niet te verzetten tegen wie kwaad doet, maar wie je op de rechterwang slaat, ook de linkerwang toe te keren.

Als iemand een proces tegen je wil voeren en je onderkleed van je wil afnemen, sta hem dan ook je bovenkleed af.

En als iemand je dwingt één mijl met hem mee te gaan, loop er dan twee met hem op.”

Dit zijn uitspraken waarbij je wel wat context moet weten, om ze te kunnen plaatsen. Sowieso is het nuttig om te weten dat deze passage komt uit de Bergrede. Dat is de beroemdste speech uit de geschiedenis, en deze heet zo omdat Jezus vanaf een ‘berg’ deze ‘rede’ voerde.

Hij zet zich hier af tegen een passage waarmee hij is opgevoed en die in de Joodse heilige teksten staat: ‘Oog om oog, tand om tand’. Dat was een richtlijn in de rechtspraak toen. Wat je een ander had aangedaan, in die mate moest je boeten. Dat was voor die tijd vooruitstrevend, want het was veel gebruikelijker om te zeggen: ‘Twee ogen voor een oog, je hele gebit voor een tand…’ Maar het nadeel is natuurlijk dat het leed nog steeds wordt verdubbeld en niet verminderd.

Jezus stelt daar iets tegenover en geeft daarbij drie voorbeelden. Die gaan we nu stuk voor stuk bespreken.

De eerste uitspraak moet je eigenlijk even uitspelen. Ik heb twee vrijwilligers nodig. Iemand die twee klappen wil uitdelen en iemand die er twee wil incasseren… We houden het natuurlijk aardig, maar toch.

Mijn vraag is of jullie tegenover elkaar willen staan. En of degene die slaat met zijn of haar rechterhand de ander op diens rechterwang wil slaan. Dat staat er namelijk letterlijk: er staat niet algemeen ‘wang’, maar precies ‘rechterwang’. En dan is mijn vraag of de ander zijn of haar linkerwang wil toekeren.

Hoe voelt dat? Wat doet dat met jullie allebei?

Als het een beetje meezit, wordt spelenderwijs de clou duidelijk. Het punt is namelijk dat als je iemand met je rechterhand op diens rechterwang wil slaan, dat je dit met de bovenkant van je hand doet. Het is dus eigenlijk een achteloos, minzaam klapje. Als de ander vervolgens zijn of haar linkerwang toekeert, is dat eigenlijk een heel brutale uitdaging om nu een ‘echte’ klap te geven.

Er is nu alle kans dat de agressor zelf besluit dat niet te doen en niet door te gaan, hoewel er natuurlijk de kans is, dat je een pijnlijk wang oploopt. Oftewel: ‘de andere wang toekeren’ is niet maar slap zijn en over je heen laten lopen, maar een behoorlijke pittige manier de ander uit te dagen zélf mijn zijn of haar agressie te stoppen. Je slaat niet terug, je doet niet laf, maar je stuurt heel zelfverzekerd aan op vrede.

Dan de tweede uitspraak: ‘Als iemand een proces tegen je wil voeren en je onderkleed van je wil afnemen, sta hem dan ook je bovenkleed af.’ Dat gaan we natuurlijk niet letterlijk uitspelen, maar we kunnen er wel iets van maken… Graag weer twee vrijwilligers!

Ik zou de een willen vragen om te zeggen: ‘Eerwaarde rechter, deze persoon staat bij mij in de schulden, en ik eis zijn / haar ondergoed als vergoeding.’

En ik wil de ander vragen om te zeggen: ‘Eerwaarde rechter, ik zal mijn ondergoed geven, maar dan geef ik er ook meteen de rest van mijn kleren bij…’

Hoe voelt dat? Wat doet dat met jullie allebei?

Hopelijk wordt ook deze keer de clou vanzelf duidelijk. De aanklager wil iets belangrijks van de ander afnemen, maar onzichtbaar. De aangeklaagde maakt het zichtbaar door pontificaal naakt te gaan, middenin de rechtszaal.

Ook dit is dus weer een behoorlijk brutale manier om iemand uit te dagen die macht over je uitoefent. Net als bij ‘de andere wang toekeren’ lukt het je zo waarschijnlijk dat die ander nu zegt: nee, hoho, dat hoeft ook weer niet, laat dan ook dat ondergoed maar…

En ten slotte de laatste oneliner van Jezus: ‘En als iemand je dwingt één mijl met hem mee te gaan, loop er dan twee met hem op.’ Het woordgebruik hier suggereert dat het gaat om een militair die iets van je eist. Concreet in Jezus’ tijd dus een Romeinse soldaat die je dwingt om zijn bepakking te dragen. Nu moet je weten dat er wet was die het Romeinse soldaten verbood dat meer dan een enkele mijl te laten doen…

Laten we het weer uitspelen. Weer twee vrijwilligers graag. De een is soldaat, de ander een Joodse voorbijganger.

Ik wil de soldaat vragen om te zeggen: ‘Hé jij. Hier, mijn verpakking. Draag dat naar het volgende kruispunt. Is ongeveer een mijl.’

En dan de voorbijganger dan reageert met: ‘Oh, maar ik til het wel helemaal naar de stad hoor!’

Hoe voelt dat? Wat doet dat met jullie allebei?

Ook nu kan het effect dus weer zijn, dat die Romeinse soldaat uit zichzelf ervoor kiest ook die ene mijl niet te eisen. Net als eerder wordt de agressor dus niet met geweld bevochten, maar krijgt hij ook niet de kans zelf de ander te overrulen: de ‘zwakke’ partij krijgt het waarschijnlijk voor elkaar dat de agressor uit zichzelf dimt.

Als we deze drie voorbeelden bij elkaar brengen, kunnen we het misschien iets algemener zeggen:

Wat is Jezus’ advies voor hoe je omgaat met mensen die je uitbuiten, overrulen, of minachten?

3. Jouw reactie op Jezus’ weg

Laten we weer persoonlijker maken. We hebben nu enkele voorbeelden gezien van hoe Jezus probeert zijn omgeving mooier te maken. Nu is het tijd om te onderzoeken wat jij daar zelf mee kunt. In het begin noemde je een probleemsituatie.

Wat zou je in deze situatie doen als je Jezus’ weg hierin gebruikt en dus ‘de andere wang toekeert’ of ‘de ander de voeten wast’?

‘De andere wang toekeren’ betekent: een geweldloze houding, waarbij je iemands anders geweld niet accepteert, zelf ook niet met nieuw geweld reageert, maar een creatieve oplossing bedenkt waarbij de ander zelf besluit dat het anders moet.

‘De ander de voeten wassen’ betekent: iets voor de ander doen wat voor jullie allebei uit je ‘comfortzone’ is maar wel de situatie verder helpt.

Je kunt het gesprek helpen met vragen als:

Vind je Jezus’ weg realistisch in jouw situatie? Zou het werken?

Waarin volg jij al deze weg? En hoe pakte dat uit?

4. Symbolisch afsluiten

De handeling deze keer is: elkaars voeten wassen. Er staan teiltjes met water gereed. De bedoeling is je tweetallen vormt, waarbij eerst de een zijn of haar schoenen en sokken uitdoet, en de ander diens voeten wast, en vervolgens draai je de rollen om.

De bedoeling is dat je iets ervaart van die handeling van Jezus. Hoe voelt het om in de ‘wassende’ rol te zitten en hoe in de ‘gewaste’ rol? Wat vind je prettiger? Wat vind je eigenlijk vervelend? Je hoeft hier niet over te praten, maar het mag wel natuurlijk.

Let erop dat dit een vrij intieme handeling is die voor sommige ongemakkelijk zal voelen.

Benadruk dat niemand verplicht is. Mensen kunnen het vervelend vinden als een ander aan hun voeten zit. Dat heb je een week geleden ook in een berichtje gevraagd, maar het kan ook pas nu blijken.

Het kan een goede regel zijn als mannen bij mannen de voeten wassen en vrouwen bij vrouwen.

Als iemand ‘blokkeert’, vraag eventueel door of er iemand in het gezelschap is die het wel mag doen of eigenlijk helemaal niemand.

Een alternatief kan zijn dat diegene alleen bij iemand anders de voeten wast. Als dat ook vervelend blijkt, kun je voorstellen de handen te laten wassen of gewoon degene even te laten.  

Je kunt ook een alternatief doen en het symbool moderniseren. Denk aan: bij iemand iets schoonmaken, bijvoorbeeld het toilet.

Ten slotte wil ik je vragen je afbeelding met een weg erop erbij te pakken.

Is er nog iets wat je hierbij wilt noteren of tekenen? Of wil je juist iets schrappen of veranderen?

Berichten de week erna

  1. Ontzettend bedankt dat jullie er waren. Ik heb genoten van jullie bijdrage! Als je iets lastig vond, bericht het me. Als je iets prettig vond, vind ik dat natuurlijk ook fijn om te horen.
  1. Hier zie je een filmversie van het verhaal dat we lazen: www.youtube.com/watch Hier de hele maaltijd: www.youtube.com/watch
  1. Denkvraag: zijn er problemen die we nooit kunnen oplossen?
  1. Een (zelf niet religieuze) humorist wijst op de hypocrisie van sommige christenen: www.youtube.com/watch
  1. De huidige paus laat zich vaak inspireren door het verhaal dat we lazen: www.youtube.com/watch en www.youtube.com/watch
  1. 35 tips voor een betere wereld. gezond10.nl/lifestyle/communicatie/betere-wereld/ Daar zit er vast wel eentje tussen waar je iets mee kan…
  1. ‘Ga waar je beste gebeden je brengen.’ (Frederich Buechner) twitter.com/Fred_Buechner/status/606523086062678016