Deze legerleider maakte van de vreemdelingen om hem heen zijn naasten

Deze legerleider maakte van de vreemdelingen om hem heen zijn naasten

Als wij blind zijn voor het kwaad om ons heen, kan ons dan ook niets ten laste worden gelegd? Guido Attema maakte een podcast aan de hand van een oud verhaal over een bijzondere legerleider. 

Er is een grote norse neger in mij neergedaald

die van binnen dingen doet die niemand ziet

Ook ik niet want donker is het daar en zwart

 

Maar ik weet zeker hij bestudeert er

aard en structuur van heel mijn blanke almacht

 

hij morrelt wat aan halfvermolmde kasten

dan voel ik splinters schieten door mijn schouder

nu leest hij oude formulieren dit is het lastigst

teveel slaven trok ik af van de belasting

– Lucebert

Een tijd geleden zag ik een film met de volgende openingsscene. Een jonge man met een nerdbril en dito uiterlijk staat voor het stoplicht te wachten met het raampje open. De gangsterhiphop schalt uit zijn boxen terwijl hij met zijn beste slang, de teksten mee blèrt. Totdat naast hem een dikke pooierbak tot stilstand komt. Met daarin drie woest kijkende zwarte gangstermannen. Als de wiedeweerga draait de nerd zijn raampje dicht, om de teksten vervolgens fluisterend te mompelen.

Een verhaal aan de andere kant van de het spectrum: vijf jaar geleden ging ik met een zwarte rapper naar een radioprogramma om een concert te promoten. Aan de balie keek de blanke bewaker een beetje argwanend toen we ons aanmeldden, maar liet ons plaatsnemen terwijl hij aan de presentator doorgaf dat we waren gearriveerd. Na amper te zijn gaan zitten, stond de rapper alweer weer op. ‘Ik ga er toch wat van zeggen’, zei hij in de overtuiging dat de bewaker vanwege zijn huidskleur zo argwanend was geweest. Maar wat bleek? De redactie had doorgegeven dat slechts één persoon zou komen, vandaar de verbaasde blik.

Kan echt ons niets ten laste worden gelegd?

Een van de manieren waarop we onze identiteit opbouwen is door te kaderen en af te bakenen. Dat geeft ons structuur. Minder afleiding in onze levenswandel. ‘Ik kan er niks aan doen dat ik wit ben en makkelijker een baan krijg, bovendien leef ik me in andermans situatie in.’ Of: ‘De mensen behandelen me bij voorbaat minder dan de ander, omdat ik een andere kleur heb’. Soms is deze gedachte er zo ingesleten dat we, wat eraan ten oorsprong ligt,  zijn vergeten. Maar omdat we ons niet langer van enig kwaad bewust zijn, kan ons dan ook niets ten laste worden gelegd?

Het doet mij denken aan dit verhaal uit het evangelie volgens Lucas, hoofdstuk 7:

Toen Jezus aan het eind was gekomen van zijn toespraak tot de menigte ging hij Kafarnaüm in. Een centurio die daar woonde had een slaaf die ernstig ziek was en op sterven lag; de centurio was erg op deze slaaf gesteld. Toen hij over Jezus hoorde, zond hij enkele Joodse leiders naar hem toe om hem te vragen bij hem te komen en zijn slaaf van de dood te redden. Toen ze bij Jezus waren gekomen, drongen ze er bij hem op aan mee te gaan. Ze zeiden: ‘De man die u dit verzoekt, verdient het dat u hem deze gunst bewijst. Want hij is ons volk goedgezind en heeft voor ons de synagoge laten bouwen.’ Jezus ging samen met hen op weg. Hij was al niet ver meer van het huis verwijderd, toen de centurio enkele vrienden naar hem toe stuurde met de mededeling: ‘Heer, spaar u de moeite, want ik ben het niet waard dat u onder mijn dak komt. Daarom ook achtte ik mij niet waardig om zelf naar u toe te gaan. Maar u hoeft maar te spreken en mijn knecht zal genezen zijn. Ook ik ben iemand die onder andermans gezag staat en zelf weer soldaten onder zich heeft, en als ik tegen een soldaat zeg: “Ga!” dan gaat hij, en tegen een andere: “Kom!” dan komt hij, en als ik tegen mijn slaaf zeg: “Doe dit!” dan doet hij het.’ Toen Jezus dit hoorde, verbaasde hij zich over hem; hij keerde zich om naar de menigte die hem volgde en zei: ‘Ik zeg jullie, zelfs in Israël heb ik niet zo’n groot geloof gevonden!’ Toen de vrienden van de centurio terugkeerden naar zijn huis, troffen ze daar de slaaf in goede gezondheid aan.

Als heerser voel je je makkelijk superieur

Je zou kunnen zeggen, dat is toch normaal, een beetje compassie tonen? Zorgen voor je medewerkers? Maar de centurio in dit verhaal moet nogal wat stappen hebben gezet om tot deze daad te komen. Ten eerste is hij een Romeinse legerleider van minstens honderd soldaten, en dus een van de bezetters van het land. Als je over anderen heerst, en door de bevolking als agressor wordt gezien, kun je je makkelijk superieur gaan voelen. Tevens maakt hij zich zorgen om zijn slaaf. Die toch vrij snel als gebruiksvoorwerpen werden gezien, en bovendien had ook de onderworpen bevolking massaal slaven in huis. Maar wat blijkt: de centurio is geliefd bij de mensen, ziet om naar zijn slaaf en stelt zich nederig op. Van de vreemdelingen om hem heen heeft hij hen tot zijn naasten gemaakt.

Dat deze barmhartigheid bijzonder is, wordt door Jezus beaamt: ‘In heel Israël heb ik niet zo’n groot geloof gevonden’.

Een wijze rabbijn zei eens dat hij in zijn broekzakken twee papieren bewaart. Als hij in de linker grijpt staat erop geschreven: ‘Je bent geschapen met het stof van de Aarde’. Grijpt hij naar de rechter, staat er: ‘Je bent Heilig’.

Het vinden van een balans daartussen gaat niet vanzelf. Soms hebben we er een nors, nukkig iemand voor nodig die in ons onderbewuste gaat prikken om de boel wakker te schudden. De vraag is, waar doet het bij mij pijn? Waarvan ben ik ooit slaaf geworden?


In de podcast werden de volgende nummers gebruikt:

Kai Nobuo – Calm Dub. Van het album My Wired Soul.

Benjamin Banger – Moments.

Monk Turner – Prisoner. Van het album Emergency Songs.