De mist in

De mist in

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag. 

De mist in – PopUpGedachte woensdag 16 augustus

Er ligt een mist over de vroege ochtend. De vogels klinken gedempt, de kleuren krijgen een waas mee en het ruikt fris. Contouren in de verte zijn nauwelijks te onderscheiden, de vage randen van hoge bomen steken boven een mistlaag uit. Alleen dat wat vlakbij is, heeft heldere kleuren. Knalroze bloemen, woekerend onkruid, dat is het wel zo’n beetje.

De wekker is weer gegaan. Zes uur. Dat was de afspraak met mijzelf. Nu een jaar geleden gemaakt. Om elke dag eerst te lezen in de oude teksten van het christendom. Sinds die tijd elke werkdag drie fragmenten uit de Bijbel, me aangereikt door een oud leesrooster. Er is nog steeds geen doorslaggegevende reden geweest om er mee te stoppen, dus ook vandaag weer. En zoals altijd is de wekker zelf schrikken, maar vijf minuten later prijs je je gelukkig dat terwijl de stad nog slaapt, de kinderen zich nog eens omdraaien en er nog niets hoeft – ikzelf al iets van de dag mee mag maken. Alleen dat is al een zegen.

Vandaag een fragment over verzet, eer, opstand en aan wiens kant je eigenlijk staat. En wat te doen met de overheid en hoe je je daartegenover verhoudt. Opgevoed in de gereformeerde kerk, leer je diep buigen voor het gezag, Oranje, koningshuis, burgemeesters, ze waren allemaal door God op die plek geplaatst en konden weleens slechte keuzes maken maar je moest ze eren. Staand zongen we jaarlijks het Nederlandse volkslied in de kerkdienst. Pas in anarchistisch Amsterdam bleek het ook anders te kunnen en soms te moeten. Met een groep krakers braken we een leegstaande kerk open om onderdak te bieden aan uitgeprocedeerde vluchtelingen. Tussen anarchisten was het heel gewoon om argwanend te kijken naar iedereen die uberhaupt vriendelijk deed tegen een overheidspersoon.

In de tekst van vanochtend wordt Jezus van Nazareth een vraag gesteld of het geoorloofd is belasting te betalen. Het maakt iets voelbaar van de verzetscultuur van het land. De Joden waren onderdrukt in die tijd door de Romeinen en belasting betalen was colloboreren, toch? En een teken van ongeloof, want zouden zij als Gods volk zich laten knechten door een varkensvlees-etende Romein?

Het is niet belangrijk. Het is alsof hij de overheden, het lokale verzet, het bloed, de bodem, en de strijd voor een plekje in de wereld ver weg in de mist projecteert. Whatever. Wat staat er op die munt? De kop van de keizer toch? Nou, geef die munt dan aan hem? Geef aan de keizer wat van de keizer is en aan God wat van God is. Het is gek, die Jezus van Nazareth hield van symboliek. Hij maakte graag een statement, maar niet voor politiek gewin lijkt het. Niet om zich te verzetten tegen de toevallige heerser van deze tijd. Hij heeft wel wat beters te doen, dat wat voor ogen is, de mensen die links en rechts uit het systeem gevallen zijn, die hopen dat er iemand is die hen ziet.

In een bevrijd land wordt er niet opeens goed voor wezen, weduwen en vluchtelingen gezorgd. Iedereen wil bevrijd worden in een oorlog, maar de verhalen uit de tijd na de oorlog zijn gruwelijk. Voor teruggekeerde Joden, het opsporen van colloborateurs. Brengt vrijheid wel vrijheid? Niet in Mosul, Irak. IS is dan verdreven maar de nieuwe milities houden op eenzelfde manier huis als IS dat kon doen. Honderden mannen worden vermist in de bevrijde steden, zij zijn weggehaald op verdenking van colloboratie en niemand weet waar ze zijn. Wie deze werkwijze in twijfel trekt, loopt het risico ook van colloboratie beschuldigd te worden. Vrijheidsstrijd klinkt zuiver, voelt zuiver en is gevaarlijk. Revolutie eveneens.

Vrijheid brengt geen vrijheid. Al kan dat gedacht worden door degenen die de strijd tegen het kwaad voeren. Het was Luther die aan het eind van zijn leven radicaliseert en zich onderdeel voelt van de grote strijd tussen goed en kwaad. En daar vergeet hij hoeveel liefde hij vond voor het Joodse volk in de teksten van Paulus en begint anti-semitische haat uit te slaan. De strijd tussen goed en kwaad vindt niet daar ver weg in de mist plaats, maar hier vlakbij in mijn eigen ziel. Niet als ik maar bevrijd ben, als de omstandigheden beter zijn, als anderen maar eens dit of dat – dan zal ik vrij kunnen leven of het goede doen of worden wie ik kan zijn. Wie het kwaad op de keizer of een ander projecteert, tuurt in de mist en schiet op schimmen. Zonde van de energie. Het is allemaal veel dichterbij en dat toont zich ook een stuk scherper. Als we er oog voor hebben. Lang leve de mist van vanochtend, die maakt een hoop duidelijk.

2 Samuël 18:19-33

Handelingen 23:23-35

Marcus 12:14-21