Over fruitbomen

Over fruitbomen

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Over fruitbomen – PopUpGedachte woensdag 27 juni

Op het terras van Pakhuis de Zwijger, naast de door ons opgerichte tijdelijke kapel, was ik nogal intens in gesprek met een paar idealisten die me min of meer probeerden te bevrijden van de religie waar ik volgens hen toch echt in verstrikt was geraakt. Ik was een goeie jongen, met mooie ideeën en het hart op de juiste plek – dat hadden ze alvast geconstateerd – en dan had ik dat haakje van die Jezus en dat religieuze toch niet nodig. Het grote verschil tussen hen en mij was dat ik wist hoe alles zat en me aan een soort kader vasthield waar je denken begon en eindigde en dat zij gewoon de dingen namen zoals ze kwamen. Zo beoordeelden ze iemand niet op de buitenkant, of wie die was, of kleur of achtergrond maar puur op wat iemand kwam brengen. Wat iemand realiseert, tot stand brengt. Wat ik een leuke gedachte vond op zichzelf, omdat het nogal lijkt op de uitspraak van Jezus van Nazareth vanochtend: In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: “Wacht u voor de valse profeten, mensen die tot u komen in schaapskle­ren, maar van binnen roof­zuchtige wolven zijn. Aan hun vruchten zult ge ze kennen. Plukt men soms druiven van dorens of vijgen van distels? Zo brengt iedere goede boom goede vruchten voort, maar de zieke boom brengt slechte vruch­ten voort. Een goede boom kan geen slechte vruchten dragen, noch een zieke boom goede vruchten. Iedere boom die geen goede vruchten voortbrengt, wordt omgehakt en in het vuur geworpen. Aan hun vruchten dus zult ge ze kennen.”

Aan de vruchten zul je ze kennen. En daar mag je me aan houden, zei ik. Omdat ik nou eenmaal me publiekelijk associeer met die teksten van Jezus van Nazareth. En ik weet niet precies hoe dat met jou zit. Ik weet niet of ik je ergens op kan aanspreken. Je zegt zélf te denken, maar als je vandaag dit denkt en morgen dat, is er dan nog een kritisch tegenover. Ja, zegt hij. Dat heb ik júist. Ík moet voortdurend kritisch me afvragen of ik wel het goede aan het doen ben. Kerkmensen zitten in de kerk, krijgen een aai over een bol en hoeven niet meer na te denken. Verbaasd vraag ik me af hoe dit soort denkbeelden in redelijke mensen kunnen blijven hangen. Die bijbel is een boek dat van begin tot eind kritiek heeft op religieuzen. Misschien is het enige hoopvolle van de kerk, gezien het vele gedoe en het vele falen, dat ze een boek in haar midden bewaart dat voortdurend kritiek heeft op hoe ze de dingen doen. Oh, zegt de ander in het gesprek. Maar dát is vermoeiend. Dat je de hele tijd niet goed genoeg bent? Verrast kijk ik op. Als de gesprekspartner zonder religie roept dat hij zichzelf voortdurend kritisch beziet en dat de religieuze onkritisch onnadenkend is, wordt er ijverig geknikt. Zo gauw de religieuze aantoont dat hij of zij juist een kritische evaluatiekader heeft, is dat nadenken opeens een erg onaantrekkelijk punt van religie.

‘Vind je dit nou leuk?’ vraagt een vierde in het gesprek aan mij. Ik kijk hem even verbaasd aan. Dat je dit soort gesprekken moet voeren. Nu je het zegt, nee. Dit is niet mijn hobby. Het zuigt me een beetje leeg. Hoort erbij hoor, maar ik ga liever wat doen. Ik bouw liever een kapel of organiseer een maaltijd, een ramadansponsortour met mensen die daarin geloven. Ik geloof toch dat ik liever een boom plant, of vruchten voortbreng. En als die smaken, dan zal het wel goed zitten.

Vanochtend in de eerste lezingen wordt door de psalmdichter de wet bezongen als het grootste geluk van het Joodse volk. Het kritisch tegenover, de weg van de wijsheid.

“Leid mij langs de paden van uw geboden,
daar vind ik mijn vreugde in.
Mijn hart zij gericht op wat Gij verordent
en niet op ijdel gewin.”

En toch, goede geboden gaan je niet redden he? Dáár hebben de seculiere denkers dan gelijk in. Je in de juiste traditie begeven ook niet. En het gesprek voeren over uit welke traditie je kom en wat dan beter is, zo’n gelovig tegenover of niet. Er zullen wolven in schaapskleren komen, zeggen de teksten. Mensen die met de wet in de hand níet het beste voor hebben. Of mensen die met de mond vol van vrijheid, toch weer onvrijheid verkondigen. Gisteren werd nog het Niqaabverbod bevestigd in de Eerste Kamer. En vanaf vandaag zitten dus vrouwen die het al niet makkelijk hebben, nog verder in hun isolement. Ieder die iemand in Niqaab ziet, vraagt zich nu af of ze hier wel mag komen. Of dit een overheidsgebouw is of een openbaar vervoers plek. Ik vind dat een ranzige vrucht en vraag me af uit welke boom dit bittere ding voortkomt. En zelf? Wat zijn mijn vruchten? Van wiens vruchten wordt ik gelukkig? Het gesprek over de bordjes bij de boom, het type boom en of het vruchtbare grond is op het terras van Pakhuis de Zwijger was op zichzelf interessant. Maar het is niet het echte werk. We evalueren op basis van vruchten, oftewel: laat ons mooie dingen voortbrengen, die het hart versterken, het lijf voeden, de geest plezieren en leven geven.

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.


Deze rubriek heeft een eigen boek: Lazarus staat op. Daarin zijn de 25 mooiste ochtendgedachtes van de afgelopen tijd gebundeld en geïllustreerd door Joanne Zwart.

Lazarus staat op | Rikko Voorberg | Vuurbaak | ISBN 9789460050404 | € 17,95