Het is niet de godheid die je heeft gered

Het is niet de godheid die je heeft gered

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Het is niet de godheid die je heeft gered – PopUpGedachte maandag 9 juli 2018

De verhouding tot de kerk is voor de gemiddelde Nederlander op z’n minst problematisch geworden. We willen er niet meer in. Of soms hebben we het gevoel dat we er niet meer in mógen. Met wie we zijn. Met onze aandoening. Onze kritische geest. Onze manier van leven. Met de eigenwijsheid die we hebben omarmt in ons leven en die we niet op willen geven. We zijn kritisch op kerken en wat ze wel en niet doen. Én er zijn sommigen van ons die diep van binnen ook de kritiek van de kerk voelen op hen en er gewoonweg niet meer aan willen. Niet meer afgewezen willen worden om wie we zijn. Er simpelweg voor passen om te horen dat we niet goed genoeg zouden zijn.

De mens is ongeneeslijk religieus. Niet in religieuze zin van het woord, maar in de spirituele zin. En de mens is de kerk niet in alle vrede verloren. Meestal deed het pijn. Sommigen van ons hebben geen weet van die pijn, het verlies gebeurde al generaties eerder. Voor anderen is het vers: de afwijzing door een voorganger, het onbegrip van een oudste of ouderling, de mannen veelal die wijsheid hadden moeten brengen, maar afkeur in zich ronddroegen of de moraal in algemene zin, die te hard, te onzinnig, te leeg, te hypocriet of te irrelevant was. En zoals Nietzsche’s Zarathustra rondloopt met z’n lampje op de markt en roept dat hij zoekt naar God en lachende omstanders met hem spotten, waarna hij vervolgens de lantaarn stukgooit en smartelijk uitroept: god is dood en wij hebben hem vermoord. Zo is voor velen de kerkdeur smartelijk dichtgevallen en die naar de christelijke religie eveneens; ergens in de generaties en misschien wel nog heel kort geleden. En is het een ontoegankelijke plek geworden waar we ons niet meer aan kunnen onderwerpen en dat van lieverlee dat ook niet meer willen.

Vandaag wordt het verhaal gelezen van een vrouw die geen toegang meer heeft tot de spiritualiteit van het volk waar ze bij hoort. Niet vanwege haar morele overtuigingen, niet vanwege haar eigenwijsheid of de kritiek die ze heeft op achterhaalde instituten. Het is haar fysieke conditie. Al 12 jaar lijden aan bloedvloeiing. Voor elke lezer is duidelijk dat dit fysiek nogal ellendig is, maar er is meer. Je kunt niet naar de tempel. De verzamelplek voor feesten en reiniging van je ziel is afgesloten tot de aandoening voorbij is. Bizar natuurlijk vinden wij en er zit een gedachte achter waar ik ff niet aan toekom – maar de deur blijft dicht.

Dan raakt ze de zoom van zijn mantel aan, staat er. Want dacht ze, dan zal ik genezen. Dat is een dingetje. Want iedereen die zij aanraakt wordt in die oude Joodse filosofie ook onrein. Vreemd, i know. Maar als dat eenmaal in je traditie zit, krijg je dat er niet zomaar uit. Dus let op, deze wanhopige en stoere vrouw denkt: stik er maar in, baat het niet dan schaadt het jou wél, maar ik moet en ik zal. Ik ben hier klaar mee. En als jij voorlopig dat  heiligdom niet meer in mag omdat ik je heb aangeraakt, dan zij dat zo. Er is een kansje dat ik hier heling vind voor lichaam en ziel. En ze raakt de rabbi aan op wie ze hoopt, waardoor hij zélf de tempel niet meer in mag in principe.

Dit gaat niet alleen over haar lijf, maar over de hele toegang tot het menselijke verkeer én de spiritualiteit. Zij wil die tempel weer in, zoals sommigen van ons misschien wel die geborgenheid van religie weer in willen. En zij zoekt het niet in de tempel, zoals velen het het niet meer in de kerk zoeken of in de religieuze setting, omdat die voor haar ontoegankelijk is geworden en veroordelend en uitsluitend, zoals religie dat zo vaak ook is voor zovelen. En door die toewijding aan haar eigen zielerust, vindt ze toegang tot de officiële religie zonder die nog langer nodig te hebben. Ze kan die tempel nu vrijelijk in en uit wandelen, maar nodig voor heling van de ziel, voor verlossing is het niet meer.

Ze geneest ter plekke. Natuurlijk. Maar wat heeft haar gered volgens de rabbi? Niet zijn magische kracht, zijn geniale mantelzoom of wat dan ook; maar haar geloof. Haar toewijding, volhouden, haar willen.

Ik weet niet wat jij zoekt. Ik weet wel wat ik wil. En dat is datgene vinden waar ze in kerken over preken en om zingen en bidden, waar ze in synagoges naar verlangen, in moskeeën voor knielen en in yoga om ‘ohmen’ en mediteren. Elke ochtend,  een momentje van rust; door willen dringen. In de hoop de genezing te voelen in het lijf. En wat wel tof is: het is niet de godheid die je dan gaat redden, maar het eigen geloven: dat je hoop hebt gehouden dat de zielerust er ook voor jou is en de verlossing of hoe je het ook wilt noemen. Dat dát het verlossende woord zal zijn: jouw toewijding, jouw hopen tegen de klippen op, heeft je gered. Uiteindelijk.

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.


Deze rubriek heeft een eigen boek: Lazarus staat op. Daarin zijn de 25 mooiste ochtendgedachtes van de afgelopen tijd gebundeld en geïllustreerd door Joanne Zwart.

Lazarus staat op | Rikko Voorberg | Vuurbaak | ISBN 9789460050404 | € 17,95