Lazarus staat op | Mijn frustratie, mijn taak?

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Lazarus staat op | Mijn frustratie, mijn taak?

PopUpGedachte No. 724 – 20 augustus 2019: Mijn frustratie, mijn taak

We bouwden een spiegelkapel, Joanne mijn vrouw, de kunstenaar, ontwerper en ik. Ik kan dat soort dingen prima bedenken, maar de uitvoering hè. Of de afwerking eigenlijk. Zorgen dat het klopt, dat de ervaring waar de bezoeker doorheen gaat dieper gaat en verder komt dan: ‘leuk idee’. Dat kan Joanne honderd keer beter dan ik.

Het thema van het festival waarvoor we dit ontwikkelden was ‘Graceland, overal’. Genadeland, genadeplek, overal. En genade is nogal wat. Die ruimte waarin de shit benoemd mag worden en het veilig is om ernaar te kijken, de mogelijke zwaarte ervan te erkennen zonder die op je rug te nemen, de opluchting als je die zwaarte van je rug laat glijden en er met tranen in je ogen naar kunt kijken omdat het zo kromgebogen leven is geweest al die tijd. Een land waar je de ander echt kunt ontmoeten en achter de facades de harten voelt kloppen van vermoeidheid en vreugde, van ontspanning en verdriet, alles.

Dat genadeland is natuurlijk helemaal niet overal. Een vrome frase, een lief-bedoelde, maar naïeve uitspraak. Graceland is er af en toe even op bepaalde plekken en zeker niet overal zomaar. En tegelijk ook weer wel. Overal zijn mensen die verantwoordelijkheid nemen, die wijs zijn geworden, die liefde hebben gevonden, die weten hoe te rouwen, die gastvrij zijn, die … Het is ook overal waar mensen het zijn gaan leven, die genade. Dus bouwden we een spiegelkapel voor iedereen die hoopte dat Graceland overal zou zijn. Bij binnenkomst las je een quote van Bisschop Rowan Williams: ‘dat het niet de vraag of is je veilig bent in de handen van God maar of God veilig is in jouw handen’. Volgens de bisschop is dat de vraag die in de kerk moet klinken. Natuurlijk ook een ‘kom maar, kom hier, hier is het goed’. Maar dan minstens zo veel: ‘ga dan, van hier, wees een plek waar het goed is’.

En ik geloof in dit soort teksten, en twijfel ook altijd weer. Is het niet te doenerig? Vraagt het niet teveel? Het is toch ook nodig om plekken te vormen waar mensen welkom zijn? Je wilt toch ook omarmd worden? Of is juist de omarming die in je oor fluistert: ‘ik heb je gezien, ik heb je nodig, ik vertrouw het je toe’ de belangrijkste en weldadigste omarming die je kunt ontvangen als mens in deze wereld?

Vandaag in de lezingen een gesprekje met de Eeuwige door een oud-testamentische held op sokken, Gideon. Hij staat in een wijnpers tarwe te dorsen, stiekem verborgen achter de schotten van de bak omdat anders de roversbenden die het land teisteren het zullen stelen. En dan deze dialoog:

De engel van de Heer vertoonde zich aan hem en zei: ‘De Heer zij met je, dappere krijgsman.´ ‘Mag ik u vragen,’ antwoordde Gideon, ‘als de Heer ons werkelijk bijstaat, waarom overkomt dit ons dan allemaal? Waar blijft Hij dan met zijn wonderbaarlijke daden, waarover onze voorouders hebben verteld? Uit Egypte heeft Hij ze geleid, zeiden ze toch? Nu trekt Hij zich in elk geval niets van ons aan en zijn we overgeleverd aan de Midjanieten!’ Toen wendde de Heer zich tot Gideon en zei: ‘Toon je moed en bevrijd Israël, dat is mijn opdracht.’

Zou Gideon spot vermoed hebben in het 'dappere krijgsman', omdat hij in zo’n wijnbak bezig is met z’n tarwe in alle verborgenheid? In elk geval heeft hij waarschijnlijk niet door met wie hij van doen heeft en repliceert meteen: De Heer Zij Met Je? Hoezo? Staat misschien op je Euromunt, maar in de werkelijkheid is het echt bullshit. Of hij bestaat niet of het boeit hem niet? We zitten in de knel hier. Je hoort de frustratie in zijn woorden. En als antwoord komt er geen theologie, geen uitleg, geen verhaal over de plek van God in het lijden, de oorzaak van het kwaad, de schuld van de mens of de schuld van God, er komt alleen een heel korte aanmoediging: houd moed. En dan een opdracht. Bevrijd Israel. Dat is mijn opdracht.

Mijn frustratie, mijn taak. Niet de vraag of je wel veilig bent bij God, maar of God die iets wil veilig is in de handen die jij hebt gekregen.

‘Huh? Ik? Dat kan ik helemaal niet. Ik ben de jongste van de familie en …'  Zo sputtert de dappere krijgsman nog tegen, maar de Eeuwige antwoordt dat het niet per se om hem gaat maar dat hij bijgestaan zal worden en dat het dus goed komt. Nou, hup, aan het werk.

Wie bidt in de spiegelkapel om redding of vergeving of genade voor een wereld in nood, wie zijn frustratie uitroept over de pijn die er is, de verwarring de zoektocht, of wie dankbaar constateert hoe mooi het kan zijn in de wereld: of het nu gaat om roepen, schelden of danken, wat je er ook doet, je ziet jezelf in allerlei hoeken. Het zijn jij en ik die aan de wereld, aan onze omgeving gegeven zijn. Het wordt aan ons tegensputterende, angstige, falende en dwarse mensen toevertrouwd als was ik een moedig, beschikbaar, wijs mens.

En als ik zeg dat ik niet ben wat die ander in me ziet, zegt hij dat ik het ook niet hoef te zijn, maar dat ik wat ik nodig heb onderweg wel zal vinden omdat ik niet alleen op weg ga. En dus gaat Gideon. En dus heeft een spiegelkapel recht van spreken. En dus begint er een nieuwe dag. Wie weet wat vandaag brengt. Mijn frustratie, mijn taak, juist als ik er niet de juiste persoon voor ben.

Vrede, alle goeds en tot morgen.

Hier vind je drie tekstgedeelten die Rikko vanochtend las.