Waarom ik geen auto heb (en er ook geen wil)

Christine is niet bepaald dol op auto's. Liever trekt ze erop uit met de fiets en de trein. Maar er zijn nog meer redenen waarom ze geen eigen auto voor de deur heeft staan...

Waarom ik geen auto heb (en er ook geen wil)

Sommige mensen vinden mij een drammer, anderen een stakker en weer anderen prijzen me de lucht in. Waarom? Ik heb geen auto. Ze zeggen het niet hardop, maar ik lees het in hun blikken. Ze hebben me net uitgebreid geïnstrueerd waar ik mijn auto kan parkeren, of zien me in kleddernat regenpak aankomen om een Marktplaatsaankoop op te halen. Die vrouw is gek, lees ik in hun ogen. 

Aftandse Panda

In mijn jeugd stond het grootste gedeelte van de jaren geen vierwieler voor de deur. De redenen waren een mix van: te weinig gebruik, te duur, maar zeker ook: slecht voor het milieu. Mijn ouders waren hun tijd best een beetje vooruit. Mijn moeder had een groene column in het kerkblad (Naar de kerk? Kom met de fiets!) en ze verkocht Ecover vanuit onze schuur. Pa herinnerde mij iedere dag eraan het licht uit te doen als ik een ruimte verliet. Eten werd niet verspild en een nieuwe aankoop mocht best wat meer kosten, als het daardoor langer mee kon gaan. “Goedkoop is duurkoop”, klinkt de echo in mijn hoofd. 

Vreselijk vond ik het allemaal destijds. Ik liet gerust de lichten branden op mijn kamer, terwijl ik al een half uur beneden zat. Ik hield van lange, uitgebreide douches en kocht het liefst zakken vol bij de H&M van mijn beperkte kleedgeld. En dan hadden we ook nog ‘ns geen auto, wat een ramp. Op het voorstel om met de fiets van Amersfoort naar een jeugdkamp in Driebergen te gaan, rolde ik met mijn ogen. Ik dwong mijn vader om mij met de aftandse Panda van kennissen te rijden. Die liet het onderweg meermaals voor een stoplicht afweten, maar het voorgestelde alternatief was een grotere afgang.

Heel modern

En zie nu: mijn milieubewuste opvoeding heeft zijn vruchten afgeworpen. Kijk ik naar mijn broer en zus, dan moet ik inwendig een beetje grinniken. Ook zij hebben geen auto en willen er geen. Dat hebben mijn ouders toch maar mooi voor elkaar. ‘Jullie zijn heel modern’, zegt mijn vader dan. En die steek ik maar in mijn zak.

Buiten de veilige, groene cocon van mijn ouderlijk gezin kan mijn keuze niet altijd op instemming rekenen. Mensen beginnen zich spontaan te verontschuldigen voor het feit dat zij wel een auto hebben (of twee…). In mijn keuze voor geen auto, zien zij impliciet een veroordeling voor hun keuze om wel een auto te rijden. En ik kan ze niet geheel ongelijk geven, want ik vind er inderdaad iets van… 

Onmisbaar?

Al begrijp ik absoluut waarom een auto soms onmisbaar is. Voor mensen die voor hun werk grote spullen moeten vervoeren, voor mensen die vanwege een handicap minder mobiel zijn, of voor mensen die op een zeer afgelegen plek wonen. Ook weet ik heus wel hoe de pakjes die ik bestel op internet zo snel bij mijn huis komen. De auto maakt dingen mogelijk, die we eigenlijk niet meer kunnen of willen missen.

Daarnaast is een auto ook gewoon heel comfortabel. Zo eens per maand lenen we de auto van mijn ouders – die zijn inderdaad niet geheel autoloos meer, al maken zij er nauwelijks meer gebruik van dan wij. In de dagen dat de auto dan bij ons voor de deur staat, merk ik meteen hoe verleidelijk het autogemak is. Weekboodschappen? Veel makkelijker met de auto. ’s Avonds in de regen erop uit? In de auto is het lekker warm en droog. En hup, voordat ik het weet scheur ik weer de weg op met dat bakkie. In die zin is geen auto hebben pure zelfbescherming. Minder keuzestress, lekker overzichtelijk.

Ik sla elk aanbod af. Ik wil namelijk helemaal geen auto! 

Met de komst van onze dochter dachten velen dat wij wel van onze autoloze leefstijl af zouden stappen. Nu we met de tweede erbij nog altijd zonder koekblik de wereld doortrekken, krijg ik deze opmerkingen niet meer. 

Toch worden mij de laatste tijd nog regelmatig auto’s aangeboden. Van vrienden die gaan samenwonen en twee auto’s voor de deur hebben staan, die haast niet van hun plek komen. Of van mijn opa, die na 95 (!) jaar het autorijden definitief achter zich laat. Het is heel lief aangeboden, maar toch sla ik elk aanbod af. Ik wil namelijk helemaal geen auto! 

Voel de regen op je huid

Het leven zonder auto biedt me dingen waar ik geen afscheid van wil nemen. Naast alle praktische bezwaren tegen autobezit (vervuilend, duur, lelijk blik voor de deur, weer iets om voor te moeten zorgen), geeft het me namelijk een diep gevoel van geluk om zonder auto te kunnen leven.

Ik denk dat wij als mens bedoeld zijn om in beweging te komen. Van stilstand worden we ongelukkig. Fietsen, wandelen en reizen met de trein doen dat letterlijk en figuurlijk: mij in beweging zetten. Ik word er een creatiever en opgewekter mens van. Op de fiets met de wind in mijn haren en mijn hartslag omhoog, een kind voor en een kind achter, luid liedjes zingend. De spullen creatief ingepakt en op volle vaart vooruit. En nog eens extra met regen spetterend op mijn gezicht: dan heb ik het gevoel dat ik lééf.