Hoe vast zit jij aan je vooroordelen en hoe vaak kies je om de mens erachter te zien?

Vooroordelen zijn irritant, maar ze hebben ook een prettige kant: ze maken de wereld duidelijk en voorspelbaar. Vandaar dat we ze koesteren. Maar Nina ziet dat je meer bereikt als je er dwars doorheen breekt.

Hoe vast zit jij aan je vooroordelen en hoe vaak kies je om de mens erachter te zien?

Als domineesdochter had mijn omgeving vaak een mening over mij klaar. Hoe vaak ik niet ‘Ohhh, jij bent de dochter van de domineeeee!’ naar mijn hoofd heb gekregen. Ik ben de tel kwijtgeraakt.

Als extravert ontdekkend basisschoolmeisje zocht ik regelmatig de grenzen op. Met avonturen beleven zoals belletje lellen, snoepjes pikken bij de grote supermarkt of vriendjes en vriendinnen entertainen met zelfverzonnen ingenieuze scheldrijmpjes over onze juffen en meesters.

Jaren later, in de grote stad, moest ik ook regelmatig vechten tegen de vooroordelen, “Maar je gelooft toch niet écht in de schepping?!” Een wijn drinkende studente op nachtelijk avontuur in het Amsterdamse uitgaansleven, die kan natuurlijk niet écht in God geloven.  

Geen haar beter

Eerlijk gezegd ben ik zelf geen haar beter. Ook ik heb vooroordelen over iedereen die niet binnen mijn filterbubbel past. Zo kom ik in mijn pleegzorgwerkzaamheden voor Timon (een christelijke jeugdzorgorganisatie) veel christenen tegen van allerlei kerken met enorm uiteenlopende opvattingen. Van zwaar orthodox tot luchtig progressief, alle smaakjes zijn vertegenwoordigd. En over iedereen heb ik wel een kant-en-klare mening paraat. Vol evangelisch? Niet over homo’s beginnen. Ger-gemmers? Roken en drinken een no-go. Vrijgemaakt? Enigszins rigide over seks voor het huwelijk. 

Een rugtas met verontrustende zaken

Een paar avonden per jaar sta ik als pleegzorgmevrouw voor een klasje met mensen die overwegen om pleegouder te worden. En hoewel mijn standplaats Amsterdam is, komen ‘mijn’ pleegouders vaak uit de kleine dorpjes om de grote stad heen. Ik heb dan een Frozen rugtas mee. Zogenaamd van ‘hun’ toekomstige pleegkind met daarin allerlei verontrustende zaken. Een blikje bier, een rits condooms, een pakje sigaretten, een pornoblaadje en meer. 

Dan verzin ik scenarios. ‘Stel: je vindt condooms in de tas van je pleegdochter van 11, van haar eigen moeder gekregen. Stel je pleegzoon van 13 loopt naar de koelkast en pakt een blikje bier en trekt het open, want dat was op vrijdagavond ook altijd de gewoonte thuis. Mag jouw pleegkind van 15 roken? Porno kijken? Bij haar of zijn vriendin/vriend blijven slapen?’ Jaja, vuurwerk gegarandeerd! 

De mens of de overtuiging

Tijdens de verhitte gesprekken die volgen op zo’n pleegzorginformatieavond blijven mensen soms op hun eilandje zitten, maar vaker nog komen ze ervan af. Zwemmen ze even rond en bekijken de zaak vanaf de andere de kant.
Ook bij al actieve pleegouders zie ik dat het kan: zware ger-gemmers die liefdevol omgaan met een opstandige blowende anticonceptie-slikkende tienermeid. Je hebt altijd een keuze. Of vasthouden aan de overtuiging of de mens zien. 

Onze vooroordelen en dichtgetimmerde meningen bieden veiligheid en maken onze wereld voorspelbaar. Maar die wereld is helemaal niet voorspelbaar. De wereld is bezaaid met onvoorspelbare mensen met onvoorspelbare karakters, rugtassen en levensverhalen. Elke situatie, fase of omstandigheid waarin je de ander ontmoet, is uniek. En het is een kunst om vooroordelen los te laten en écht te kijken naar wie je tegenover je hebt staan.

Jezus prikte er dwars doorheen 

Jezus was daar overigens echt een pro in. Hij liet zich niet tegenhouden door de heersende opvattingen of culturele en religieuze regels. Hij prikte daar dwars doorheen. Hij zag mensen en situaties voor wat ze écht waren. Zat het liefst bij de regelbrekers, de hoeren, de brute belastinginners (de NSB’ers van die tijd zeg maar) en de mensen die vanwege hun afkomst of eetgewoonten niet bij de ‘echte incrowd’ aan tafel mochten. Hij kéék en ontmoette. En als hij door een geloofsfanaticus gewezen werd op een ‘belangrijke’ regel als de zondagsrust, dan ging hij direct aan de bak op diezelfde zondag. Om maar duidelijk te maken dat regels er zijn om te dienen, niet om te leiden. 

Ook ik moet dus aan de bak, mijn comfort zone verlaten en anderen uitdagen buiten de gebaande paden te denken. Want als je écht iemand wil dienen, moet je weten wat zijn of haar échte achterliggende behoeftes zijn en daarop inspelen, los van jouw aannames en meningen. Doe je dat niet, dan dien je vooral je eigen opvattingen over die persoon en daar is niemand, geen enkel kind of (potentiele) pleegouder mee geholpen. 

IJs op zondag

Eind jaren tachtig woonden wij in een klein dorpje aan de Lek, randje biblebelt. Geheel tegen de toen heersende opvatting over de zondagsrust in trakteerde mijn vader de dominee ons na de kerkdienst af en toe op een ijsje.

Misschien was dat een kleine daad van verzet, een speldenprikje om anderen een spiegel voor te houden. Of misschien keek hij écht naar ons en onze behoeften. Want ook domineeskinderen hebben altijd zin in ijs. Ook op zondagen.