Waarom Marjon juist nu hoop put uit het Bijbelverhaal van Esther

Waar haal je op dit moment hoop vandaan? Marjon moet veel denken aan het Bijbelverhaal van Esther. Daaruit leerde ze: in gekte en chaos dansen er ook altijd wendingen mee die niemand had kunnen bedenken…

Waarom Marjon juist nu hoop put uit het Bijbelverhaal van Esther

De wereld is gek
maar in de gekte
danst de wending
altijd mee
Klaar om het lot
met beide handen
te pakken en
rond te draaien
Net zolang totdat het
op z’n benen tolt
het onafwendbare
omgekeerd wordt

noem het moed
geluk, finesse
noem het God

Ik schreef deze woorden enkele weken terug na het lezen van het Bijbelboek Esther. Toen het coronavirus nog op veilige afstand leek en we nog heel wat meer controle hadden over ons dagelijks leven. Toen de wereld niet minder gek was, maar alles gewoon doorging en behoorlijk oké voelde.

Inmiddels is dat wel even anders. Al wil ik kalm en vol vertrouwen blijven, toch voel ik de spanning in m’n lijf, dat zo kwetsbaar is. Maar ik voel ook iets anders, een soort opwinding. Gevoed door nieuwsgierigheid wat het massaal stilgezet worden en doorbreken van de maakbaarheidsbubbel gaat doen met onze wereld.

Naast alle malende gedachten en zorgen popten ook de eerder geschreven woorden steeds weer op. Als een soort mantra herhaalde de eerste twee zinnen zich in mijn hoofd. Troostend en hoopvol omdat, al heb ik geen idee hoe, ze me eraan herinneren hoe er altijd wendingen meedansen.

Een wending van jewelste

Laat ik je even meenemen in mijn gedachten. In het Bijbelboek Esther zit het Joodse volk in ballingschap. Als tweede- of misschien zelfs derderangsburgers leven ze in een vreemd land onder de heerschappij van een nog vreemdere koning. Eéntje - die als zijn vrouw op een feest weigert voor hem te dansen - haar direct verbant en dan ook maar meteen een wet afkondigt dat vanaf nu de mannen heer en meester zijn over de vrouwen.

Voor zichzelf laat hij een nieuwe koningin zoeken, de mooiste en knapste van het land. Na heel wat first dates wordt Esther koningin. Een Joodse, zonder dat iemand weet heeft van haar afkomst. Deze Esther, die eigenlijk vierderangsburger is, speelt een cruciale rol in het vervolg van het verhaal. Op initiatief van de eerste minister zou namelijk het hele Joodse volk uitgemoord worden. Het is een wet in steen gehouwen die niet ongedaan kan worden gemaakt. Maar Esther krijgt het voor elkaar, door tegen alle regels in de koning te benaderen en te pleiten voor haar volk. Het resultaat: de zaken worden omgekeerd en niet de Joden maar hun tegenstanders delven het onderspit. Het verhaal eindigt met een volksfeest, met goed eten, drinken, delen en samenzijn: Purim.  

Het is een verhaal met een wending van jewelste. In een compleet gestoorde wereld geregeerd door eigenbelang en machtwellust wordt alles omgekeerd en doorbroken: de rollen, het lot, de structuren en onderlinge omgang.

Over muren heen

Als ik nu om me heen kijk, zie ik ze meedansen, de wendingen. Nog wat voorzichtig hier en daar, maar toch. Ieder voor zich wordt meer samen. De zpp’er lijkt eindelijk een stukje bescherming te krijgen. Ouderen voelen door alle maatregelen dat ze ertoe doen. Kerken tonen daadkracht over muren heen. Eigen werk is niet langer het allerbelangrijkste. Mensen over grenzen kunnen misschien op iets meer inlevingsvermogen rekenen nu we hier een heel klein beetje voelen hoe het is als je bestaanszekerheid wordt bedreigd.

Ik ben geen rasoptimist en kan achter alles een ‘maar’ plaatsen, maar dat doe ik nu even niet. Voor nu dans ik met ze mee…