Waarom Pasen en Pinksteren niet op één dag vallen

Hoe komt het dat er tussen Pasen en Pinksteren maar liefst 50 dagen zitten? Alain gaat op onderzoek uit, denkt eens diep na en komt tot de conclusie dat het helemaal zo gek niet is.

Waarom Pasen en Pinksteren niet op één dag vallen

Zodra onze nationale ‘intelligente lockdown’ werd aangekondigd wisten wij dat Pasen 2020 niet kon doorgaan. Of nou ja, niet doorgaan… Pasen heeft natuurlijk de hardnekkige gewoonte om altijd door te gaan, dwars door doodse zeeën van onmogelijkheid heen. Wel waren de kerkbanken leeg. Ik was niet de enige en zeker niet de eerste die toen een grapje twitterde over ‘Pasen en Pinksteren op één dag’. Tegen die tijd kunnen we misschien weer naar buiten, dachten we. En dan halen we Pasen gewoon in het Pinksterweekend in. Alles hup in één keer.

Dat is Bijbels gesproken helemaal niet zo’n gekke gedachte. De tijdlijn van Pasen – veertig dagen – Hemelvaart – tien dagen – Pinksteren is niet zo klaar als een klontje. Ik vind zelf dat Johannes in z’n evangelie suggereert dat het allemaal in kort tijdsbestek plaatsvond. Op Paasmorgen staat Maria uit Magdala bij het lege graf, en op diezelfde zondagavond zitten de leerlingen al bij elkaar. Bang opgesloten in hun huis. Jezus verschijnt, wenst ze vrede blaast over hen heen en geeft hun de Heilige Geest. Klinkt als een soort Pinksteren. Net als het slot van Lucas zelf. Dat suggereert al een soort hemelvaart en laatste zegen van Jezus aan zijn leerlingen. 

Joodse symboliek

Denk er eens over na en de gedachte van Pasen en Pinksteren op één dag is verhaaltechnisch best logisch. Wat moet Jezus nog veertig dagen op aarde als een soort opdoemende en weer vervagende geestverschijning? En als hij dan eenmaal op die wolk voor ’t laatst is verdwenen, waarom zou je nog tien dagen moeten wachten tot je zelf de geest krijgt en vrolijk met Jezus’ erfenis kunt gaan spelen op aarde? (Want dat is de betekenis van Pinksteren). 

Het eerste antwoord is joodse symboliek. Als Jezus veertig dagen in de woestijn moest vasten, en het volk van Mozes veertig jaar door de woestijn moest, dan mag de opgestane Jezus ook veertig dagen opgestaan zijn. Niets mis met zo’n hoopvolle nieuwe veertigdagentijd na de Lijdenstijd. Tegenover de periode van afzien mag ook een periode van herstel staan. Daarnaast staat de tijd tussen het joodse Pesach en het joodse Wekenfeest gewoon vast. Dat zijn vijftig dagen. Dus moeten Jezus’ eerste volgelingen ook vijftig dagen overbruggen in de biografie van hun jonge beweging. Pas op het Wekenfeest mag de boel helemaal los. (Hier leg ik de betekenis en herkomst van Pinksteren aan je uit en wat dat met het Wekenfeest te maken heeft.)

Niet te geloven

Daarmee komen we op het tweede antwoord. Het joodse Pesach viert de bevrijding van een tot slaaf gemaakt volk. Tegelijk viert het de eerste oogst. Zo vieren christenen met Pasen een bevrijdingsverhaal, en noemen ze Jezus de eerstgeborene uit de doden. Hij is de eerste oogst. Wie de Hebreeuwse verhalen kent weet echter dat je er daarmee nog niet bent. Want je kunt wel uit de slavernij zijn bevrijd, maar daarmee ben je nog niet automatisch in het Beloofde Land beland. Voordat je daar bent, de slavernij van je hebt afgeschud, en de angst en de benauwdheid en de rouw, ben je een woestijntijd verder. Veertig jaar zwerven.

Zo is het ook met de eerste oogst. Je plukt iets van het land en je kunt het bijna niet geloven. Vorige week stond ik nog met een sjaal en handschoenen, vandaag zit ik in een T-shirt in de zon. Is de winter dan echt voorbij, bloeit de natuur echt weer op? Zo is het ook met Pasen. Gisteren stond ik nog te schreeuwen bij Jezus’ graf, vandaag is de steen weggerold en wenst de opgestane mij vrede. Kan ik dit geloven, durf ik weer naar buiten, heb ik de pijn van gisteren al genoeg verwerkt? 

Het antwoord is nee. Met Pasen zeg je dat het lente is geworden, dat Jezus is opgestaan, dat de slaven zijn bevrijd. De oogst zelf is wel klaar, maar jij bent nog niet klaar voor de oogst. Voordat je kunt oogsten heb je nog een dag of veertig, vijftig nodig. Om alles kwijt te raken, een plek te geven en in nieuw, hoopvol perspectief te kunnen zetten. Je lichaam, ziel en geest die zich al die tijd vormden naar pijn, angst en knechtschap moeten weken de tijd nemen om zich te vormen naar een leven in vrijheid, geloof, liefde.

De oogst zelf is wel klaar, maar jij bent nog niet klaar voor de oogst.

Dat is waarom Pasen en Pinksteren niet op één dag vallen, en dat is goed. Wacht maar af, als we straks alle maatregelen mogen gaan versoepelen. Als er een vaccin gevonden mag worden. Als er meer informatie over het nieuwe virus is gevonden waardoor de pandemie beter beheersbaar is. Dan vier je feest, natuurlijk. Maar de hele maatschappij staat nog naar voorzichtigheid, naar verlies, naar je schrap zetten. Aan het einde van deze crisis zullen we de tijd moeten nemen voordat we onze verlossing ook echt kunnen gaan oogsten.